Geluk bij een ongeluk: ik zie toch niet zoveel in het herspelen van games, op een uitzondering nier en daar. Laat ik nu toevallig wel de PS3 van een collega in huis hebben. En, belangrijker nog, al zijn (save)games. Niets confrontatie tussen een nostalgisch oog en de tand des tijds, gewoon willekeurig een game kiezen en kijken waar hij het laatst gebleven is. En dat een keertje of drie, tot het ongemakkelijk werd om in iemands digitale verleden te graven.

Uncharted: Drake’s Fortune

Ha, die ken ik nog wel van toen ik ‘m zelf speelde. Je verzint het niet, maar mijn collega is precies op het punt gestopt waar ik het ook voor gezien hield: die ondergrondse ondergelopen ruimte vol vijanden achter strategisch geplaatste pilaren. Zodra je een groepje dood hebt, komt er uit alle kieren en gaten versterking gekropen. Wat een contrast met het titelscherm, waarvan de muziek me nog iedere keer doet wensen dat ik een echte avonturier kan spelen in Uncharted, in plaats van een veredelde schurk. Aan de luchtige gesprekken en humor heeft het echt niet gelegen, maar zelfs die begonnen misplaatst aan te voelen na bloederige vuurgevechten die maar duurden en duurden. Hoeveel smalle richels en glibberige boomstammen Nathan Drake ook tegenkwam, het gebrek aan relativering van het geweld bleek voor mij het grootste struikelblok. Dat is het drie jaar later nog steeds, ik ben omgekeerd en heb mezelf van een kasteel in de zee gestort. Dat is pas echt avontuurlijk.

Yakuza 4

Voor iemand die nooit Yakuza en altijd GTA heeft gespeeld, waren de eerste minuten in Yakuza 4 een behoorlijke cultuurschok. Mijn collega had de game al uitgespeeld, dus koos ik ervoor om vrij rond te lopen. Yakuza voelde vooral als een soort anti-GTA, met als toppunt de straatschoffies die zich verontschuldigden nadat je ze een lesje had geleerd. Ze hebben immers verloren en dat betekent het boetekleed aantrekken.

Een uurtje door de straten van…ja welke stad was het, daar heb je het al…lopen, was eigenlijk bijzonder vermakelijk. Zonder context, maar ook zonder enige drang om alles overhoop te halen. Die voel ik in GTA vrijwel direct, misschien juist omdat locaties zo ‘normaal’ lijken. In Yakuza is het veel interessanter om de Japanse cultuur op te snuiven, die op zichzelf al genoeg boeit. Overal voetgangers en nauwelijks auto’s, een open wereld vol kleine steegjes en om iedere hoek weer een Hostess Bar. Daar mag het kleine meisje dat achter me aan huppelt niet heen, ze loopt echter zonder morren mee een wapenwinkel in. Dat klinkt dan weer wel typisch Amerikaans.

Mass Effect 3

Ik heb het einde van Mass Effect 3 gezien! En nee ik ga er niet over door zagen, ik heb al het voorgaande en de twee eerdere delen namelijk nooit gespeeld. Ik viel binnen bij de laatste scène, waar mijn collega blijkbaar gebleven was. Zonder enige voorkennis was dat prima te pruimen: toepasselijke muziek, mooie sfeerbeelden en een cliffhanger op het eind. Kortom, een ideale afsluiter voor een popcornf….oh wacht. Veel leuker was om daarna met mijn collega’s Shepard aan de slag te gaan en zijn standpunten 180 graden te draaien. Ik weet niet hoeveel tijd hij heeft besteed om Liara te strikken, maar ik wist haar in ieder geval met één bot antwoord af te wijzen. Vervolgens liet ik haar lekker thuis toen ik op missie ging. Die zag ze niet aankomen.

Castlevania: Aria of Sorrow

Vooruit, toch een reload van een eigen game dan. Of ja, reload, dat is lastig als je het spel eerst op een emulator speelde en nu op een echte GBA. Wat ik me nog herinner van Aria of Sorrow is dat ik om de paar minuten weer mijn uitrusting aan het omgooien was. Alles om maar dat ene puntje aanvalskracht omhoog te gaan. Deed ik toch weer ietsje meer schade per aanval. Hoe anders was dat toen ik het deze week weer opstartte. Een uur vanaf het begin verder en ik had nog nul keer gesaved, misschien één keer een noodzakelijke Soul geselecteerd en verder een potion geslikt. Toen ik noodgedwongen moest stoppen (de treinreis zat erop), zag ik dat ik al bijna dertig procent van de map had voltooid. In mijn hand rustte nog steeds de eerste dolk.

Blijkbaar verleer je een Metroidvania nooit. Waar ik voorheen altijd vol verbazing naar Castlevania-speedruns keek, kan ik mijn fascinatie nu eindelijk een beetje temperen. Sterker nog, ik durf zelf ook wel een gokje te wagen. Misschien dat ik niet tot op de seconde efficiënt ben, maar ik ken de map nog dusdanig op mijn duimpje dat ik een snelle tijd wel in de vingers heb. Toch wel nuttig zo’n spel nog een keer spelen.