De spanning is te snijden tijdens de speech van NamcoBandai Partners op de NamcoBandai Global Gamers Day. Het kopstuk op het podium orakelt over Dragonball Z, over hoe de serie al sinds zijn ontstaan miljoenen fans wereldwijd bedient, ontroert en vermaakt. Op de schermen achter ‘m verschijnen de beelden uit verschillende tijdperken. De man heeft gelijk, de briljante animatieserie heeft zijn strepen al ruimschoots en op verschillende fronten verdient. De speech gaat verder en de vele Dragonball Z-games die de afgelopen jaren verschenen, worden benoemd en getoond. Fighter, fighter, fighter, fighter, fighter. De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat een nieuwe fighter ons niet direct enthousiast zou maken. En dan valt het verlossende woord. Als een Japanse Messias heft de man op het podium zijn handen naar de hemel: het is tijd voor iets anders!

Tromgeroffel… Kinect!

Onze gedachten dwalen af. Een heus avontuur in HD?! Een urenslurpend rollenspel met onze helden?! Zou het dan eindelijk? En dan valt het niet zo verlossende woord: Kinect. De verkoopcijfers (lijken te) bewijzen dat er een doelgroep is voor Microsofts Kinect, absoluut. Maar hoeveel heeft het apparaat de doorgewinterde gamer gebracht sinds zijn komst? Bar weinig, op een zeldzame titel als Child of Eden en een toegevoegde besturingsmogelijkheid in Mass Effect na. Neem het ons eens kwalijk dat dit niet de revelatie is waar we op gehoopt hadden.

Met een zak vol vooroordelen nemen we tijdens een speelsessie plaats voor de Kinect-camera In een kamer vol hardcore titels als Tekken Tag Tournament 2, Dirt Showdown en Ni No Kuni staat in de hoek een lullig wit schermpje. Daarachter: het allesziende oog van Microsofts hardware en een verse Dragonball Z-game. We zijn er niet voor niets en dus gaan we netjes staan. Een medewerker van NamcoBandai legt ons uit dat we door de ogen van Goku kijken en we nemen het, in de ultrakarakteristieke groengebergte omgeving, op tegen de beresterke Raditz.

Vooroordelen wegslaan

Verdere uitleg is niet nodig, de icoontjes in beeld doen hun werk. In de voor fans bekende gehurkte positie laden we onze energie op. Die gebruiken we vervolgens om een – voor de fans nog veel bekendere – kamehameha af te schieten. Armen naar achter om ‘m op te laden, armen naar voren rammen om de dikke stoot energie uit onze handen te laten schieten. En tussendoor? Heel veel rammen en trappen. En op het moment dat Raditz na al die klappen en trappen even versuft is? Nog meer, nog sneller en nog harder proberen te rammen en klappen, maar dan van heel dichtbij.

Als we vijf minuten (langer hadden we niet nodig om het Raditz-demootje te beslechten) later achter het Kinect-doek wegstappen, moeten we nog even van de schrik bekomen. Wat blijkt: dit is hartstikke leuk! In deze ideale opstelling viel het vooral op hoe precies alles geregistreerd werd. Hoeken, directe klappen, linker- en rechtertrappen: de game slaagt erin om het perfect te vertalen naar actie op het scherm en belangrijker nog, we hebben ook echt het gevoel dat onze aanvallen hun doelwit raken. Onderschat niet hoe belangrijk dat is voor een game als deze. Als dit spel je het idee geeft dat je (zoals je eigenlijk ook doet natuurlijk) in de lucht staat te hengsten, dan is de charme direct weg. Je wilt je een Saiyan voelen. Dat kan alleen als je voelt dat je Raditz beuken geeft.

De eerste stap

De eerste horde heeft Dragonball Z Kinect alvast genomen. Er komen er nog talloze, want hoe uitgebreid gaat bijvoorbeeld de story mode zijn? Hoeveel variatie gaat de gameplay bevatten en hoelang blijft dit vermomde schaduwboksen leuk? Allemaal legitieme vragen, maar voorlopig zegt het veel dat deze vragen überhaupt nog van belang zijn, wat allemaal komt omdat het in de basis goed lijkt te zitten. En dus wachten we netjes af. Op wéér een Dragon Ball Z-fighter. Maar wel eentje die dingen een beetje anders doet.