Halverwege de jaren ‘90 van de vorige eeuw was de bloeitijd van de 'interactieve speelfilm'. Met de komst van cd-rom (en later dvd-rom) werd het opeens mogelijk om 'echte' stukjes film op het computerscherm te toveren, waar de speler invloed op kon uitoefenen. De meeste van deze FMV-spellen, zoals Phantasmagoria en 7th guest, waren gedrochten van slecht acteerwerk en nagenoeg verstoken van gameplay.

Ook werden bestaande spellenreeksen opeens 'opgewaardeerd' met FMV. De eerste twee Wing Commander-games waren onopmerkelijke Space Shooters, overduidelijk geïnspireerd door Star Wars, maar door de blokkerige graphics en onnauwkeurige besturing slechts bescheiden hits. Dit was de tijd waarin de X-Wing- en Tie-fighter-spellen regeerden. Wie dus het 'Star Wars-gevoel' zocht, kon dat ook krijgen.

Doorbraak

De grote doorbraak kwam met Wing Commander III. Spellenmaker Chris Roberts wilde eigenlijk stiekem altijd al filmregisseur worden en zag zijn kans door de derde Wing Commander te voorzien van heuse videoscènes met echte acteurs. Acteurs zoals Mark Hamill, die voor eeuwig bekend zal blijven als Luke Skywalker uit Star Wars.

Voor zijn tijd was Wing Commander III een imposant spektakel. Veel van de scènes werden geschoten voor 'green screens', wat wil zeggen dat de decors later met de computer werden ingevuld. Wie nu naar die oude beelden kijkt (ze staan nog op YouTube) zal ofwel uit zijn stoel rollen van het lachen of met plaatsvervangende schaamte wegkijken. Vooral de kostuums van de Kilrathi (de katachtige vijanden uit de eerste delen) zijn met onze huidige blik niet om aan te zien. Wel leuk om naar te kijken was het gastoptreden van toenmalig pornosterretje Ginger Lynn, die in die tijd probeerde 'normaal' acteerwerk te vinden en het in dit spel helemaal niet slecht deed.

Mega, man!

Het hoogtepunt van de reeks is echter Wing Commander IV, een spel dat toentertijd net zoveel van een PC vroeg als Crysis tegenwoordig. En zelfs met een überkrachtige Pentium 100 met 8 Megabytes ram (ja dat las je goed: MEGAbytes), duurde het inladen van elke missie nog een paar minuten.

Wing Commander IV had een keur aan beroemdheden aan boord gehaald. Mark Hamill speelde nog steeds 'Commander Blair'. Tom Wilson (bekend als Biff in Back to the Future) was Maniac. Verder zien we John Rhys-Davis (Gimli in Lord of the Rings) en Malcolm McDowell (A Clockwork Orange) in belangrijke rollen. Als er ooit een moment was dat de game-industrie dacht dat het Hollywood was, dan was het wel tijdens het maken van Wing Commander IV.

Hoe speelt het?

Al die geschiedenis en nostalgische gevoelens zijn natuurlijk leuk, maar meestal is de herinnering gekleurd. Daarom vonden we het tijd om Wing Commander IV weer eens te spelen om te zien wat er nog van het spel overeind blijft.

Voor ons, verwende gamers met HD-consoles en een Alienware PC, was het een angstig moment om Wing Commander IV te installeren. Het spel is dankzij Good Old Games (www.gog.com) voor $5,99 (EUR 4,56) te koop en is 'geoptimaliseerd' voor moderne Windows-systemen. Oh, hadden we nog niet verteld dat het spel oorspronkelijk voor DOS was geschreven?

Dankzij deze 'nieuwe' versie start het spel onmiddellijk op en begint het met een (heel lange) introductievideo. Geen startscherm, geen menu: meteen een film. En ook een film waar we meteen al 'keuzes' kunnen maken. Het spel heeft meerdere eindes en zowel onze prestaties in het spel als de manier waarop we ons gedragen, bepalen welke finale we te zien krijgen.

