Het is half tien ’s avonds. De woorden identiteit, sociaalcognitieve structuur en grensverlegging gieren door m’n hoofd heen. Nú is het genoeg, weg met die papieren: dat tentamen komt later wel. Het is tijd om af te reageren. Een potje Pro Evolution Soccer 5? Nee, te slapjes. Opeens weet ik het: het is tijd om die gouweh ouweh Quake III Arena weer eens te installeren!

Ja, dames en heren, kent u hem nog? Die meesterlijke online shooter van id Software, de tegenhanger van Unreal Tournament. Vroeger, lang lang geleden, was ik een groot fan van de game. Samen met vrienden sprak ik af om na het eten van mams online te komen, en elkaar alle hoeken van de pixelarena te laten zien. Het schijfje Quake III Arena was echter al in geen jaren meer in mijn CD-lade gegaan en de zoektocht om het kreng te vinden begon. Een safari door m’n kamer later, stormde ik trots naar m’n huisgenoot toe: “Zin in een potje Quake III Arena?”. Zijn ogen begonnen te fonkelen. Als één van mijn fragvrienden van destijds, was het antwoord simpel: “Kom maar op, ik Rail je helemaal neer!”. The game was on.

Een kwartier later hadden we de game beiden geïnstalleerd en kon, na de làààge stem die “Kweeeehk thriee Ariena!” grauwde aangehoord te hebben, de chaos losbarsten. Het vreemde aan ‘onze’ Quake III-tijd was dat we feitelijk maar op één map speelden: Q3Tourney4, een relatief kleine map zonder randen waar je af kunt donderen. Ik kende de gangen, platformen, ‘springkussens’, wapenplekken en ga zo maar door nog in detail, dus na vijf minuten gewenning schoot ik er weer lustig op los. En mijn god, wat voelt dat nog steeds lekker! M’n tong hing uit m’n mond toen ik met de Railgun mensen uit de lucht probeerde te spiesen en bij het plotseling opdoemen van spelers, verkampte ik helemaal, om in een reflex vervolgens toch nog dodelijk toe te slaan.

Na een half uurtje knallen kwamen we voldaan bij elkaar om tot de conclusie te komen dat Quake III Arena toch echt een meesterlijk spel blijft, dat zelfs zes jaar na dato nog hartstikke tof is. De positieve beleving van de game steekt een beetje af tegen mijn eerdere ervaring met het opnieuw spelen van oude klassiekers. Toen ik laatst Outcast, mijn favoriete game aller tijden, weer eens probeerde te installeren, dacht ik op dat moment toch even van: hmm, is dit het nou? Nu weer terugdenkend aan de game, zie ik daarentegen alleen maar weer de mooie beelden en avonturen. Maar ach, hoor mij nu mijmeren. Feit is dat ik lol heb beleefd aan een bejaarde, invalide en gerimpelde game, en dat voelt best goed!