Het voordeel van een botsende, beukende, schurende en scheurende, off-road rijdende product manager is wel dat we een beter beeld dan ooit hebben kunnen krijgen van het schademodel van WRC 3. Dat is best aardig. Na de eerste bocht schraapte de voorbumper al over het wegdek en drie bochten later konden we ook zien hoe het rechter voorwiel zwabberde als een blinde man op een eenwieler. De motorkap belandde niet veel verderop in de bosjes nadat een heuveltje verkeerd werd aangepakt en de zijkant van de rallywagen zag eruit alsof er een neushoorn tegenaan had geleund.

“Mocht je uit koers raken, is er gelukkig ook een terugspoelfunctie, zoals je die wel kent uit andere racegames, voor maximaal acht keer”, liet de productmanager nog even weten. Hij demonstreerde de functie op een recht stuk weg waar hij vol gas overheen scheurde. We wisten wel acht andere momenten die beter hadden gepast voor de demonstratie.

Het nadeel van een knallende, blinde, overenthousiaste en inzichtloze product manager is dat het weinig zin heeft om halverwege de controller in de handen gedrukt te krijgen en verder te rijden. Het pakketje schroot hobbelde mank over de finishlijn met de 26e tijd, daar viel weinig eer meer aan te behalen. Een nieuwe race met een wagen die er nog uitzag als een wagen, vertelde gelukkig meer. Zoals je mag verwachten van een rallygame is het enorm belangrijk om tijdig te remmen voor bochten (let je op meneer de product manager?!?) en vooral goed te luisteren naar je bijrijder.

Aangekondigde flauwe bochten zijn spectaculair met veel snelheid te nemen door even het gas los te laten, misschien de rem kort te toucheren en vervolgens vol gas de rallywagen een paar tandjes te draaien. Slippend, maar het momentum behoudend manoeuvreer je zo je bolide perfect in positie voor de volgende bocht. Alleen zo kom je verder bovenaan in het klassement. Helaas moesten we de controller halverwege weer even afgeven aan een volgende persoon, en die reed als de product manager van WRC 3. Ons mooie karretje maakte een koprol en ja, dat schadesysteem zag er nog steeds best oké uit. Ons wagentje niet meer.

Opvallend hierbij was echter wel dat de game vrij onvergeeflijk lijkt, mocht je onverhoeds van de baan schieten. Je flitst vrij snel weer terug op de baan en mag weer verder rijden. Contact met bomen werd daardoor steeds voorkomen en dat is toch jammer, niets is spectaculairder dan boom versus auto.

Remmen!

Na het geklungel, gezwabber en gecrash kon er gelukkig ook inhoudelijk nog het één en ander over WRC 3 gezegd worden. Alle officiële rijders uit de WRC zitten erin, de bijrijder kan in zes talen tegen je aan kletsen (BRAKE! BREMSEN! RÉPRIMER! Et cetera) en ook de parkoersen zoals je ze kent, zitten in de game. Specifiek werd Monte Carlo even aangehaald.

Ook qua (fine)tuning is het nodige mogelijk. De hoogte van de wagen, er kan geklooid worden met het differentieel, steering lock kan ingesteld worden, de vering en nog tal van dingen die vooral interessant zijn voor mensen die geen product manager van WRC 3 zijn. Gelukkig is de standaard setting prima, die paar extra procent winst is echt weggelegd voor de puristen.

Road to glory

WRC 3 moet wat moeilijker worden dan zijn voorganger, maar tegelijkertijd ook wat meer speelplezier bieden (dat althans volgens je weet wel). Hiervoor is de Road to Glory-modus in het leven geroepen. Hierin krijgen spelers verschillende uitdagingen voor hun kiezen die voltooid moeten worden. Voorbeelden hiervan zijn Drift-uitdagingen en opdrachten waarin je handmatig moet schakelen. In head-to-head races kun je het vervolgens opnemen tegen legendarische rallycoureurs en probeer je deze te verslaan.

Wat kunnen we dus concreet zeggen over WRC na dit alles? Dat de game solide oogt en de wagens dat (gelukkig) niet zijn. Dat er genoeg uitdaging in zit om je een flink tijdje bezig te houden. Dat er ook wat diepgang in lijkt te zitten, maar het spelplezier niet vergeten wordt. En we hopen dat de product manager veilig met de trein naar Keulen is gekomen en niet met de auto.