Anthology set

 

Arena

Ontwikkelaar Bethesda had niet meer in z’n portfolio dan wat generieke sporttitels. De allereerste The Elder Scrolls brak daarmee; het idee voor deze game was oorspronkelijk om van arena naar arena te gaan, daar andere teams te bestrijden en uiteindelijk kampioen van een toernooi te worden. Een soort middeleeuwse Pokémon dus. Onderweg zou je af en toe een side-quest uitvoeren voor de lol, maar meer ook niet. Die side-quests bleken echter zo leuk dat er steeds meer van gemaakt werden. Binnen de kortste werden steden rond de arena's ontworpen, en daarna dungeons buiten die steden. De game werd zo groot dat de arena's zelf niet meer nodig waren en het hele idee van het toernooi eruit werd gesloopt. Alleen de naam Arena bleef, omdat het promotiemateriaal nou eenmaal al gedrukt was.

De game was een risico voor het kleine Bethesda, en op het eerste gezicht bleek het geen geslaagde gok. Er werden in eerste instantie maar weinig kopieën gedrukt voor de launch in 1994. De maanden daarna verkreeg steeds meer een cultstatus, ondanks middelmatige reviews, en Arena werd uiteindelijk een bescheiden succesje.

Daggerfall

Het tweede deel borduurt verder op de succesvolle elementen van zijn voorganger. De wereld is groter en de vrijheid die de speler heeft ook. Er zijn meerdere verhaallijnen, maar het leukste is om van de gebaande paden te gaan en de omgeving te verkennen. Je krijgt ongekende mogelijkheden om een personage te creëren met de keuze uit 18 verschillende klassen. Er zijn duizenden mensen om mee te praten en guilds waar je nieuwe vrienden en net zoveel vijanden kunt maken. Als er een punt van kritiek is, dan is het ironisch genoeg de overdaad aan vrijheid.

Een ander kritiekpunt is crucialer. De wereld bleek te groot voor testers om het volledige spel op foutjes te controleren. De game zit vol met bugs die het spelen soms onmogelijk maken. Een beetje avonturier die alle hoeken en gaten van de omgeving wil verkennen, komt regelmatig vast te zitten. Bethesda besloot om voor volgende projecten meer tijd uit te trekken.

Daggerfall Daggerfall

Morrowind

Arena begon kleinschalig en groeide gedurende de ontwikkeling. Morrowind is meer het tegenovergestelde. Het idee was aanvankelijk om de speler los te laten in de gehele provincie van Morrowind. Na de kleine actiegeoriënteerde uitstapjes Battlespire en Redguard – niet in de Anthology-box opgenomen, overigens – dacht Bethesda dat gamers weer de behoefte hadden aan een old-school RPG. Een hele provincie bleek echter te veel gevraagd, en de uiteindelijke game beperkte zich tot het eiland Vvardenfell.

Morrowind is gelukkig een stuk stabieler dan zijn voorganger en betekende in 2002 eindelijk het grote succes voor de Elder Scrolls-serie. In totaal zijn er vier miljoen exemplaren verkocht, inclusief de Xbox-versie. Er volgden ook twee uitbreidingen: Tribunal, dat zich afspeelt in de stad Mournhold, en Bloodmoon, onze eerste kennismaking met het ijzige eiland van Solstheim.

Morrowind

Oblivion

In 2006 werd het succes voortgezet met Oblivion op de PC en de Xbox 360, en de PlayStation 3 in 2007. Het succes van de open wereld kreeg meer opsmuk door de HD-graphics. Ook is er meer aandacht voor het verhaal dan in vorige delen: de speler kan nog steeds gaan en staan waar hij wil, maar een intrigerende verhaallijn zorgt ervoor dat de main quests aansprekender is dan in Morrowind. Het verhaal draait overigens om de radicale cult Mythic Dawn, die de poorten naar Oblivion willen openen. Vooral de uitstapjes naar dat kwaadaardige rijk zijn memorabel.

Het vierde deel is ongeveer net zo'n succes als Morrowind, met ongeveer 3,5 miljoen verkochte exemplaren. Wederom kwamen er uitbreidingen, en de DLC voor Oblivion is berucht om zijn uiteenlopende kwaliteit. Aan de ene kant staat de befaamde Horse Armour, een stukje nutteloze bescherming voor je paard dat alsnog een paar euro kostte. Aan de andere kant de twee uitstekende uitbreidingen die meer dan waar voor je geld bieden. Knights of the Nine is misschien niet al te lang, maar Shivering Isles biedt dertig uur aan gameplay.

Obilivion

Skyrim

Skyrim is volgens ons de beste game van 2011, met een gigantische en gevarieerde spelwereld waar je werkelijk maanden in rond kunt trekken. De game speelt zich af in de ijzige provincie van Skyrim, waar draken de lucht beheersen en zowat overal wel een grot vol beesten te vinden is. Ondanks de hoge kwaliteit verliep de releaseperiode van Skyrim niet vlekkeloos. Vooral de versie voor de PlayStation 3 was gemankeerd, met vertragingen tot gevolg en een patch die veel te laat kwam.

Toch was het vijfde deel een gigantisch succes: met meer dan tien miljoen verkochte exemplaren is het de meest lucratieve Elder Scolls-game tot nu toe, uiteraard verder uitgebouwd met DLC. Dawnguard concentreert zich op de vampieren in het universum, terwijl spelers middels Hearthfire hun eigen huis kunnen bouwen. De grootste uitbreiding is Dragonborn, dat Solstheim uit Morrowind nieuw leven inblaast.

The Elder Scrolls vermaakt gamers al bijna 20 jaar met ongeveer hetzelfde fundament: een gigantische wereld waarin jij je kunt doen en laten wat je wilt. Het is de perfecte vorm van escapisme. Je stapt in de schoenen van een krachtige, naar wens vormgegeven strijder en de wereld ligt aan je voeten. Het gaat heel wat tijd kosten om al die games uit de Anthology achter elkaar te spelen, maar het is het waard.

Skyrim