Begin december waren er de voorrondes voor een heus Guitar Hero III-kampioenschap in Nederland en België. Niet minder dan onze Yarno himself wist zich te plaatsen voor het kampioenschap en kreeg zodoende de mogelijkheid om het podium te betreden en zijn kunstje nog eens opnieuw te doen in de finales. Rocken in de Heineken Music Hall met een gigantisch scherm voor je smoel, dat waren de ingrediënten voor een portie flink gitaargeweld afgelopen zaterdag.

Ik heb het nooit begrepen: ver voordat de deuren opengaan met zijn allen verzamelen voor de deuren, om hopelijk als eerste naar binnen te mogen. Wat is daar nou eigenlijk het nut van? Als je voor wilt dringen dan lukt dat met een beetje ellebogenwerk ook wel. Nee, de fans staan liever een hele tijd in de kou. De deuren gingen namelijk om half zeven open, maar de eerste mensen kwamen al ongeveer een uur van te voren bijeen om al blauwbekkend te wachten voor de deuren van de Amsterdamse bierhal. Een blik op het publiek en je wist genoeg: het waren ouders die met hun kroost kwamen, jongeren tussen de dertien en de achttien die normaal niet naar concerten gaan en mensen waar je niet zou verwachten dat ze überhaupt naar Krezip luisteren. Terwijl zij nog lekker buiten moesten wachten, kon de Guitar Hero III-rij echter al rond zessen naar binnen toe. Alleen op aantonen van een VIP-maar-toch-ook-weer-niet-helemaal-VIP-bandje en een ticket in de hand mochten de gitaarvirtuozen inclusief aanhang alvast eerder naar binnen. Tot groot ongenoegen van het publiek buiten overigens. Heh heh, suckers.

Het evenement werd vanavond gehouden in de RABO Meet 'n Greet-hal, een ruimte boven op de eerste etage van het gerstenatcomplex. Middenin was een podium neergezet, volledig met schijnwerpers en al. Grootste opvaller was echter het metersgrote scherm waar je als finalist op mocht spelen. Geen enkele show kan zonder een soundcheck, het was dan ook de taak voor ondergetekende om samen met Martijn de PR-man van Activision alvast een beetje in te gaan spelen. Dat was opmerkelijk genoeg ook wel nodig ook, want er was aanvankelijk een behoorlijk ernstige vertraging te merken tijdens het spelen. Hoewel de ingame calibratie het een en ander kon verbeteren, was het niet zoals je thuis gewend was. Met een halve seconde vertraging in het spel was het dan ook belangrijk om nog geconcentreerder het spel te spelen. Aan de andere kant: dat, en natuurlijk de hijgende adem van je tegenstanders én het publiek in je nek maakte het er vanzelfsprekend wel weer spannender op.

Zo even rond half zeven was de soundcheck klaar en het spel gekalibreerd, de hoogste tijd om te beginnen dus. Het geheel werd aan elkaar gepraat door een zichtbaar van de muziek genietende presentator die weliswaar goed zijn ding deed, maar wat ons betreft iets te vaak met merken smeet; aan verbaal rondslingerende reclame had je die avond geen gebrek, maar dat terzijde. Het was de bedoeling om de twaalf man (en één meisje trouwens, ze zijn er toch!) in tweetallen te laten spelen. De beste ging door naar de volgende ronde, voor de afvaller was het echter einde oefening bij verlies. Of het nou stom toeval was of niet, onze Yarno mocht gelijk het spits afbijten: hij mocht als eerste het podium betreden. Over Yarno's ervaringen en rockescapades zullen we nu niet al te diep op ingegaan, daar lees je op de volgende pagina meer over. Duidelijk was wel dat de concurrentie behoorlijk sterk was en dat je hier niet zomaar met de eerste de beste Guitar Hero-spelers te maken had.

