Voordat we helemaal los mogen gaan moeten we eerst een tutorial doorlopen, die ons de het fijne leert over het wapengebruik, het à la minute wisselen van klassen en het gebruiken van de omgeving om bij je doel te komen. Na even snel wat gekke kleuren op ons wapen gespoten te hebben, duiken we ons eerste gevecht in en al snel zijn we gewend geraakt aan de terugslag van de verschillende wapens. Niet gek natuurlijk, ontwikkelaar Splash Damage heeft met zijn Enemy Territory-games al genoeg ervaring met shooters. Tijdens een vrij hectisch vuurgevecht blijkt het schieten zich lekker te laten afwisselen met mêleeaanvallen en granaatworpen. Hierna maken we kennis met het wisselen van klassen bij zogeheten commandoposten. Er moet namelijk een generator onschadelijk gemaakt worden, en hiervoor heb je een ingenieur nodig. Zodra we van soldaat naar ingenieur veranderen, valt ons direct op dat ook onze bijzondere vaardigheid verandert. Waar we eerst om de zoveel tijd onze ammunitie zelf konden aanvullen, vergroten we nu tijdelijk de vuurkracht van zowel onze eigen wapens als die van onze teamgenoten. Ten slotte leren we hoe het S.M.A.R.T.-systeem je met een druk op de knop laat springen en klauteren door simpelweg de juiste kant op te kijken en naar voren te drukken. Met al deze opgedane kennis zijn we in staat om het laatste missiedoel te bereiken en zijn we eindelijk klaar voor het echte (team)werk.

Alfamannetjes en kuddedieren

Ed is er klaar voor en vertelt ons enthousiast nog even over de RPG-achtige wijze waarop je ervaring opdoet tijdens het spelen. Hierdoor kun je speciale vaardigheden vrijspelen, die je per klasse van tevoren kunt vastleggen in jouw persoonlijke configuratie. De vaardigheden variëren van het gewaarschuwd worden wanneer iemand op je richt tot het versterken van bestaande vaardigheden of zelfs de fysieke kracht van je personage. Zo kun je bijvoorbeeld leniger worden, wat je weer in staat stelt om hoger te klimmen en verder te springen dan anderen, waardoor je routes kunt nemen waar alleen jij bij kunt. Eenmaal voorbereid duiken we vol op de volgende missie, waarbij het de bedoeling is de beveiliging en apparatuur van de tegenstander uit te schakelen. Deze missies werk je in willekeurige volgorde af en door ze te selecteren uit je missiemenu krijg je vanzelf een pijl die je naar je huidige doel wijst. Neem je een alternatieve route dan past het navigatie-apparaat zich net als een GPSaan. Het probeert je niet tot één enkele route te verplichten. Er zijn naast de hoofddoelen ook subdoelen te behalen, zoals het veroveren van commandoposten. Hierdoor maak je het de tegenstander niet alleen lastig, maar kun je ook sneller je hoofddoel bereiken. Omdat je in een team speelt, wijst de rollenverdeling zich redelijk vanzelf en zie je snel genoeg wie de alfamannetjes zijn en wie de kuddedieren. Het alfamannetje neemt de leidende rol en duikt direct op de hoofddoelen af, maar is afhankelijk van de bescherming van de kudde om het er ook daadwerkelijk succesvol vanaf te brengen.

Daar zien we het dan ook regelmatig mis gaan in de eerste paar pogingen. Zonder teamspeak of vergelijkbaar spraaksysteem is het onmogelijk om snel te overleggen. Het gevolg is dat er enkele teamleden als kippen zonder kop wegrennen terwijl de rest nog in conclaaf achterblijft als een stel makke schapen. Het duurt niet lang voordat de kippen zijn afgeslacht en het tijd wordt voor een nieuw plan. Er van overtuigd dat we het beter kunnen gaan we er in ons eentje vandoor. Een beetje goede schutter merkt dat Brink ook als lone wolf te doen is, maar we kunnen niet ontkennen dat we erg blij worden wanneer plots Ed met de rest van het team achter ons verschijnt in een vuurgevecht. Een vuurgevecht dat we bijna verloren hadden, omdat we nog druk bezig waren de vijandelijke apparatuur onschadelijk te maken. Al gauw leert het team dat samenwerken toch z’n vruchten afwerpt en duurt het niet lang voordat iedereen z’n optimale rol vindt. Dat wil overigens nog niet zeggen dat het spel opeens gemakkelijker wordt. Dankzij allerlei listen en de voordelen van bepaalde klassen worden we regelmatig beetgenomen door spionnen die verkleed zijn als onze teamgenoten, en vijanden die dood lijken maar je plots in de rug schieten. Uiteraard nemen we dit gedrag al snel over waardoor de balans weer gevonden wordt.

Spelplezier

En daar ligt de kracht van Brink. De game lijkt op het eerste gezicht nergens echt bijzonder sterk: grafisch ziet het er goed uit maar niet spectaculair, de meeste spelelementen hebben we al eerder gezien en een opsomming van alles dat in de game zit doet het lijken als een wirwar van alles dat de ontwikkelaar leuk lijkt in een shooter. Maar dan merk je plots dat het allemaal weldegelijk werkt. Dat Brink zowel alleen als in teamverband een balans weet te vinden waar iedereen een eigen rol heeft. Het spel weet zich zodanig goed aan te passen aan bijna alle denkbare spelsituaties dat iedereen afwisselend een andere rol op zich kan nemen, zonder dat de balans volledig zoek is. Het gevolg? Pure fun. Natuurlijk helpt het om een enthousiasteling als Ed Stern naast je te hebben, maar we kunnen niet ontkennen dat we met plezier nog urenlang hadden doorgespeeld. Of Brink één enkele speler straks urenlang kan boeien weten we niet, maar zodra het samen gespeeld wordt, kent de game een kracht die je er op het eerste gezicht misschien niet in ziet. Brink it on!