Jongeren sporten steeds minder, maar brengen wel steeds meer tijd door in games. Dat blijkt uit een studie van Atos Consultancy in opdracht van het NOC*NSF. Het zou hierbij vooral gaan om jongeren tussen de 12 en 14 jaar en de 18 en 25 jaar. Lid zijn van een sportvereniging is voor hen steeds minder vanzelfsprekend, dit terwijl ze wel steeds meer tijd besteden aan games.

Uit het plan, dat gisteren werd gepresenteerd in Papendal, kwam naar voren dat videogames juist gebruikt moeten worden om kinderen aan het sporten te krijgen. Zo onderhandelt de internationale skifederatie FIS bijvoorbeeld met Nintendo over de ontwikkeling van Snowboardgames. "We zien steeds vaker jongeren op de piste die nog nooit geboard hebben, maar wel alle regels en trucjes al kennen. Daar moet je wat mee doen," zegt Marcel Looze van FIS.

NOC*NSF is enthousiast over de mogelijkheden van games, zoals de Nintendo Wii waarmee veel jongeren al bewegen. Tevens benadrukt NOC*NSF ook het probleem dat jongeren steeds meer geïndividualiseerd raken. Ze willen zelf bepalen wanneer en waar ze willen sporten. Sportverenigingen kunnen daar op inspelen door bijvoorbeeld een andere vorm van bekostiging, zoals het betalen per keer dat gesport wordt.