Opmerkelijk was bovendien dat je van heel veel finalisten eigenlijk helemaal niet kon zeggen dat het rockfans waren. Of dat ze überhaupt Guitar Hero speelden. Schijn bedriegt zullen we maar zeggen, want ondanks dat er allesbehalve wietrokende Courtney Love's en cokesnuivende Pete Doherty's op het podium stonden, speelden ze een partijtje Guitar Hero waar je haast bang van werd. Werd er eerst op standje 'Hard' gespeeld, toen eenmaal de laatste gitaarhelden bekend werden, ging het dak er compleet af. Dragonforce's "Through the Fire and the Flames" was namelijk het laatste nummer en dat moest natuurlijk wel op de hoogste moeilijkheidsgraad gespeeld worden.

Dat lijkt misschien heel wat voor de mindere rockgoden onder ons, maar het is totaal geen probleem voor eindfinalisten Michael en Jasper; beiden konden het met gemak uitspelen. De eerste kwam er met ruim 148.000 punten doorheen, maar bood uiteindelijk geen enkele weerstand tegenover Jasper. Met niet minder dan 206.821 punten was het einddoel voor deze onverschrokken gitaarspeler bereikt: hij mag zich de titel van beste Guitar Hero III-kampioen toe-eigenen. Om deze titel nog wat extra gewicht mee te geven, zat er bovendien nog een lekker prijsje bij in: Jasper kon namelijk met een heuse Playstation 3 én Guitar Hero III naar huis.

75% noten aangeslagen en een score van 206.821: we have a winner!

Dat klinkt misschien een beetje vreemd, hetzelfde spel winnen via het spel waarmee je juist gewonnen hebt, maar als je 'slechts' in het bezit bent van een Playstation 2 zoals in het geval van Jasper, dan is zo'n prijs uiteraard geweldig. Met een brede glimlach op het gezicht en een biertje in de hand kon Neerlands eerste digitale Gitaarheld van het Jaar dan ook met plezier naar huis. Maar… niet voordat er nog gekeken en geluisterd kon worden naar het hoofdprogramma van de avond: Krezip!

De semi-rockers van de band Nickelback hebben al een tijdje een liedje waarin ze zingen dat iedereen een rockster wilt zijn. Hartstikke waar natuurlijk. Iedereen wil aanbeden worden als goden, een dieet van bier volgen en hordes groupies voor zijn (of haar) deur vinden. Ik mocht een beetje proeven van dit idyllische leven. Ik was een soort van voorprogramma van één van Nederlands grootste rock *kuch* bands: Krezip. In de hal waar iedereen stond te wachten voordat het concert begon, mochten zestien deelnemers van het Benelux kampioenschap Guitar Hero hun rockkunsten laten zien. We waren de enige échte rockers die dag.  Helaas bleef het bij die ene avond. Tekst: Yarno Ritzen. Foto's: Frans Coehoorn

Het principe van Guitar Hero mag dan een beetje klinken alsof het door dezelfde personen bedacht is als de Josti-band, maar dit gitaarspel is meer dan dat. Toegegeven, je moet inderdaad op het goede moment de goede kleur knop indrukken. Guitar Hero is echter meer. Het is een gevoel dat je een echte rockster bent zodra je begint met spelen, iets vooral goed merkbaar is op de “Hard” en “Expert” moeilijkheidsgraden. Dit waren dan ook de instellingen waarop wij, de doorgewinterde sterren, het spel speelden.

Na een lekker potje geoefend te hebben met de nieuwe gitaar kwam ik toch tot de conclusie dat ik geen enkele kans maakte. Voornaamste reden was dat ik zelf nog met de oude gitaar speel en dat bij de nieuwe, draadloze gitaar de knoppen een stuk kleiner zijn. Wanneer ik op de oranje knop van mijn gitaartje van plastic wilde drukken zat ik er steevast één of twee centimeter naast. Op dat moment gaf ik de hoop al op. We zouden de zogenaamde pro face-off modus spelen. Twee spelers spelen het hele liedje zo goed mogelijk en diegene met de meeste punten zou doorgaan naar de volgende ronde.

