#3 Black Ops II – Raid

De maps in Black Ops II zijn aan de kleine kant. Daarom is snipen onmogelijk en maakt de submachine gun veel andere wapens overbodig. Het ontbreekt de game aan een map met overzicht én knelpunten, zoals de doordachte floramap Overgrown uit Call of Duty 4: Modern Warfare.

Raid vormt een uitzondering. Het design van de ondergewaardeerde map maakt het een van de beste Call of Duty-maps sinds Crash en Overgrown. Aan de linker- en rechterkant zijn aan beide zijdes mogelijkheden om te snipen en het speelveld te overzien, terwijl het midden zich toelegt op de rauwe actie. Je kunt het midden via de spawns bereiken, maar ook via een van de doorgangen aan de zijkanten van het level.

De map is een zeer weldoordacht en complex Team Deathmatch-level. Maar gezien Team Deathmatch je in Call of Duty eindeloos laat spawnen en de spawns van beide team dus steeds wisselen, laat de map zich in het geval van Black Ops II beter spelen tijdens een potje Seek & Destroy, waarin iedereen aan één kant van het level begint en de (soort van) symmetrie nog beter uit de verf komt. Je kunt je dan ook beter een weg door de verdediging van een van de drie gangen banen en de verdere onwetende opponenten in hun rug schieten. En nee, dat is niet laf, maar gewoon blijk van tactische superioriteit.

#2 Medal of Honor: Warfighter - Sarajevo Stadium (in de Home Run-modus)

Medal of Honor: Warfighter werd niet bepaald warm door gamers en critici onthaald. Daardoor sneeuwden sommige toffe elementjes een beetje onder. De Home Run-modus bijvoorbeeld, waarin twee teams van drie spelers tien rondes lang een vlag moeten verdedigen dan wel veroveren. Omdat iedere speler maar één leven tot zijn beschikking heeft, levert dat sensationele, bijna clanmatch-achtige taferelen op. Oftewel, in huiskamer-slang van de gemiddelde gamer: fucking spannend

Persoonlijk kan ik Home Run de hele dag spelen, maar wel onder een cruciale voorwaarde: de map heet Sarajevo Stadium. Halleluja! Drie doorgangen met ieder één vlag, nauwe gangetjes, hoekjes om in te campen, een gebrek aan overzicht, flankopties en de reële mogelijkheid om met zijn drieën of juist in je eentje een vernietigende, testosterongeladen Rambo-rush te maken. Heerlijk hoe een compact level zo complex kan zijn. Jammer dat de rest van het spel zo ondermaats is.

#1 Haven - Halo 4

De multiplayer van Halo 4 is leuk. Echt heel, heel erg leuk. Wie dat niet gelooft, moet maar eens een potje Infinity Slayer spelen op het nu al legendarische Haven. De map, een cirkel, kent twee lagen. In het midden bevindt zich op beide verdiepingen een ruimte die met de buitenste cirkel wordt verbonden door vier gangen. Het laat zich moeilijk uitleggen: de map is redelijk compact, maar leent zich door het totale aantal van acht doorgangen, waarvan de bovenste door middel van gaten zijn verbonden met de onderste, voor meer dan genoeg frictiepunten.

De map doet tijdens sommige conflicten een beetje denken aan – vergeef me de blasfemie – Facing Worlds uit Unreal Tournament. Maar in tegenstelling tot die map zijn soloacties op Haven uit den boze. Doordat de gangen elkaar in het midden kruisen, staan beide teams vaak lijnrecht tegenover elkaar. Je bent daardoor genoodzaakt met zijn vieren het level te doorlopen, want in Halo draait alles om headshots en de map kent nauwelijks wapens waarmee je in je eentje kunt huishouden.

Wie dus in Haven besluit op eigen houtje verder te gaan, luidt als hij niet over überskills beschikt waarschijnlijk een teamverlies in. Zo simpel is het. In een compacte map als Haven winnen niet de beste gamers, maar de beste teamspelers. Dat is de geheel de verdienste van Havens voortreffelijke design. Chapeau.

#BONUS Dust – Counter-Strike: Global Offensive

Oh oh oh, wat ontzettend flauw. Dat klopt. Dust is een eeuwenoude map en zat recentelijk met Global Offensive in een remake van een nog oudere game. Het is louter om die redenen al onterecht om deze map mee te nemen in een eindejaarslijstje. Maar toch moet ie erbij. Al is het maar om de wat jongere gamertjes één grote wijsheid bij te brengen: Dust is de droom van iedere mapmaker. Zijn opvolger is wellicht vaker gespeeld, maar de impact van de_dust was ongekend.

Dat had destijds vooral te maken met het frisse uiterlijk. Geen industriële omgevingen, maar een lekker zichtbaar zonnetje en enkel gebouwen van zandstenen. Maar ook het ruimtelijke design is door maar weinig maps overtroffen. De map is zo ingericht dat ie zowel voor langeafstandschoten (bij de brug) als close quarter-actie (in het midden en bij de bomb sites) geschikt is. Wie wil campen kan dat met een sniper doen bij de brug, wie actie wil gaat richting het gebouw in het midden.

Wie het niet weet, heeft voldoende tijd tussen verschillende locaties op en neer te lopen. Alleen moet je dan wel zeker weten dat de uitgangen aan jouw zijde van het level door teammaten gedekt zijn. Je kunt Dust dus werkelijk spelen zoals jij dat wilt. Niet voor niets doorstaat deze map de tand des tijds met twee vingers in de neus.