Kijken we naar de lancering van het apparaat, dan konden we destijds moeilijk beweren dat er weinig keus was. Met Uncharted: Golden Abyss kreeg de Vita direct een avonturengame van (zak)formaat en WipEout 2048 overtuigt met zijn visuele spierballentaal. Daarnaast vielen Super Stardust Delta, Lumines: Electronic Symphony en Rayman: Origins bij velen in de smaak. Genoeg variatie en genoeg kwaliteit om de Vita tot een daverend succes te maken. Maar dat is toch niet gebeurd.

Lumines: Electronic Symphony

De reden hiervoor is vrij simpel. De lancering en de daarop volgende maanden hebben nimmer een tweetrapsraket gevormd. Al het kruit werd verschoten bij de lancering, met uitzondering van een losse flodder als Unit 13 - dat eigenlijk de lancering net miste. In de maanden na de lancering van de Vita is nooit een nieuwe klapper verschenen, waardoor het apparaat zich weer sterk in de kijker zou kunnen spelen.

Sony wist het gat ook niet op te vullen met mooie aankondigingen, dus de Vita verscheen ook relatief weinig in het nieuws. Slechts mededelingen met weinig reuring, zoals dat Skype nu een app heeft en de aankondigingen van port X en Y, passeerden de afgelopen tijd de revue. Zelfs een recent Sony-persevenement leverde weinig spektakel op. We verwelkomen Sly Cooper graag op de draagbare Sony, maar wederom: een port.

De Vita is nog ver verwijderd van een kritieke massa, waardoor meer ontwikkelaars op het apparaat duiken en meer spelers worden aangetrokken. Een teken aan de wand is wel dat de Vita-versie van BioShock pas goed wordt bekeken nadat de ‘normale’ versie in 2013 in de schappen verschijnt. Sony kan roepen wat het wil over de mogelijkheden van het apparaat, ontwikkelaars zien het als iets ‘voor erbij’. Ook Sony doet hier aan mee en besteedt bekende PlayStation-franchise uit aan kleinere ontwikkelstudio’s, zoals Sony Bend dat Uncharted ontwikkelde.

Functionaliteiten

Het ‘voor erbij’ is ook een gevoel dat opspeelt als we kijken naar de verschillende mogelijkheden van het apparaat. Voorafgaand aan de lancering werd gesproken over de touchpad, touchscreen en 3G-ondersteuning als essentiële onderdelen; mogelijkheden van de Vita die de ervaring enorm zouden verrijken. Kijken we nu naar die mogelijkheden, dan durven we toch te stellen dat deze elementen verre van vitaal belang zijn gebleken voor een complete Vita-ervaring.

De manier waarop de touchscreenbesturing wordt geïmplementeerd is in dezen exemplarisch. De ene game laat zich volledig met aanraking besturen, een andere laat je wat quick-time events uitvoeren, de derde gebruikt het in de menu’s en de vierde laat het compleet achterwege. Het is een zwak verkoopargument aan het worden en Sony zal zich hier de komende tijd zeker moeten bewijzen. Een Escape Plan is een leuk experiment, jammer van de uitwerking. En exact hetzelfde geldt voor de touchpad dat het meest intensief met Little Deviants wordt gebruikt, maar weinig intuïtief voelt.

Kijken we dan naar de mogelijkheden van 3G, dan blijven we voorbeeldloos achter. We kunnen geen game bedenken die werkelijk op een leuke manier gebruikmaakt van het 3G-netwerk. Een Warrior’s Lair had dit gapende gat kunnen opvullen, maar de ontwikkeling daarvan is onduidelijk sinds Idol Minds van het project af is getrokken. Dan maar wachten op een Killzone? O ja, en waarom hebben we nog niets gehoord over de Vita-versie van Call of Duty?

Om het allemaal op te sommen: de Vita is na de lancering een heel traditionele handheld gebleken, ondanks de nieuwe mogelijkheden.

Motor

De Vita-motor hapert vooralsnog en Sony moet zich even goed achter de oren gaan krabben. Een eerste stap die gezet moet worden is het game-aanbod snel uit te breiden. De aankomende E3 in Los Angeles lijkt een uitgelezen mogelijkheid om een karrenvracht aan games aan te kondigen. Iets wat waarschijnlijk ook gaat gebeuren als we de uitspraken van Kaz Hirai bij Sony’s financiële jaarverslag er nogmaals bijpakken: “Een gameplatform, zoals de Vita – de software is de sleutel tot succes, hoe de software is. We moeten ons versterken op softwaregebied om zo de zaken te verbeteren, daar komt het op neer.”

Hierbij is het belangrijk om tegelijkertijd de identiteit van de Vita als PlayStation-apparaat verder te versterken (wederom: Killzone), maar ook door die grote niet te missen games naar het apparaat te lokken. Een Call of Duty-game hebben ze al, een GTA-game zou erg mooi zijn; de verschillende GTA-games hebben voor de Vita’s voorganger, de PSP, veel positiefs betekend. Ook FIFA wisten ze al te strikken en daarbij wordt het belangrijk dat de nieuwe editie qua ervaring zo dicht mogelijk bij de PlayStation 3-versie komt te staan; daar is nog terreinwinst te boeken.

Hirai rept hiernaast met geen woord over het uitbuiten van de unieke kwaliteiten van de hardware en dit is ook een punt waarop Sony zich niet meer moet proberen te onderscheiden met de Vita. Net als dat Nintendo's Miyamoto inziet dat 3D op de Nintendo 3DS slechts sporadisch aanslaat, zijn 3G, een touchscreen en touchpad op zichzelf geen garantie voor Vita-succes. Dat het een betere game-ervaring faciliteert, dat is alleen van belang als er ook daadwerkelijk games zijn. Tijd voor die tweede stap dus.