De PS4-, Xbox One- en pc-versies van Grand Theft Auto 5 krijgen namelijk een eerstepersoonsmodus, zo werd afgelopen dinsdagavond bekendgemaakt. Zowel te voet als in auto’s en vliegtuigen kun je voortaan vanuit first-person de actie volgen. En nog belangrijker: dicteren.

Dat lijkt wellicht een gimmick, maar in theorie krijg je er gratis een heel nieuw spel bij. Een game waarbij het plotseling weer draait om vaardigheid in plaats van vingervlugheid. Want sinds de introductie van assisted aim in GTA 4 is het schieten in de serie vooral een kwestie van duimen geworden. Duim op de linker analoge stick en ‘flicken’ maar. Zo viel de ene na de andere vijand op de grond. Alsof je in de schiettent stond om kartonnen criminelen met een plastic pistooltje om te klappen. Applaus.

Assisted aim valt uiteraard uit te zetten, maar dat is alsof je tegenstanders de andere wang toekeert. Zij schieten nog steeds even precies en jij worstelt ondertussen om dat witte richtstipje precies uit te lijnen zodat het vanuit de schouder van je hoofdpersonage op het hoofd van een vijand belandt. Leuk wanneer het lukt, maar GTA 5 was er absoluut niet voor gemaakt. En dus bleef je het als Trevor afleggen tegen een stel tokkies in hun natuurlijke habitat, het woonwagenpark. Of iets verder in het spel. Vroeg of laat komt er een moment dat de lol van vrij richten niet meer op kan boksen tegen de kille precisie van kunstmatige intelligentie. Een teken dat Rockstar zijn spelers niet heel hoog in durfde te schatten.

Alles is anders

Nu had de ontwikkelaar natuurlijk voor iedere richtoptie een apart A.I.-patroon kunnen programmeren, maar dat was wellicht teveel gevraagd. GTA-games zijn openwereldgames, geen hardcore shooters. Althans, dat waren ze nooit. Met de first-person modus doet GTA 5 plotseling een aardige gooi in die richting. En dat verandert veel, zo niet alles. We zouden je het niet kwalijk nemen als je het spel niet had herkend uit de meest recente gameplaybeelden. Ineens is het vijfde deel een openwereldshooter, in plaats van simpelweg een openwereldgame met shooter-elementen. En spellen in dat genre zijn vaak maar zo goed als hun zwakste schakel, of dat nu het verhaal, de setting of de gameplay is.

Bevredigende schietactie kan zelfs van de minste missies nog het meeste maken. Omdat het je toestaat vrij te richten, krijg je automatisch meer variatie. Schietgevechten kunnen heel anders verlopen wanneer je net die ene headshot mist. Wellicht rukken de tegenstanders te ver op en word je gedwongen om terug te trekken. Of alles gaat juist voor de wind en vijanden lopen zo in je vuurlinie. Alles beter dan met de duim plichtmatig tussen de verschillende doelwitten schakelen. Dan speelt Marcel liever een game die wel durft te vertrouwen op zijn vaardigheden als gamer. En ik geef hem groot gelijk.