Kijk alleen naar de Top 10 van onze Top 100. Grand Theft Auto V, BioShock: Infinite, Tomb Raider en Watch Dogs. Titels die allemaal (in ieder geval) verschijnen op die ouwe trouwe makkers van een PlayStation 3 en 360. En de lijst stopt daar niet. Wie verder scrollt, komt al snel een tweetal Metal Gear-games tegen, mag zich verheugen op een Dead Island: Riptide en ook voor een kleurrijk Rayman: Legends hoeft geen nieuwe spelcomputer te worden aangeschaft – slechts een nieuwe kalender om af te tellen tot de uitgestelde release.

Waar komt dan toch die vermoeidheid vandaan? Is 2012 dan echt zo dramatisch geweest dat we onze hoop maar gelijk hebben gevestigd op iets dat voorbij de horizon ligt? Wie kijkt naar de releases van 2012 kan moeilijk ontkennen dat het een saai jaartje was. Een jaar vol kwaliteit, dat wel, maar slechts een handjevol titels wist echt wat nieuws te brengen.

En de titels die dat deden, sloegen op andere punten de plank mis. Dishonored is puur op hoe het speelt waarschijnlijk ongeëvenaard in 2012, maar Rupsjenooitgenoeg kent een beter verhaal. Xcom: Enemy Unknown was een welkome verrassing en leuke aanvulling voor de consoles, maar dat blijft toch een pc-titel in hart en nieren. Journey deed dan wel weer alles goed, maar die titel is door (relatief) weinig mensen gespeeld, waardoor het ook geen titel is die je heel direct associeert met 2012. En eigenlijk is heel 2012 wel zo te typeren: geen enkele game wist het zelf voor elkaar krijgen om de collectieve aandacht te grijpen. Dus daar zat en zit toch iets fundamenteel fout.

Gewenning

Misschien is het gewoon een kwestie van gewenning. We leven al jaren met die apparaten die aardig aan hun top zitten. Slechts in de marge gebeuren verrassende dingen, terwijl dezelfde beperkingen keer op keer opduiken. Leg Fallout 3 en Skyrim naast elkaar (vooral doen bij je PlayStation 3) en je ziet dat er zeker stappen zijn gemaakt, maar dat de grenzen van het apparaat al een paar jaar terug wel in beeld waren. Waar in de beginperiode van de consoles we nog versteld stonden van al die bijzondere downloadgames, de mogelijkheid om online te spelen, verwachten we dit nu van elke titel. Ook al beweren we bij hoog en laag dat ‘die verplichte multiplayer’ niet hoeft. Maar wel binnensmonds mopperen als het ontbreekt. En natuurlijk beweert iedereen dat íe ‘echt wel die experimentele games wil proberen’ – vandaar dat thatgamecompany bijna failliet was, nietwaar?

We zijn door verwend door onze PlayStation 3 en Xbox 360, en dat zijn we gewend geraakt. 2012 kende uitzinnig goede games, maar het is tegenwoordig de standaard dat de kwaliteitstandaard reuzensprongen maakt. Dan gaat de schoen ergens wringen. Zelfs bij Grand Theft Auto V, een soort heilige graal en muze van miljoenen gamers, ontkomt niet aan het scheefgegroeide verwachtingspatroon. ‘Kan het de hype wel waar maken?’ is de vraag die nu rondzingt. Hij is helaas bijna retorisch geworden. Nee, dat kan die game niet, want je verwacht iets buitengewoons, iets dat je jezelf niet kunt voorstellen.

En daarmee hebben we ook gelijk die fascinatie van gamers te pakken, om maar lekker over de laatste topproducten van deze generatie te stappen en te dromen van de toekomst. Want wat zou die PlayStation 4 allemaal wel niet kunnen? Onze hoop en verwachtingen koken al over voordat het apparaat is aangekondigd. Iets waar Sony overigens doodleuk aan meedoet, want hadden zij niet nog een Last of Us en een Beyond: Two Souls om maar wat te noemen?

Blij met wat we hebben, zijn we niet meer. Blij met wat we krijgen, hopelijk nog wel.