Bij Atari zelf verwacht men veel van Alone in the Dark. David Gardner, de nieuwe CEO van Atari, sprak onlangs de verwachting uit dat het spel tussen de twee en drie miljoen exemplaren zal verkopen. Een behoorlijk hoge verwachting voor een franchise die zeven jaar geleden voor het laatste van zich liet zien en die bij jongere gamers vooral herinneringen oproept aan de erbarmelijke film van Uwe Boll. Toch blijft Atari hoge verwachtingen koesteren. Alone in the Dark is immers zo'n beetje de laatste strohalm lijkt waar het bedrijf zich aan vast kan klampen. Bekende reeksen als Unreal en Civlization deed men al van de hand om het hoofd financieel boven water te kunnen houden. Maar is Alone in the Dark stevig genoeg om Atari voorgoed uit het ravijn te trekken? Atari lijkt er alles aan te willen doen om van Alone in the Dark een kaskraker te maken en dat uit zich door een bijzonder hoge ambitie. Op verschillende punten komt men met revolutionaire ideeën op de proppen. Met concepten die we nog niet eerder in het survival horror-genre gezien hebben, soms zelfs niet in een ander genre. De meest bewonderenswaardige vondst is de mogelijkheid om hele scènes of hoofdstukken van het spel over te slaan, zonder dat je daarvoor cheatcodes nodig hebt. Een duidelijke handreiking richting de opkomende groep casual gamers, die hierdoor niet vast zal komen te zitten bij een lastige puzzel of een pittige tegenstander. Om te voorkomen dat je het hierdoor belangrijke verhaalelementen zult missen, zal het spel het verhaal tot aan het begin van het hoofdstuk kort samenvatten. De 'echte' gamers zullen de doorspoelfunctie waarschijnlijk laten voor wat het is, ook omdat Alone in the Dark voor zover we het nu hebben kunnen spelen, niet echt moeilijk is.

Links: het grote Central Park; Rechts: het DVD-achtige menu

Een andere bijzondere innovatie binnen het horrorgenre, is de vrij toegankelijke omgeving. De centrale locatie in het spel is een groots opgezette virtuele versie van Central Park bij nacht, bevolkt door zombies, vleermuizen en ander gespuis. In het gedeelte van het spel dat wij konden spelen, zat maar één korte sequentie in deze open omgeving. De eerste twee hoofdstukken zijn namelijk strikt lineair en leert je omgaan met de basisfuncties van de besturing. Ook de missie in Central Park bood niet bijzonder veel vrijheid. Je kunt wel lekker rondscheuren door het park, maar uiteindelijk is er één doel waar je heen moet en maar één route (een schans over een ravijn) die naar dit doel leidt. Of de vrije locatie later in het spel ook voor wat vrijere gameplay zal zorgen, is vooralsnog onduidelijk. Het is in ieder geval prettig om niet continu in benauwde gangetjes rond te moeten dolen, maar of het voor echte innovatie binnen het genre zal zorgen, kunnen we pas concluderen als we de uiteindelijke versie onder ogen krijgen. Een andere innovatie is je inventaris. Dit is geen saai scherm, maar de binnenkant van je jas. Met een druk op de knop opent Edward Carnby, de protagonist, zijn jas waarna de camera daar prachtig op inzoomt. In de zijkanten van de jas in en je gordel, kunnen een beperkt aantal objecten meegenomen worden. Naast de standaard benodigdheden in een horrorgame zoals een zaklamp en een geweer, kan Edward ook plakband, olieflessen, verband en zakdoeken met zich meedragen. Deze voorwerpen kunnen op veel verschillende manieren met elkaar worden gecombineerd. Een zakdoek in een oliefles maakt een molotovcocktail, doe je er plakband omheen dan zal deze cocktail aan elk willekeurig object vast blijven plakken.  Atari hanteert als motto 'wat in het echt kan, kan ook in Alone in the Dark', een mooi streven, maar het viel ons wel op dat het aantal verschillende voorwerpen vooralsnog gelimiteerd is, wat ook het aantal mogelijkheden beperkt. We hebben nog geen combinatie weten te vinden die ons echt wist te verrassen. Maar hey, het deel wat we konden spelen, was ook nog niet meer dan een veredelde tutorial.