Het eerste liedje dat ik moest spelen was een klassieker van Kiss. "Rock and Roll all Nite" schalde er uit de enorme speakers die rond het podium stonden en hingen. Op een enorm scherm dat voor mij en mijn tegenstander ophing kwamen de gekleurde noten razendsnel voorbij en we probeerden het zo goed mogelijk te doen. Zonder op te scheppen durf ik te beweren dat ik niet slecht ben in Guitar Hero, maar ik ben lang niet goed genoeg om het spel op Expert uit te spelen. Gelukkig had ik een tegenstander die ik wel aankon en ik haalde de volgende ronde dan ook zonder al te veel moeite.

Daarna was het liedje “Ruby” van de Kaiser Chiefs aan de beurt. Een redelijk recent liedje dat leuk is om te spelen. Voor het eerst speelden we nu op de Expert-graad en dit was meteen het enige minpunt aan de avond. Doordat alles op een groot scherm gespeeld werd was dit niet ideaal om op te spelen. Er was een flinke vertraging en op de één of andere manier miste iedereen de meest noten. Dat mijn tegenstander en ik niet de enige personen waren die hier last van hadden bleek pas achteraf. Ook was het een mooi smoesje om mijn genadeloze ass-whooping te verbergen. Ik werd met een verschil van 30.000 punten  verslagen.

Geluk was echter aan mijn zijde. Op de één of andere manier had er altijd nog een persoon een kans om door te gaan naar de volgende ronde. Diegene met het minste puntenverschil mocht met een soort wildcard toch nog door naar de halve finale. Gelukkig had ik een goede avond en mocht ik het engeltje op mijn schouder bedanken dat ik door ging naar de halve finale.

Op dat moment sloeg het noodlot echter toe. Ik moest een ware klassieker naspelen. Het was een song die ik nog niet veel had gespeeld, mede omdat de vele snelle tonen me niet liggen. Het liedje op zich is echter geniaal en het was tof om hem te spelen. Ik heb het over “One” van Metallica. Ondertussen stonden er wel een paar honderd man rondom het podium waar zich dit allemaal afspeelde en ik kreeg dan ook echt steeds meer een gevoel alsof ik echt op een podium stond. Toen ik echter naar de vele moeilijke noten die op me af kwamen keek, werd ik snel wakker uit mijn droom van rockgod en kwam ik met een keiharde klap terug in de werkelijkheid:

Mijn kont werd geschopt!

“One” op de Expert-graad was toch echt een graadje te hoog, vooral met de gitaar die niet echt meewerkte. Met bijna 150.000 punten verschil moest ik toch echt het veld ruimen. Ik was verslagen, vernederd en schaamde me diep.

Opsteker was wel dat ik verloren had van de uiteindelijke winnaar. Volkomen terecht overigens, want hij was gewoon stinkend goed. Mijn ego werd toch nog gestreeld door het feit dat ik de halve finale gehaald had. Het vetste was echter gewoon het feit dat ik voor een paar honderd mensen op een podium een aantal goede rocknummers heb mogen optreden, waarbij “One” natuurlijk het ultieme hoogtepunt was.

Links: Yarno de verliezer. Rechts: Jasper de keiharde winnaar!

Eén dingetje moet me toch nog wel van het hart: Helaas waren er voor alle deelnemers, ondanks hun enorme rockstatus, verdomd weinig groupies te bekennen. Better luck next time!Een wereld van verschil, zo kon je het wel noemen. Kwam je eerst vanuit een ruimte waarin diverse grote rockknallers gespeeld werden, zo sta (of zit) je in de grote hal ineens te luisteren naar een compleet ander tak van de popmuziek. Er zitten gitaren in, maar daarmee houdt de vergelijking ook echt mee op.

Zoete ballades en catchy poprock songs, daarmee vermaakte het alweer tienjarige Krezip ons afgelopen zaterdag mee. De Tilburgse band heeft vaak genoeg in de Heineken Music Hall gestaan, maar weet eindelijk maar toch voor het eerst zelf als main act op de treden in de Amsterdamse muziekzaal. Ongewoon voor een groep die al sinds 1997 optreed, furore maakte op Pinkpop en al met al een decennium lang muziek maakt. Maar eens moet er een eerste keer zijn, voor Krezip was dat 29 december. Knallend het jaar uit dus, zal vast de gedachte er achter geweest zijn.

