Toegegeven, op Gamer maken jullie soms best leuke grapjes over hoe identiek Call of Duty-games aan elkaar zijn. Ik gniffel dan stiekem, maar zulke opvattingen zijn natuurlijk te kort door de bocht. De fundering verandert nauwelijks, maar in flow, opzet en uitgangspunt kunnen de delen behoorlijk verschillen. Logisch, want de serie wisselt ieder jaar van ontwikkelaar.

In de armen gesloten

Waar Treyarch (o.a. bekend van Black Ops en Black Ops II) het gooit op snelle, kleinschalige actie, zet ontwikkelaar Infinity Ward (bekend van Modern Warfare) in op spelplezier. Tactiek weegt in de Call of Duty-games van Infinity Ward net iets zwaarder dan snelheid van handelen. Ghosts is in die zin een typische Infinity Ward-game: veel grote maps om lekker in te snipen en enkel een handjevol levels dat geschikt is voor submachine guns. Door zijn lagere snelheid is de game bovendien toegankelijker dan de Black Ops-serie.

Voor Call of Duty-spelers is een nieuwe Call of Duty van een andere ontwikkelaar daarom wennen, want het tempo verschilt behoorlijk. Omdat Ghosts dusdanig teruggrijpt naar de gameplay van Modern Warfare – iets wat na het zeer gebalanceerde Black Ops II vrij onverwacht kwam, had de community ditmaal wel héél veel moeite om de nieuwe telg in haar armen te sluiten. Uiteindelijk lijken veel fervente Call of Duty-spelers Ghosts pas na vele weken te accepteren. Ook de kritiek die ik uitte in mijn recensie is nu niet meer zo relevant als ze tijdens de lancering was. Vanwaar die ommekeer?

Door de strot duwen

Het antwoord is simpel: Infinity Ward heeft geluisterd en gesleuteld. Neem bijvoorbeeld de modi in Ghosts, waarvan de ontwikkelaar er enkele welbekende uit de game verwijderde. De reden: Infinity Ward wilde zijn fanbase richting een trits nieuwe modi duwen. Daar deed de studio diezelfde fanbase echter geen plezier mee, want Search and Destroy is dé modus voor de speler die weet hoe hij of zij Call of Duty moet spelen. Op e-sports-toernooien is Call of Duty onder meer dankzij Search and Destroy al jarenlang een vaste waarde. Het regende kritiek op de fora van de game, want ja, gamers houden nou eenmaal niet zo van verandering.

Dat Capture the Flag en Hardpoint, naast Search and Destroy de twee favoriete Call of Duty-modi uit Black Ops II, nog steeds ontbreken, is jammer. Maar gelukkig is in ieder geval Search and Destroy weer terug. Na enkele weken besloot de ontwikkelaar de geliefde modus toch beschikbaar te stellen in publieke servers. Daarmee heeft een groot deel van de community zijn liefde voor de game kunnen hervinden, al was er nog altijd één groot probleem: publieke servers.

Veel modi zijn alleen leuk als ze gebruikmaken van een beperkende regelgeving. Enkel met bepaalde wapens en opties uitgeschakeld kan de balans tijdens het spelen werkelijk optimaal zijn. Je kunt je vast voorstellen dat rocketlaunchers, granaatwerpers, mensen die een schild dragen en C4-bommen die balans niet echt ten goede komen. Nee, zie daar het andere grote kritiekpunt dat de wereld had op Ghosts: het verwijderen van League Play.

Welkom terug, competitief spelen

Vorig jaar schreef ik al hoe League Play de serie min of meer gered heeft omdat balans en competitiviteit perfect in de modus samenkomen. League Play maakt gebruik van de MLG-toernooi-regelgeving, waarin te sterke wapens, gadgets, parks en beloningen verbannen zijn. Dat maakt van Black Ops 2 een heel competitieve en gebalanceerde game. Het was nogal raar dat Infinity Ward met Ghosts besloot geen soortgelijk e-sports-format te introduceren. Sterker nog, die kant van Call of Duty werd aanvankelijk volkomen genegeerd.

Bizar natuurlijk, want League Play is onder de kerndoelgroep een hit van jewelste. “Onder Treyarch is Black Ops 2 geëvolueerd naar een gebalanceerde competitieve shooter, onder Infinity Ward doet de serie op dat vlak een stap terug”, schreef ik meer dan twee maanden geleden in de recensie. “Wij twijfelen er daarom niet aan dat Infinity Ward binnenkort een pro- of e-sports-modus aankondigt”, vervolgde ik. En inderdaad, een maandje later voegde een patch de regelgeving van MLG toe. Min of meer.

‘E-sports-rules’

Middels ’e-sports’rules’ kunnen twee teams het eindelijk weer tegen elkaar opnemen in een e-sports-proof klimaat dat gebruikmaakt van de MLG-regelgeving. Zo hoef je je eindelijk geen zorgen meer te maken om mensen die met een riot shield rondrennen en op afstand ontplofbare C4-bommen richting je team werpen. Een behoorlijke verbetering.

Het grote nadeel is dat de MLG-regelgeving enkel te spelen is als je met een groot groepje mensen speelt, want je moet de richtlijnen kiezen in een zelf aangemaakte ‘Custom game’. Voor mij is dat geen probleem – ik speel met een vaste groep mensen, maar voor heel veel anderen betekent de toevoeging daardoor vrij weinig. Zij spelen nog altijd noodgedwongen in publieke servers of zoeken hun heil op Gamebattles, waar ze het op afspraak opnemen tegen andere teams. 

Leukere game

Reflecterend op wat ik toen in mijn recensie schreef, heeft Ghosts zich ongeveer zo ontwikkeld als ik hoopte dat de game zou doen. Veel aanpassingen hebben betrekking op de allergrootste minpunten, waardoor Ghosts een leukere game is dan het spel destijds was. Tegelijkertijd willen we niet te hard van stapel lopen, want er is nog genoeg ruimte voor verbetering. In publieke servers heerst nog altijd veel onbalans en te veel maps worden door de community niet zo graag gespeeld. Daarnaast is het een gemis dat er nog geen League Play-vervangend format is.

De studio luisterde soms zelfs zo goed dat sommige aanpassingen achteraf volledig onnodig bleken. Zo schreven wij en veel gamers dat je veel te snel dood ging in Ghosts. Infinity Ward introduceerde daarom de nieuwe Heavy Duty-modus, waarin spelers meer kogels kunnen incasseren. Eerlijk is eerlijk, de game speelt het fijnst als je zeker weet dat iemand na het incasseren van twee of drie kogels neergaat. Daar is de gehele game op afgesteld. Zo had Infinity Ward het bij de release het tenminste op één vlak beter dan de community.