Maar Battlefield wordt met recht het meest aangehaald. Zo wordt er kort verteld over een Gardens & Graveyards-speltype dat vergelijkbaar moet zijn met Rush uit Battlefield en is er op de Xbox One een Commander-modus aanwezig. Als het tijd wordt om de game te gaan spelen, krijgen we de mogelijkheid om Team Vanquish aan de tand te voelen. In deze modus nemen teams van twaalf spelers het tegen elkaar op. Aan de ene kant heb je de planten en aan de andere kant uiteraard de zombies.

Garden Warfare

Team Battlefield of Duty

Iedere speler heeft de keuze uit vier verschillende klassen, die bij beide partijen niet volledig hetzelfde zijn. Ook hier is de invloed van Battlefield duidelijk merkbaar, maar komt tevens Team Fortress 2 om de hoek kijken. Zo heb je bij de zombies de All-star, die vergelijkbaar is met de Heavy-klasse uit TF2. Een forse zombie, die met zijn grote geweer in hoog tempo American Footballs op de vijand afvuurt en daarnaast vijanden omver kan beuken met een charge-aanval. De footsoldier is wat meer een all-round-klasse met een simpel wapen en een redelijke bepantsering. Dan is er de scientist, die vooral als ondersteuning fungeert en veel doktertje moet spelen om iedereen in leven te houden. De engineer is meer van het zwaardere geschut en kan met zijn drilboor menig vijand uitschakelen die te dichtbij komt, terwijl hij met zijn geweer ook van afstand de nodige schade aanricht.

Aan de kant van de planten heb je de Peashooter, die net als de footsoldier bij de zombies vrij all-round is, maar daarnaast ook kenmerken van een supportklasse vertoont. Hij heeft namelijk de mogelijkheid om zijn wortels in de grond te steken en als zwaar machinegeweer te fungeren. Dit laat zien dat er niet simpel een mal van de klassen van Battlefield is overgenomen, maar dat verschillende attributen gemengd zijn om nieuwe klassen te vormen, zonder dat de balans weg is. Het team van de planten wordt verder aangevuld met de Sunflower, die net als de scientist een medic is, de Chomper die als enige in het spel een pure mêlée-klasse is, en de Cactus, een sniper.

Terwijl er maar vier vaste klassen zijn, heeft iedere klasse wel meerdere variaties die je in de loop van het spel vrijspeelt door aan gestelde uitdagen te voldoen. Deze variaties zijn in sommige gevallen puur cosmetisch, maar een flink aantal verandert één of meerdere van je aanvallen. Zo is de Cactus te veranderen in een IJscactus, die met zijn naalden vijanden kan bevriezen. En is er een Canadese variatie van de All-star die met ijshockey-pucks schiet in plaats van American Footballs.

Kies je favoriet

Omdat je elke ronde van team wisselt, heb je al gauw bij beide partijen een favoriete klasse te pakken. Voor ons is dat de Peashooter bij de planten. Vooral vanwege de aardige hoeveelheid klappen die hij kan hebben, zijn niet al te slappe erwtenschieter en de mogelijkheid om als zwaar machinegeweer te fungeren. De Chomper is wat ons betreft iets meer voor de gevorderde spelers, want het is best lastig om vlakbij een tegenstander te komen. Voor de Cactus moet je wat meer geduld hebben en je vooral van afstand met de strijd bemoeien. Hetzelfde geldt overigens voor de Sunflower.

Bij de zombies hebben we het idee dat de All-star op dit moment nog een beetje te krachtig is. Met zijn machtige American Football-geweer leg je op hoge snelheid het vuur aan de wortels bij de tegenstander en wanneer je omsingeld bent door een groepje vijanden gooi je er een charge-aanval tegenaan. Met deze klasse stonden we dan ook een aantal keer bovenaan de scorelijst aan het eind van een ronde. Het uitbalanceren van alle klassen is natuurlijk iets wat tot het einde van de ontwikkeling doorgaat, dus we verwachten wel dat er nog het een en ander gaat veranderen.

Garden Warfare

Why so serious?

Overigens is het niet zo dat er een kill/death-ratio in de game zit. Er wordt sowieso niet gesproken van 'kills', maar van 'vanquishes'. Je positie in de stand wordt bepaald aan de hand van het aantal vanquishes dat je maakt en de punten die je daarmee verdient, en met het ondersteunen van je teamgenoten. Het is iets wat nog verder het beeld versterkt dat Garden Warfare draait om het plezier tijdens het spelen van een shooter. Met zijn kleurrijke levels en soms grappige aanvallen schiet de game wat dat betreft in de roos. Je bent veel minder serieus bezig als er voor je een dikke zombie op een drilboor voorbij komt stuiteren, terwijl er naast je iemand in één hap verslonden wordt door een Chomper. Wat dat betreft is Gotham City Imposters de enige recente shooter die enigszins in de buurt van dezelfde beleving komt als die we bij Garden Warfare ervaren.

Net als Gotham City Imposters is deze game overigens enkel online te spelen. Tot maximaal 24 man vechten het uit in Team Vanquish, er is de eerder genoemde Gardens & Graveyards-modus en daarnaast biedt het spel ook een coöperatieve modus voor vier spelers waarin je het met de planten tegen hordes zombies opneemt. Deze laatste modus ligt wat meer in het verlengde van de oorspronkelijke Plants vs Zombies-titels. Tevens is het mogelijk om met twee spelers in splitscreen te spelen.

We vragen ons na de vrij korte speelsessie echter wel af hoe lang het spel leuk blijft om te spelen. We zien dit namelijk niet als een game die je uren, dan wel dagen aaneen blijft spelen. Het is meer iets wat je af en toe een avond speelt of lekker even tussendoor doet. Vergelijkbaar met een groot deel van de losse downloadbare spellen van de huidige generatie dus. Met een prijs van dertig euro voor de Xbox 360-versie en veertig euro voor de Xbox One-versie schrikken ze wellicht een hoop mensen in eerste instantie af. Zelf hadden we de prijs zo rond de twintig euro verwacht, gezien de tien maps bij lancering en de drie spelmodi. Misschien is het meteen ook meer een investering in de toekomstige content, want wanneer er downloadbare uitbreidingen komen, worden deze gratis aangeboden hebben we ons laten vertellen. Of het genoeg is moeten we nog even afwachten, maar voor nu hebben we ons in ieder geval prima vermaakt.