Lees hier de Gamer.nl-recensie van Diablo 3: Reaper of Souls - Ultimate Evil Edition

Het is een vreemd overgangsjaar geweest voor games. De twee grootste consoles beleefden hun eerste volledige jaar op de markt en kwamen met hun eerste grote titels naar buiten. Hoewel ik dolgraag een game als Infamous: Second Son of Titanfall zou willen kiezen als mijn favoriet van het jaar, vind ik dat die games nog een aantal extra kwaliteiten ontberen. De nieuwste generatie consoles is aardig uit de startblokken gekomen, maar we komen nog niet om in must-play titels.

Een nieuw jasje

Als we puur kijken naar kwaliteit, dan zijn de beste games die dit jaar zijn uitgekomen ook de beste games van de vorige consolegeneratie. We worden om de oren geslagen met remakes, remasters en Ultimate Editions van spellen die we allang kennen. Veel mensen klagen daarover, maar ik vind het niet per se een slechte zaak. Terwijl we wachten totdat de nieuwste consoles op volle snelheid draaien en er een flinke verzameling games is om uit te kiezen, is dit de perfecte tijd om nog even aan te haken bij de toppers die je afgelopen jaren hebt gemist.

Daarbij worden, voor het grootste deel, alleen echt goede games uitgekozen. De beste game die ook dit jaar uitkwam is The Last Of Us, in mijn optiek een van de beste spellen ooit gemaakt. En games als Tomb Raider, Sleeping Dogs of een compleet pakket als de Master Chief Collection doen het ook goed op je fonkelnieuwe console.

Uur na uur

Als ik echter terugkijk naar het spel waar ik dit jaar het meeste aantal uur in heb zitten, dan is dat zonder twijfel Diablo 3: Reaper of Souls – Ultimate Evil Edition op de PlayStation 4. Een belachelijk lange titel, omdat het zowel een uitbreiding op als een remaster van het originele Diablo 3 is. Een origineel waar ik ooit wel aan begon, maar nooit echt ver mee ben gekomen.

Deze consoleversie met alle toeters en bellen voelde daarom totaal fris aan voor mij. Anderen zijn al sinds 2012 aan het spelen en klaagden over een haperende launch, loot die niet in de goede hoeveelheid dropt en het veilinghuis waardoor spelers altijd online moesten zijn. Ik kreeg echter een totaal gebalanceerd pakketje voor mijn neus, zonder auction houses en met alle verbeteringen die Blizzard door de jaren heen heeft ingevoerd.

De enige klacht die ik heb is dat de game te makkelijk is geworden. Je vindt veel vaker ‘legendary’ spullen die bij jouw personage passen, waardoor je veel te snel veel te sterk wordt voor je tegenstanders. De normale moeilijkheidsgraad kun je beter gelijk overslaan, en ook de moeilijkste stand, die je in het begin kunt kiezen, biedt eigenlijk te weinig uitdaging - zeker als je met z'n tweeën speelt. Maar als je het spel eenmaal hebt uitgespeeld en je waagt je op Torment-niveau aan een aantal Rifts, dan krijg je het ineens toch flink voor je kiezen.

In een trance

Het is moeilijk om op een persoonlijk niveau uit te leggen waarom ik zo veel uur in Diablo 3 heb gestoken. Technisch kan ik de pluspunten van de game wel aanwijzen. Het loot-systeem waarin je steeds weer net iets betere items krijgt werkt enorm verslavend, de graphics zien er scherp uit en de actie is enorm strak. Maar het uiteindelijke spel is meer dan de som der delen, het is een trance-opwekkende ervaring die ik uren kan spelen zonder me te vervelen. Heb ik het ene poppetje naar level 70 geloodst, dan begin ik gewoon aan de volgende.

En nog steeds is er meer te doen in de game, dingen die ik nog wil meemaken voordat ik echt kan zeggen dat ik er helemaal klaar mee ben. Natuurlijk wil ik de platinum trophy nog bemachtigen, maar daarvoor moet ik nog wel level 70 halen met alle classes. Maar ook wil ik de hoogste moeilijkheidsgraden – en dat zijn er nogal wat – verslaan, wil ik alle Nephalem Rifts uitpluizen en zijn er nog wel wat bounties die ik kan ondernemen. Ik vraag me af waar ik de tijd vandaan moet halen om dat allemaal nog te doen.

Het meest dankbaar ben ik de game echter voor de uitmuntende coöp-ervaring. Als ik terugdenk aan dit gamejaar, dan zal ik vooral denken aan hoe ik samen met mijn vriendin op de bank urenlang heb gejaagd op de legers uit de hel. Het komt maar zelden voor dat wij een spel vinden waar we ons samen in kunnen verliezen, een game die we allebei leuk vinden en samen kunnen doorspelen zonder dat de ander op de bank zit toe te kijken. Diablo 3 is in alles ingericht op het samenspelen, van de loot die zichzelf verdeeld onder de spelers tot een krachtboost voor deelnemers met een lager level. Als ik dit jaar terugdenk aan mijn favoriete hobby, denk ik niet aan een ervaring die ik in mijn eentje heb gehad – hoe leuk dat ook kan zijn – maar aan iets dat ik heb kunnen delen met mijn geliefde. En dat voor een game over de hel!