Twintig (!) minuten later zitten we dan voor het eerst in de cockpit van onze ruimtejager. We ontdekken tot onze afschuw dat we met de cursortoetsen moeten sturen. We proberen op 'ESC' te drukken om het menu op te roepen, maar in de vorige eeuw waren dat soort standaarden nog niet van kracht. Via Google en wat fora ontdekken we dat het spel zowaar met een Xbox-controller te spelen is, mits we via 'alt-O' het menu openen en de Joystick-besturing aanzetten.

Up up down down

Inderdaad blijkt het schip bestuurbaar, als we tenminste kunnen wennen aan het feit dat we het schip links en rechts laten rollen door de stick omhoog of omlaag te duwen. Nou daar willen we niet aan wennen, dus zoeken we verder. En gelukkig blijkt de game ook speelbaar met de muis. Dat gaat al een stuk beter.

Een paar gefaalde missies later beginnen we het spel weer in de vingers te krijgen. We moeten vooral gebruikmaken van onze 'Wingman' (vandaar dus de naam Wing Commander) en hem via een menu opdrachten geven. Opdrachten zoals 'val mijn doel aan' of 'help mij!'

Ook ontdekken we dat spellen in de jaren '90 f#cking moeilijk waren. Door de standaard moeilijkheidsgraad van 'Ace' naar 'Veteran' terug te schroeven, zijn we eindelijk in staat om vijanden uit de lucht te knallen.

Dynamisch

Dan blijkt ook dat het spel 'dynamische' missies bevat: het falen van een opdracht betekent niet meteen 'game over', maar dat de volgende missie anders (en moeilijker) wordt. Denk hierbij aan Star Fox met zijn verschillende paden door het spel heen.

Grafisch houdt het spel uiteraard niet over. Hoewel de filmbeelden relatief goed zijn (WCIV gebruikte echte sets in plaats van green screen) en in volledig 16:9 scherm afgespeeld worden, is het werkelijke spel blokkerig en in 4:3. Tijdens de ruimtemissies zijn er dus zwarte balken rechts en links op het scherm

Echt lelijk wordt de game tijdens de 'grondmissies', waarbij we over een landschap vliegen met een tekenafstand van een meter of tien. We herinneren ons dat deze momenten zelfs in de jaren '90 al niet denderend waren, maar met de ogen van 2013 is het brandend lelijk.

Attack my target!

En toch blijven we spelen. We leren weer hoe we met 'y' de snelheid van onze tegenstander matchen, om zo dogfight-manoeuvres uit te voeren. En dat we met 'e' 'countermeasures' kunnen afvuren om vijandelijke raketten af te leiden. We houden tijdens het schieten rekening met de snelheid van de tegenstander en kunnen al snel zonder na te denken onze Wingman effectief inzetten. En we voelen ook weer nostalgische gevoelens als we, aan het eind van iedere missie, eerst toestemming moeten vragen voor we weer op ons moederschip kunnen landen.

Wat dit alles voor ons aantoont, is dat de Space Shooter nog steeds levensvatbaar is. Het blijft leuk om a la Star Wars of Battlestar Galactica door de ruimte te scheuren en vijanden op te blazen.

De videoscènes zijn overduidelijk slecht geschreven en hangen van clichés aan elkaar. Maar dankzij de aanwezigheid van voortreffelijke acteurs, kijkt deze Star Wars rip-off een stuk beter weg dan de afschuwelijk slechte Wing Commander-film die Chris Roberts een paar jaar later maakte.

Maar misschien komt dat ook omdat we het spel gespeeld hebben toen het net uitkwam. We denken dat iemand die is opgegroeid met PlayStation en Xbox waarschijnlijk na vijf minuten al gillend op de ESC-knop drukt om het spel af te sluiten. En dan ontdekt dat ook dit niet werkt. (Ken je klassiekers, jongens, met alt-F4 sluiten we een DOS-game af...)

Voor ons blijft Wing Commander IV een bijzondere ervaring uit een tijdperk waarin echte helden hun stuurknuppel vastgrepen in plaats van de controller. Onze hoop is dan ook gevestigd op Chris Roberts’ Star Citizen en David Brabens Elite Dangerous, de twee Kickstarter-projecten die het verleden kunnen doen herleven. Een verleden dat zich ironisch genoeg afspeelt in de toekomst.