Met een overweldigende tsunami aan gitaargeweld opende de band echter niet. Als opener was er namelijk gekozen voor de rustige ballad “Not Tonight”. Een schril contrast vergeleken wat men eerder op de avond hoorde tijdens de Guitar Hero III-wedstrijden, maar de honderden uitzinnige en enthousiaste fans maalden daar niets om. De ruim negentig minuten speeltijd waren voor hen dan ook puur genieten, niet in de laatste plaats door de energieke zangeres Jaqueline Govaert. Govaert, deze avond gekleed in hippe rokjes met oogverblindende kleuren, huppelde vrijwel de hele avond als een klein meisje op Sinterklaasavond over het podium heen en weer. Niet alleen zij had er zin in: ook de rest van de bandleden gaven alles wat ze in zich hadden. Het werkte aanstekelijk, want het publiek trakteerde de band regelmatig op luid gejuich.

Voor een jubileumconcert dat tien jaar beslaat kan het niet anders dat er oude klassiekers en moderne hits, hoewel de nadruk deze avond toch lag op het laatste album genaamd Plug It In. Dat betekende dus een hoop nummers met een flinke dosis aan disco- en new wave-elementen, afgewisseld door een aantal tragere ballads. Ook het haast verplichte en onvermijdelijke “I Would Stay” kwam nog even langs, hét nummer wat Krezip in één klap wereldberoemd in Nederland maakte. Voor de gelegenheid werd het nummer wel anders gespeeld: niet minder dan Pieter Both van reggaeband Beef werd van stal gehaald om er een geheel andere tint aan te geven. Begon Govaert nog normaal door eerst piano te spelen en er bij te zingen, niet veel later kwam de gehele band erin en kwam Both al zingend het podium op. Uiteindelijk mondde het nummer zich uit op een waar duet, eentje die men niet zo snel aan zag komen. De reggaeversie was anders, maar viel niet verkeerd.

Dat laatste kan echter wel gezegd worden over de documentaire over Krezip die tussentijds werd laten zien. Op een groot scherm achter de bandleden zelf werd een filmpje getoond waarin beelden te zien waren van het Krezip van vroeger. Dit alles voelde lichtelijk misplaatst aan, pretentieus haast. Het haalde bovendien de snelheid uit de show, iets wat ongetwijfeld niet de bedoeling geweest was. Vreemd genoeg was dan ook alleen dit gebeuren dat inhaakte op het tienjarige jubileum: voor de rest waren er geen vlaggen of andere zaken die aanduiden dat we te maken hadden met een groot verjaardagsfeest. We verwachten niet gelijk dat er confetti uit de lucht komt vallen, maar een paar slingers hadden bij wijze van spreken toch wel gekund? Fronzen en lachen tegelijkertijd deden we ook bij de ietwat impulsieve woorden van Jacqueline. Onder leiding van een groot applaus van het publiek begon ze over Krezip en dat ze al weer tien jaar bezig zijn, maar kort daarna eindigde ze met een harde vloek (de gelovigen onder ons konden de oortjes dan ook maar beter even dichtdoen) waarna de zaal ineens volledig stil was. En wij maar denken dat Krezip ook voor de allerjongsten onder ons geschikt was!

Nee, Krezip's tienjarige jubileum zal niet de boeken ingaan als het meest ruige feestje ooit. Wie een keiharde rockshow verwachtte waarin de ene na de andere moshpit gecreëerd werd en het er stikt van de stagedivers en crowdsurfers, kwam dan ook van een koude kermis thuis. Maar eigenlijk is dat ook niet eerlijk om te zeggen, het is daar immers de muziek niet voor. Wat het dan wel is? Aanstekelijke poprock met hier en daar een zoete ballad voor jong en oud. En hoe je het wendt of keert, spelen kunnen ze wel. Zoveel is zeker.