Attila wordt vooral een uitbreiding die de ervaren spelers weer even wakker schudt. Even wat dingen anders aanpakken, lijkt het devies in de nieuwe, stand alone-uitbreiding van Total War: Rome II. Dat blijkt niet alleen uit de tijdsperiode waarin de game zich gaat afspelen, namelijk zo rond 400 na Christus, maar ook uit de manier waarop facties worden aangestuurd. Dat wil zeker niet zeggen dat straks alles overboord gaat, want negentig procent van de game zal nog hetzelfde zijn als in zijn voorganger. Maar door die overige tien procent vraagt de game toch om een andere aanpak dan je gewend bent.

Om nog even terug te komen op de tijdsperiode, de tijd van een groot Romeinse Rijk is 400 na Christus wel voorbij. Steeds meer stammen keren zich tegen de grote rijken, maar ook tegen elkaar. Er is een grote koek te verdelen en iedereen wil daar een stukje van. Dit gegeven zal er voor zorgen dat de campagnekaart straks veel meer verdeeld zal zijn en dat facties, meer nog dan anders, vallen en rijzen. Vertrouw in ieder geval niemand, want je buurman kan ieder moment beslissen om jouw stukje grond te annexeren.

Stammenoorlog

Met de komst van de nieuwe stammen heeft The Creative Assembly ook een nieuwe Horde-structuur toegevoegd. Een op het eerste gezicht weinig indrukwekkende modus, maar eenmaal in-game eentje die de gameplay drastisch verandert. Stammen die beschikken over deze modus, kunnen op ieder moment hun boeltje pakken en verkassen naar betere oorden. Maar met deze optie komen uiteraard ook voor- en nadelen die je als factieleider goed tegen elkaar moet afwegen.

De stammen die beschikken over de Horde-structuur, zijn bij de aanvang van een Grand Campaign namelijk niet heel sterk en groot ten opzichte van de overige facties, waardoor het soms verstandig is om ergens anders je kamp op te slaan met het oog op eventuele aanvallen. Het is een hele rare gewaarwording wanneer je in een Total War-game geen vaste steden beheert, maar kleine, en bovenal mobiele, kampementen.

Met deze insteek veranderen ook je doelstellingen. In plaats van je direct te storten op andere facties is het vooral overleven geblazen in de eerste paar beurten. En terwijl je op zoek gaat naar een geschikte plek, zul je onderweg goed moeten bedenken wanneer je halt houdt en je troepen laat aansterken. Want heb je eenmaal je kamp opgeslagen, dan ben je uiterst kwetsbaar voor aanvallen van andere facties.

Maar een nomadisch volk of niet, uiteindelijk zul je ook voedsel moeten regelen voor je bevolking en blijft ook het politieke systeem een grote rol spelen. In Attila wordt dat laatste nog belangrijker dan voorheen. We merkten in onze previewversie al op dat we vaker te maken krijgen met politieke gebeurtenissen waar we op moeten reageren. Gebeurtenissen die direct een invloed hebben op je positie binnen jouw eigen factie en ver daarbuiten. Vergeet namelijk niet dat jij niet de enige stam bent die op zoek is naar eerherstel en een stukje grond voor de toekomst. En met een andere opbouw van jouw factie met losse legers die samen een stam vormen, kan het ook zomaar gebeuren dat een van je generaals besluit om niet langer onder jouw vlag verder te gaan. Het zijn problemen die je liever niet tegenkomt wanneer je net besluit om een grote Romeinse stad te plunderen.

We hebben nog niet genoeg uren in de game gestopt om te zien hoe de stammen zich verhouden ten opzichte van de grotere rijken wanneer de verhoudingen steeds meer verschuiven en Attila zelf meer en meer grond opeist (in de previewversie waren de Hunnen nog niet speelbaar). Maar wat we tot nu toe hebben gespeeld, heeft ons aangenaam verrast. Voor ervaren Total War-spelers voelt de Horde-structuur als iets verfrissend aan. Je oude vertrouwde speelstijl werkt niet meer en dat dwingt je om straks met andere tactieken en een andere speelstijl op de proppen te komen. En dat is misschien juist datgene waar de reeks een beetje om verlegen zat.