Stel je eens voor dat al de tijd die je in gamen hebt gestopt gebruikt zou hebben om een taal of vak te leren. Waarschijnlijk waren de meesten onder ons vakkundige tolken in ik weet niet hoeveel talen geweest. Toch is gamen geen verspilde tijd, want als je maar lang genoeg speelt doe je van elk spel voldoende kennis op. Gamers als wetenschapper, alleen dan zonder wetenschap.

Na verloop van tijd speelt men een andere game, en wordt de kennis weer uitgebreid met de ervaringen van die titel. Een paar games verder hebben we met een heuse expert te maken. Iemand die weet hoe het moet, hij of zij heeft tenslotte verschillende games gespeeld, en als het meezit zelfs afgerond.

Daar zit je dan in je luie stoel, met allerlei ideeen over hoe de ultieme game eruit zou moeten zien. Net als met de politiek, waar half Nederland ook een mening of idee over heeft, blijft het bij hersenspinselen. Het uitwerken van een idee is lastiger dan gezegd en vereist de nodige actie. Daar komt bij dat het afzeiken van een bepaald spel nog altijd makkelijker is dan een spel te verbeteren.

Toch zeggen steeds meer ontwikkelaars 'feedback' van de 'fans' te gebruiken. Via forums en e-mails wordt er driftig met deze 'experts' gecommuniceerd. Op deze manier weet de ontwikkelaar wat er mis is met zijn spel en krijgt de expert de kans om zijn hart te luchten en het vervolg beter te maken. Althans, zo zou het gaan in de ideale situatie.

Nu zijn er allerlei soorten feedback. Feedback van beta testers, hoewel dit eigenlijk nog binnen de ontwikkeling van het spel valt, en natuurlijk de feedback die verschijnt nadat het spel net uit is. Ik weet dat Blizzard voor hun WarCraft III patches te rade gaat bij de professionele spelers van het spel. Mensen die hun brood verdienen door met Orcs, Humans en Night Elfs te spelen. De overige 99,9% zijn hobbyisten. Meisjes en voornamelijk jongens die fanatiek hun tijd verWarCraften. Deze experts, en het geldt ook voor andere gamers, vergeten dat het veel doen van iets je nog geen expert maakt. Elke dag fiets ik een behoorlijk stuk. Toch zou ik mijzelf, ondanks alle kilometers die ik afleg, geen fiets expert willen noemen.

Voor de marketing campagne staat het aardig dat er naar fans, experts of andere lieden wordt geluisterd. Uiteindelijk schiet niemand er wat mee op. De vaak kleine groep die moeite doet om input te leveren, levert vaak geen zinnige feedback en vaak gaat het hier om persoonlijke wensen. Selectieve aanvraagjes en verzoekjes, waar de meerderheid van de spelers niet eens op zit te wachten. Wordt een verzoek ingewilligd door de almachtige ontwikkelaar, dan valt dit weer verkeerd bij de andere groep hardcore spelers die het betreffende spel spelen, met allerlei scheldpartijen en tirades als gevolg.

Ik vraag me af, naast de PR, waarom je als ontwikkelaar naar je fans zou willen luisteren. Die fans zijn er namelijk omdat jij als ontwikkelaar iets cools hebt gemaakt. Ontwikkelaars die voor input te rade gaan bij fans moeten dan ook oppassen dat ze hun opgebouwd respect niet verliezen of hun fans op een bepaald voetstuk plaatsen. Een ander punt met feedback is dat het continu aan het ontwikkelen is. Moesten de soldaatjes eerst rood zijn en 20 hitpoints hebben, drie weken later is opeens groen de beste kleur en wil men 50 hitpoints. Wat dat betreft kun je het als ontwikkelaar nooit goed doen. Zoveel mensen, zoveel wensen.

Ontwikkelaars moeten dan ook doen waar ze goed in zijn, en dat is het ontwikkelen van games. Fans moeten doen waar zij goed in zijn, hun tijd verdoen met met spelen. Er zijn genoeg spreekwoorden die dit beamen, zoals de beste stuurlui staan aan wal en schoenmaker blijf bij je leest. Ik hou het kort en simpel: Feedback niet gewenst, wat natuurlijk niet voor deze column geldt.