Op het eerste gezicht lijkt het allemaal niet heel spectaculair, PlayStation 3-games streamen naar PlayStation-apparaten, tablets en televisies; bovendien moeten we er in Europa nog tot minimaal 2015 op wachten. En zelfs dan weten we nog niet precies hoe goed dit allemaal werkt. In die zin zullen maar weinig gamers nu al in hun handjes wrijven bij het idee om over meer dan een jaar eindelijk op hun tablet games te spelen die al jaren uit zijn.

Toch getuigt deze stap wel van een duidelijke toekomstvisie. Een visie die Nintendo op dit moment keihard kan gebruiken. Waar Sony straks openlijk gaat experimenteren met het streamen van games naar allerlei soorten apparaten - en daarmee de ongekende aanwezigheid van tablets en smartphones en steeds geavanceerdere televisies niet alleen accepteert, maar ook omarmt - lijkt Nintendo nog steeds geen echte keuzes voor de toekomst te hebben gemaakt . Bovendien boort Sony straks die door Nintendo zo geliefde grote doelgroep van casual gamers aan die geen interesse hebben om een dure console te kopen, maar wel een tablet in huis hebben waar ze graag games op spelen.

Puur gameconcern

Sony en Nintendo zijn echter niet volledig met elkaar te vergelijken. Zo betekent voor Sony het verspreiden van zijn collectie aan games dat het tegelijkertijd andere productlijnen versterkt. In die zin kijkt Sony als bedrijf bewust verder dan de game-afdeling. Nintendo kan zich daarentegen alleen maar op de gamesmarkt richten en daar wordt het geconfronteerd met enkele lastige kwesties. Zo vertelde Nintendobaas Satoru Iwata onlangs op een persconferentie: “Het is juist om af je te vragen of Nintendo door moet gaan met hetzelfde model van het verkopen van een console voor 20,000 tot 30,000 yen en spellen voor een paar duizend yen per stuk, en als je dus vraagt of we over een nieuwe business structuur nadenken, dan is het antwoord ‘ja’.”

Toch lijkt Nintendo zich vooralsnog weinig aan te trekken van smartphones en tablets en blijft de visie vooral naar binnen gericht. Iwata nogmaals: “Het is niet iets simpels als de verspreiding van smart devices die ervoor zorgt dat gamemachines niet zullen verkopen. Als wij iets aanbieden dat in lijn is met de veranderingen van vandaag, denk ik dat mensen nog steeds gamemachines zullen kopen.”

Sony-baas Kaz Hirai liet tijdens een presentatie op technologiebeurs CES (waar ook PlayStation Now uit de doeken werd gedaan) onlangs een heel ander geluid horen over de houding in zijn bedrijf: “We spenderen meer en meer tijd kijkend naar buiten, naar de wereld, naar cultuur en naar consumenten; in plaats van naar binnen te kijken”. Hiermee in lijn staat Sony’s PlayStation Now-service. Een service die gegrond is in de veranderde omgeving waarin services als Netflix en apparaten als smartphones en tablets steeds meer de dienst uit lijken te maken. Een pagina nemen uit Sony’s strategieboekje is voor Nintendo daarom wellicht helemaal niet zo verkeerd idee.

Naïef of volhardend

Dat Nintendo hier voorzichtig mee is en zijn iconen dus niet al jarenlang op elk gameplatform ter wereld aanwezig zijn roept voor sommigen nog steeds vraagtekens op. Feit is dat Nintendo heel lang de luxe had om zijn troeven achter slot en grendel te houden. Maar meer dan een luxe is het ook een overtuiging voor Nintendo. Zo zei Iwata op de E3 van vorig jaar: “Als we Mario naar andere platformen gaan brengen en als Nintendo stopt met het produceren van hardware, is dat qua verkopen en winst misschien logisch voor ons, maar Mario zal zijn inherente waarde verliezen.”

Dit principiële gedachtegoed is verankerd in Nintendo’s visie, door constant van zijn eigen kracht en kwaliteit uit te gaan en zich weinig aan te trekken van anderen. Dit geloof in controle heeft overeenkomsten met de manier waarop Apple zijn platformen gesloten houdt om zo voor de consument een ideale, betrouwbare en kwalitatief hoogwaardige omgeving te bieden. Nintendo lijkt echter steeds minder goed te slagen nieuwe wegen in te slaan omdat het bang is zijn betrouwbare imago kwijt te raken. Denk bijvoorbeeld aan de zeer langzame en gelimiteerde introductie van online-functionaliteiten op zijn consoles en handhelds.

En nu?

We kunnen Nintendo niet beoordelen op zijn vermogen om net als Sony het gevecht op meerdere fronten in de technologiewereld aan te gaan. Wel kunnen we het bedrijf beoordelen op het vermogen om een sterke speler te blijven in de gamesmarkt. Tot nog toe weet Nintendo weinig te verrassen en komt de vernieuwing vooral voort uit interne hersenspinsels en te weinig uit invloeden vanuit de buitenwereld, die ondertussen steeds maar groter en sterker worden.

In die zin is PlayStation Now wellicht een inspiratiebron voor Nintendo om op een nieuwe manier te kijken naar zijn enorme bibliotheek. Op 30 januari doet Nintendo zijn strategie voor de midden en lange termijn uit de doeken, en hoewel we hopen op een revolutie, blijft Nintendo naar alle waarschijnlijkheid stoïcijns in zijn eigen gelijk geloven. Ondertussen kijkt Sony iets noordoostelijker in Tokyo nog eens naar buiten.