De inventarisjas

Buiten de grote innovaties heeft Atari ook in de kleine details geprobeerd zoveel mogelijk af te wijken van de standaard aanpak. Zo zul je wanneer je gif in je ogen krijgt, enkele malen met je ogen moeten knipperen om dit gif uit je ogen te halen. Wanneer je elektrische apparatuur moet repareren of opblazen, kun je zelf frunniken met de draadjes en de juiste draadjes met elkaar combineren zonder geëlektrocuteerd te worden. Vuur mag je zelf blussen met een brandblusser, maar wees daarin niet overijverig. Vuur is namelijk ook nodig om bewusteloze vijanden mee te verbranden – de enige manier waarop ze definitief dood gaan. Ook mag je in Alone in the Dark soms leuk spelen met de wetten der natuurkunde. Zo slinger je aan loshangende kabels en spring je soepel langs objecten, of moet je andere kabels zo laten slingeren dat ze ergens achter blijven steken. Een leuke, alternatieve manier van puzzelen. Wat ook grappig is, is dat je het interieur van de auto's in het spel kunt doorzoeken. Wanneer je achterin de auto stapt kun je jezelf tussen de stoelen door naar voren bewegen en zelfs een kijkje in het dashboardkastje nemen. Leuk bedacht.  Zoals gezegd kregen we de eerste twee hoofdstukken te spelen en mochten we een klein stukje proeven van het open Central Park. De eerste twee hoofdstukken zijn een ware, rechtlijnige achtbaanrit waarin je van de ene spectaculaire situatie in de andere belandt. Het begint alvast sfeervol: je ontwaakt op een ziekenhuisbed en kijkt wat wazig voor je uit. Je hoort enkele onbekende mannen met elkaar praten. Na een paar keer te knipperen met je ogen kun je de mannen beter zien, en al snel wordt je door een van hen meegenomen. Vervolgens wordt de toon direct gezet. De muren van het gebouw beginnen ineens te scheuren en de man die jou escorteert, wordt door de muren opgeslokt. Je weet zelf nog niet wie je bent en wat je hier doet, maar één ding is zeker: uit dit vervloekte  gebouw moet je zien te ontsnappen.De ontsnapping lijdt je langs liftschachten, langs dunne richeltjes aan de buitenkant van het gebouw, via een imposante lobby naar een parkeergarage. Onderweg kom je verschillende personages tegen waarvan de meerderheid het met de dood moet bekopen. Je ziet prachtige instortende kamers, muren waar je aan vast hangt die ineens opzij schuiven en brokstukken die rakelings langs je heen vallen. Uiteindelijk weet je via de parkeergarage te ontsnappen en race je door de straten van New York, waar grote scheuren in de grond ontstaan die je telkens maar rakelings kunt ontwijken terwijl hele gebouwen voor je voeten neerstorten. Uiteindelijk rijd je over een soort schans heen en eindig je in Central Park, de plek waar de rest van het spel zich zal afspelen. Tot zover zal het bovenstaande bij de meeste mensen als muziek in de oren klinken: een zeer innovatief spel met spannende, rond uit spectaculaire situaties. Maar toch zijn we niet compleet overdonderd door Alone in the Dark. Dit is voornamelijk te wijten aan één element: de besturing. Die is namelijk verre van ideaal. Om te beginnen beweegt Edward zich bijzonder houterig door de omgeving. Je draait traag en onnauwkeurig en ook het lopen gaat moeizaam. De overgang tussen verschillende animaties is niet mooi afgewerkt. Ongeacht of je door een brede gang of over een dun richeltje loopt, de loopanimatie van Edward verandert niet. Dit ziet er heel slordig uit en doet terugdeken aan de 'vorige generatie' consoles, waar we nog niet van procedurele animaties gehoord hadden. Ook het besturen van de slagwapens gaat niet erg praktisch. Je beweegt ze door de analoge stick heen en weer te bewegen, maar je moet dit vrij precies doen om de slag goed uit te voeren. Ook blijven je wapens steken achter objecten in de omgeving of tegen de muur. Alleen al een deur kapotslaan is een hele oefening. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de slechte, veel te gevoelige besturing van de voertuigen. De besturing is niet alleen stug, maar ook wat omslachtig. De vele leuke ideetjes zoals het zelf samenstellen van voorwerpen en het afzonderlijk behandelen van wonden is leuk, maar vereist ook erg veel handelingen. Neem nu het gooien van een molotov. Je moet eerst je jas in, dan de fles selecteren selecteren, deze combineren met een zakdoek, dan moet je deze combinatie  in de juiste hand stoppen, een aansteker in je andere hand stoppen om vervolgens te mikken met de ene trigger en te gooien met de andere. Schieten kan alleen vanuit een eerstepersoonsperspectief en niet vanuit een over-de-schouder-standpunt zoals we dat tegenwoordig gewend zijn in third person shooters. Het probleem van het eerstepersoonspectief in Alone in the Dark is dat de besturing van het derdepersoonstandpunt behouden blijft. Je draait nog steeds relatief traag en ook het vooruit lopen gaat niet zoals we dat gewend zijn uit 'normale' shooters. Ook lijkt de omgeving wat vertekend door het andere perspectief, alles lijkt wat te klein ten opzichte van je zichtveld. Sommige prachtige decors zien er ineens veel minder indrukwekkend uit wanneer je overschakelt. Alone in the Dark laat ons na de previewversie achter met een dubbel gevoel. Aan de ene kant is het erg innovatief en zijn een aantal van de nieuwe ideeën goed uitgewerkt, aan de andere kant lijkt nog lang niet alles even goed to zijn recht te komen. Daarnaast is de besturing in zijn huidige vorm, eigenlijk niet meer acceptabel. Hopelijk zal Atari daar nog flink aan schaven voor de release later deze maand. En dan is er nog een ander puntje van zorg: het spel is niet echt eng. Ik ben in het gedeelte dat ik tot nu toe gespeeld heb, niet één keer geschrokken. Misschien maakt de vooruitspoelfunctie alles iets te vrijblijvend, misschien zorgt de besturing er wel voor dat je niet echt wordt opgezogen in het spel, misschien ontbreekt gewoon de goede spanningsboog. Het is lastig te zeggen na zo'n korte impressie.Alone in the Dark heeft veel potentie, maar we moeten echt wachten tot de reviewversie om te zien of men het waar kan maken. Atari belooft nog veel veranderingen voor het uiteindelijke product en we hopen van harte dat men dan met een aanzienlijk betere besturing op de proppen komt. Want het zou zonde zijn als de potentie onbenut blijft.