De Command & Conquer-reeks kampt al jaren met hetzelfde probleem: de innovaties van nieuwe delen vielen uit de toon. De nieuwigheden in bijvoorbeeld Command & Conquer 3: Tiberium Wars rijmen totaal niet met dat wat de serie zo vermakelijk maakt: de simpele maar vermakelijke ‘bouw en vernietig’-gameplay waar Command & Conquer (what’s in a name?) zijn bekendheid aan ontleent.

Terug naar de kern

Victory Games was zich daar al in het vroegste stadium van ontwikkeling van bewust. De studio besloot de tijd te nemen juist de basisbeginselen te perfectioneren en randzaken te laten voor wat ze zijn. Later werd besloten dat de game free-to-play zou worden. Omdat een gratis game geen winkelversie kent, is de releasedatum minder specifiek.

Het besluit gaf Victory meer tijd goed over de game na te denken en sommige ontwikkelingskeuzes uitvoerig te testen. De ontwikkelaar kwam tot de conclusie dat terugkeren naar de basis de enige manier was om Command & Conquer eer aan te doen. Een basis die bestaat uit het vergaren van bouwstoffen, het bouwen van een thuishonk en het aanvallen, of liever verpletteren van de tegenstander. En dat alles in het bekende universum van Command & Conquer Generals.

Basis voor diversiteit

Het resourcemanagement, produceren van tanks en infanterie, upgraden van je units en inzetten van de speciale Generals-vaardigheden (een area of effect-heal, bijvoorbeeld), alles werkt daarom exact hetzelfde als in Generals. Hetzelfde gaat op voor de gameplay: tank rushes enerzijds, het uitdelen van tactvolle speldenprikken anderzijds. Hierbij komt ook genoeg diepgang kijken, want je eenheden verschillen onderling enorm en kennen alle sterktes en zwaktes. Het is eigenlijk aan jou of je tactisch gezien het onderste uit de kan haalt.

En juist dat maakt de game zo ouderwets leuk: de balans is ijzersterk, wat een fundering legt voor een hele trits aan speelstijlen. Nieuwelingen kunnen prima met de game uit de voeten, terwijl er genoeg diepgang is om veteranen wekenlang aan hun scherm gekluisterd te houden.

De praktijk wijst dat ook uit. Ons eerste potje verliezen we genadeloos omdat we niet stil stonden bij het bouwen van luchtafweergeschut. Het tweede potje gaat ons beter af, vooral omdat we zo snel mogelijk de hoogste upgrade voor onze tankbasis halen en de ene na de andere moordmachine op zijn rupsbanden de fabriek zien verlaten. Jawel, daar issie weer, de tank rush. En inderdaad, tegen een leger van dertig gepantserde rossen is onze tegenstander niet bestand. Geheel in de stijl van Command & Conquer zegt dat weinig. Het volgende potje verplettert hij ons met zijn luchteenheden en is de strijd in luttele minuten beslist.

Free-to-play

Na drie potjes zit het erop en worden we van de PC weg geslagen. Helaas, want dat is net niet lang genoeg om een voorzichtig verdict te geven. We kunnen in ieder geval beamen dat Command & Conquer met zijn gameplay inderdaad is teruggekeerd naar zijn roots, precies zoals Victory Games dat zelf stelt. Het is weer ouderwets leuk om met verschillende tactieken te experimenteren. Het schaar-papier-steen-principe (iedere unit heeft is tegen andere specifieke units opgewassen of juist erg kwetsbaar) leent zich daar uitstekend voor.

Wat bij ons een beetje knaagt, heeft meer van doen met het feit dat de game free-to-play is. We snappen die keuze simpelweg niet. Natuurlijk heeft Victory Games daardoor meer tijd een goede game af te leveren, maar uitgever Electronic Arts is geen liefdadigheidsstichting. Er moet geld verdiend worden. Hoewel Victory Games beweert dat geen sprake is van het ‘betalen om te winnen’-principe, is dat wel het enige principe waarmee echt grof geld verdiend wordt. Verscheidene ontwikkelaars hebben ons in het verleden op dat vlak teleurgesteld, enkel omdat ze achteraf ontdekten dat ‘pay-to-win’ op de korte termijn lucratiever is. En Battlefield Heroes en Need For Speed World van EA hebben in dat opzicht ook geen smetteloze reputatie.

Daarnaast ziet de game er puik uit, mede dankzij de prachtige destructie die de Frostbite-engine toestaat. We snappen simpelweg niet waarom het gratis wordt, want alles wijst erop dat dit de game is waarvoor mensen juist graag willen betalen.

Command & Conquer kan anderzijds een volgende katalysator voor free-to-play vormen. Als het goed gaat en het verdienmodel blijkt te werken zonder echte nadelen, gaan er gegarandeerd meer grote games volgen. Misschien moeten we het businessmodel daarom niet belangrijker maken dan het is, want met de gameplay lijkt het absoluut de goede kant op te gaan. Er ligt voor het eerst sinds jaren een veelbelovende fundering voor een nieuwe lijn aan ouderwets goede Command & Conquer-titels.

Lees ook ons interview met de ontwikkkelaar.