Ori and the Blind Forest is namelijk van alles wat. De grootste bron van inspiratie zijn de Metroid en Castlevania-games van weleer. Je speelt als een klein bosdiertje die zijn mentor moet zien te bevrijden uit de klauwen van een monsterachtige uil. Iedere vaardigheid die je vindt of krijgt, verschaft je meer toegang tot delen van het bos. Het is de klassieke Metroidvania-formule, maar dan verwikkeld in een verhaal over volwassen worden. Het steeds sterker en veelzijdiger worden is volgens Moon Studios een uitstekende metafoor voor een coming of age-verhaal.

Vloeiende animaties

In hoeverre we Ori zullen zien opgroeien is nog even onduidelijk, maar we weten wel al weet meer over hoe de game uiteindelijk gaat spelen. Zo veel verschillende mensen er aan de game meewerken, zo divers is ook de lijst aan games die als inspiratiebron hebben gediend. Super Metroid ligt natuurlijk voor de hand, maar het platformen moet het vooral hebben van games zoals Super Mario Bros. en Super Meat Boy.

Dat wil zeggen: strakke sprongen maken zonder enig zweverig gedoe. Ori and the Blind Forest moet uiteindelijk net zoveel een uitstekende platformer worden als een goede Metroidvania en met dat eerste lijkt het na een paar minuten al helemaal goed te zitten. Iedere beweging en animatie is zo verschrikkelijk mooi en vloeiend dat rondrennen en springen eigenlijk onmiddellijk al vertrouwd voelt.

Souls en Skills

Iets minder natuurlijk voelen de aanvallen. Ori kan namelijk ook met behulp van één van zijn eerste upgrades geestachtige witte vonken afvuren. Deze aanval gaat direct op de vijanden af. Richten is niet nodig, waardoor vijanden uitschakelen in het korte stukje van de game wel heel erg oppervlakkig overkwam.

Ori and the Blind Forest wordt ongetwijfeld nog een stukje dieper naarmate er meer upgrades toegevoegd zijn aan het arsenaal en de moeilijkheidsgraad langzaamaan omhoog is geschroefd. Voor de echt lastige momenten is er zelfs een speciale functie bedacht: de zogenaamde Soul Link. Dit speciale punt kun je op veilige plekken in de 2D levels neerleggen. Leg je vlak daarna het loodje, dan keer je weer terug naar deze link. Zo worden lastige punten in de game een stuk beter te overbruggen.

Die Soul Link is een uitstekend voorbeeld van een vaardigheid die je kunt vinden in de Skill Three. Naast nieuwe upgrades die je in het bos verzamelt zijn er namelijk ook skills waar je naar eigen inzicht in kunt investeren. De mogelijkheid om meer Soul Links te plaatsen bijvoorbeeld, of meer health voor Ori. Het geeft de speler wat vrijheid in een game die waarschijnlijk al niet zo lineair in elkaar steekt.

Op wat voor manier je ook het spel doorloopt, van laadtijden zul je weinig last hebben. De game streamt namelijk constant nieuwe gedeeltes in tijdens het spelen. Zo loop je naadloos van de ene omgeving naar de andere zonder dat je soms voor een deur of trage lift staat te wachten.

In ieder opzicht heeft Ori and the Blind Forest het hart op de juiste plaats en Moon Studios lijkt maar al te goed te weten dat ze goud in handen hebben. Met de juiste inspiratiebronnen en slim leenwerk van andere games zou Ori and the Blind Forest zomaar dé Metroidvania kunnen worden voor een nieuwe generatie.