Aan het roer van The Last Story staat geen onbekende in het RPG-genre: Hironobu Sakaguchi, de bedenker van de Final Fantasy-reeks. Zijn bedrijf Mistwalker heeft een paar interessante games op de markt gebracht zoals Lost Odyssey, maar een echt grote hit laat nog op zich wachten. The Last Story zou wel eens die titel kunnen zijn. De nauwe samenwerking met Nintendo lijkt het ontwikkelproces namelijk voorlopig veel goed te hebben gedaan. Sakaguchi kreeg te horen dat hij zich vooral moest richten op de facetten waar hij en zijn bedrijf in uitblinken. Ze moesten een verhaal vertellen met een romantische inslag, waar vooral veel ruimte was voor de ontwikkeling van de personages.

Vreemde kracht

Het verhaal van The Last Story draait om hoofdrolspeler Zael en zijn kompanen. Deze groep huurlingen besluit af te reizen naar het eiland Lazulis, dat weinig last blijkt te hebben van de ernstige conflicten die het keizerrijk op het vasteland teisteren. Het gezelschap is op zoek naar werk en hoopt op dit eiland meer kans te maken dan op het onrustige vasteland. Van graaf Arganan, de heerser van Lazulis, krijgen ze een kans die ze eigenlijk niet mogen laten liggen. Het zou in een klap een einde maken aan hun onzekere bestaan. Het verhaal neemt een vreemde wending als de eerste missie voor deze nieuwe werkgever aanvangt en Zael ontdekt dat hij over een vreemde kracht in zijn hand beschikt.

De eerste uren van het spel worden gebruikt om de speler wegwijs te maken in de vele mogelijkheden tijdens een gevecht. En dat zijn er behoorlijk wat. Het verhaal kent eigenlijk geen grote openingsscène. Je begint gewoon met spelen en voor je het weet ben je samen met je teamleden in een spannend gevecht beland. Zo leer je meteen dat er voor een standaard aanval weinig anders nodig is dan simpelweg op de tegenstander af rennen. De rest gaat vanzelf. De magische krachten van Zael blijken meteen erg nuttig: zo kan hij de vijanden naar zich toe trekken, zodat alle aanvallen op hem worden gericht en de medestrijders even een adempauze kunnen nemen. Deze kracht komt ook op andere manieren van pas, bijvoorbeeld door een grote tegenstander naar een bepaalde positie te lokken waar deze makkelijk in een ravijn kan vallen.

Magische cirkels

De gevechten zijn een combinatie tussen real-time actie en invoer van speciale aanvallen. Naast het aantrekken van de tegenstanders kun je bijvoorbeeld met je maatje Yurick magische cirkels laten plaatsen op het speelveld. Deze kunnen verschillende effecten op anderen hebben, zoals een cirkel die de gezondheid van de medespelers automatisch op peil houdt. Ook de omgeving wordt gebruikt: laat Yurick weten welke rotsblokken moeten vallen en hij wendt zijn magische krachten zo aan dat het puin bovenop een tegenstander valt. Een andere beweging die je leert, is je ergens verstoppen en dan met een zogenaamde Slash-beweging vanuit de dekking komen om zo door een sterk pantser te snijden.

Na de eerste uren gespeeld te hebben, blijkt The Last Story een serieuze RPG geworden die je zonder twijfel onder de Japanse variant van het genre moet schuiven. In The Last Story word je duidelijk aan de hand geleid in een strak geregisseerd verhaal met tussenfilmpjes, waarin je in het tempo van de regisseur kennismaakt met nieuwe vaardigheden en personages. De extravagante kleding, zoals kekke ooglapjes, opvallende gespen, blote ruggen, lage broeken en prominente tatoeages zijn herkenbare elementen van de JRPG. Ook de geroemde Japanse componist Nobuo Uematsu – die van die bekende Final Fantasy-deuntjes - levert met zijn meeslepende melancholieke melodieën een indrukwekkende bijdrage aan de Japanse rollenspelsfeer.

The Last Story lijkt door zijn serieuze toon en karakteristieke Japanse uitstraling iets meer gericht op de echte RPG-fanaat dan Xenoblade Chronicles, dat door zijn grootste speelwerelden en lage instapdrempel voor een groot publiek geschikt was. The Last Story maakt ook geen gebruik van bewegingsgevoelige besturing en kun je dus ook lekker met de traditionele controller spelen. Vooral belangrijk lijkt het verhaal, het strategisch gebruik van de aanvalsmogelijkheden en de vele mogelijkheden om zaken naar eigen smaak aan te passen, zoals de kleur van je uitrusting. En net als Xenoblade zijn de stemmen in prima Engels verzorgd.