De mensen met wie je een eeuw geleden in één van de vele Arks (kleine ondergrondse schuilplaatsen) werd opgesloten, zijn nu vergaan tot skeletten, geborgen in hun futuristische cocons. In tegenstelling tot hen, word jij wel wakker. Wie je bent, welk jaar het is en of er overlevenden zijn weet je niet. Je weet niets, eigenlijk. De stem van de president klinkt door de speakers. Jij bent de laatste hoop van de mensheid, zegt ‘ie. Maar afgaand op wat je ziet, is alle hoop al lang en breed vervlogen.

Details

Rage mikt met de korte openingsscène op eenzelfde beleving als Fallout 3, zij het met een scéne die nog geen twee minuten lang is. Hoewel je niets weet over de wereld die buiten de Ark schuilgaat, gaan al gauw de deuren van de kleine schuilplaats open. Het uitzicht van het post-apocalyptische landschap is schitterend, al duurt het even voor het zich in al zijn glorie toont. Helaas heeft de engine van Rage, id Tech 5, moeite met het inladen van textures.

Maar als het dan zo ver is, stelt het paradepaardje van id Software niet teleur. Vooral het detail van de omgevingen is bewonderenswaardig. Hoewel het landschap van Rage vooral bestaat uit rotsen, zand en vergane industriële complexen, is de wereld heel zorgvuldig opgebouwd. Dat maakt de omgevingen zowel desolaat als levendig. Zeker in de steden, waar ieder gebouw hopeloosheid uitstraalt en belangrijke personages uitstekende monologen afsteken. De wereld van Rage is eenzaam en verrot, maar kent genoeg diepgang om er met genoegen in te verdwalen.

In het spel neem je opdrachten van anderen aan. Doe je hen een dienst, dan krijg je daar geld, betere wapens en bovenal advies of duiding voor terug. En dat laatste heb je nodig. Mutanten, steden die weggevaagd zijn, de machtsverdelingen: de aarde in Rage is niet de aarde die jij achterliet toen je de Ark binnenwandelde. De mensheid vecht om te overleven en spaart daarbij zijn eigen soort niet. Ook jij baant je een weg door de nieuwe hel en lost de klusjes op die anderen niet op willen of kunnen opknappen. Wat jou dan zo speciaal maakt wordt niet geheel duidelijk. Wel waren de personen die in de Ark bewaard werden aanzienlijk intelligenter en fysiek sterker dan de doorsnee mens.

Zandbak

Rage kweekt de illusie dat je net als Fallout 3 en de GTA-serie vrij bent om te gaan en staan waar je wilt. In zekere zin is dat zo, maar eigenlijk begeef je je tijdens een missie constant op afgebakende paden. De enige structurele vrijheid zit ‘m in de volgorde waarin je missies tot een einde brengt. Begrijp ons niet verkeerd: je kunt overal heen, maar de ware charme van Rage zit niet in het verkennen van de zanderige vlaktes. De missies leiden je daar vanzelf wel langs. En zo niet, dan is er waarschijnlijk ook niets te vinden.

Hoewel Rage geen open wereld-game pur sang is, heb je alsnog gedegen vervoer nodig om lange afstanden te overbruggen. Aan het begin van de game krijg je een barrel toegewezen, maar later in de game kun je voertuigen uitbouwen met raketwerpers en volautomatische geweren. De wereld van Rage is gevuld met bandieten en mutanten, dus dat is geen overbodige luxe. Bovendien speelt racen een grote rol, noodgedwongen in missies maar ook in steden, waar het vrijwillig is.

Schieten

Het arcade-achtige racen is leuk, maar we kregen al snel heimwee naar de eigenlijke kern van Rage: schieten op tuig. En dat stelt niet teleur. Rage laat je vier wapens tegelijkertijd dragen die ieder ieder vier verschillende ammunitiesoorten kennen. En dat heb je nodig om de slimme kunstmatige intelligentie te lijf te gaan. Vijanden zoeken werkelijk dekking wanneer dat nodig is en wanneer een groepje bad guys door je kogels wordt uitgedund, zullen de overgebleven tegenstanders zich enigszins terugtrekken. Vanuit die positie zoeken zij een nieuwe beschutting om je onder vuur te nemen.

Het verzamelaspect in Rage speelt een niet te onderschatten rol: geld is essentieel om het wapenarsenaal van je personage te verbeteren. Bovendien koop je er kogels mee, die je aanvankelijk nog niet zelf kunt maken. In het begin, nog zonder de betere wapens, leg je waarschijnlijk meermaals het loodje. Veel vijanden zijn dan nog sterker dan jij bent. Gelukkig betekent doodgaan niet per se het einde in Rage. Aan de hand van een korte minigame kun je jezelf defibrilleren. Daarmee kom je zelf weer tot leven, maar elektrocuteer je ook alle tegenstanders die om je heen stonden toen je doodging. Het lijkt in eerste instantie wat lafjes, maar later leer je de tweede kans wel waarderen. Rage is niet gemakkelijk en het gebrek aan savepoints (als je zelf vergeet te saven) maakt van doodgaan een kleine ramp.

Lonesome cowboy

Onze eerste lange speelsessie met Rage voelde kort aan. De wereld mag dan misschien niet zo open zijn als we hadden gehoopt, het gaf alsnog dat felbegeerde ‘lonesome cowboy’-gevoel. Gelijk wilden we alle steden, geheimen en wapens op eigen houtje ontdekken. Want dat er daar veel van zijn, werd in de drie uur die we speelden wel duidelijk. Het is alleen nog even afwachten hoe zowel het racen als het schieten gedoseerd is en of die combinatie de hele singleplayer leuk blijft. Afgaande op wat we tot nu toe gezien hebben, lijkt dat wel goed te zitten. De wereld van Rage is misschien dan wel een somber, post-apocalyptisch landschap, maar wij willen er maar wat graag langer in vertoeven.