Gisteren (zondag 26 september) begon mijn wekker op een belachelijk vroeg tijdstip geluid te produceren. Om kwart over vier moest ik mij namelijk uit mijn comfortabele bedje verwijderen om richting de bus te lopen, die ons, dat is een groep van 28 informatica/bedrijfsinformatietechnologie studenten plus bijbehorende student, van Enschede naar Schiphol zou vervoeren.

Een busreis van twee uur, zes uur vliegen naar Philladelphia en nog eens een dik uur vliegen plus een dik uur vertraging naar Boston later, waren we in Boston. Deze grote stad staat bekend om de Boston Tea Party, het begin van de Amerikaanse onafhankelijkstrijd, het Honkbalteam The Boston Red Socks en Tv-serie Boston Legal. Maar vooral is de stad bekend omdat topuniversiteiten Harvard en MIT hier zo vlak bij liggen. Het was de laatste van deze twee waar wij het Singapore-MIT Gambit game lab bezochten.

MIT

Voor we het Gambit-lab zouden bezoeken kregen we echter een korte rondleiding over de campus van MIT. Het Massachusetts Institute of Technology is een van de meest gerenommeerde (technische) universiteiten van de wereld, waar belangrijk onderzoek op natuurkunde, informatica, bouwkunde en luchtvaart gedaan wordt. Ieder jaar studeren 10.000 nieuwe studenten aan deze universiteit, slechts 25% van de mensen die zich ieder jaar proberen in te schrijven. Het is een hard bestaan, want studieweken van meer dan vijftig uur zijn eerder regel dan uitzondering.

De campus van MIT, het terrein waarop de universiteit zich bevindt, is dan ook groot. Hoewel het maximaal een halve kilometer breed zal zijn, is totale lengte van de van de campus bijna twee kilometer. Het grote gebouw bestaat uit een lang gebouw in Romeinse bouwstijl met een grote koepel, bekend om de vele grappen die de studenten er mee uithalen (zoals een politieauto op het dak zetten). Centraal in het gebouw staat de infinite corridor, een feitelijk niet zo heel lange maar wel smalle gang waar de vele studenten zich in een hoog tempo doorheen bewegen. Interessant was ook het gebouw waar in de jaren zestig de ontwikkeling van Space Wars plaatsvond, de eerste game die buiten het lab gespeeld kon worden.

Gambit

MIT is dus van belang geweest bij de geschiedenis van de computergame. Het mag dan ook niet verbazen dat deze universiteit, die zich naast met technologie ook met kunsten bezig houdt, gamedesign als serieus onderzoeksgebied beschouwt. Dat onderzoek vindt onder andere plaats bij het Gambit lab, een door mensen in Singapore gefinancierd project dat tijdens de zomervakanties in acht weken games ontwikkelen die iets totaal anders moeten doen dan de gemiddelde commerciële games. Het is als verwende gamesjournalist misschien moeilijk om enthousiast te worden van kleinere ontwikkelaars, maar Gambit wist daadwerkelijk indruk te maken. Zo zagen we een game die met slechts een knop gespeeld kon worden(Showtime), maar wel ontzettend leuk in elkaar zat, een point-and-click adventure die zelf puzzels creëerde zodat ook de tweede keer spelen leuk was (Syman) en een platform spel dat de speler zover krijg persoonlijke vragen te beantwoorden (Yet One Word). Bijna allemaal zijn ze gratis te spelen op hun site (gambit.mit.edu), wat ik (zonder de tijd gehad te hebben ze zelf echt te spelen) aanraad aan mensen die houden van games die wat anders doen.

Ook kregen we een presentatie van een ex-medewerker van Monolith, die verantwoordelijk was geweest voor de fenomenale kunstmatige intelligentie van FEAR. Zijn nieuwe project draait echter om het onderzoeken hoe computers kunnen leren omgaan met objecten in een game. Zijn overtuiging was het gebruik van cloud computing, waarin de computers van alle gebruikers samen zorgen voor het leren van een systeem. De eerste test van dit onderzoek is The Restaurant Game, waarin twee menselijke spelers de rollen van restaurantbezoeker en bediende op zich kunnen nemen. Door op serieuze en minder serieuze manier met elkaar te communiceren in de omgeving van een restaurant kan de computer zo leren hoe zich realistisch te gedragen als virtuele ober of klant. Een vroege stap naar wat misschien wel de toekomst van kunstmatige intelligentie in games zou kunnen worden, waarin bijvoorbeeld shooters leren van de speelstijlen van meerdere spelers.

Bubbelig drankjes

Het tweede deel van de dag stond in het teken van het bezichtigen van de stad Boston, een voor Amerikaanse begrippen prachtige en historische stad. Het bezichtigen deden we met behulp van een amfibisch voertuig uit de tweede wereldoorlog, compleet met humoristische gids die ons zo ver kreeg om na het horen van “bubbly beverages” tweemaal als een eend te kwaken naar willekeurig publiek. Gedurende ander half uur kwamen we voorbij hoge wolkenkrabbers, kerken met een aparte architectuur en enkele gebouwen die van groot belang waren tijdens de Amerikaanse geschiedenis.

Na de tour wilden we aanvankelijk de stad vanaf een van de wolkenkrabbers bekijken, maar de dichte mist waarin Boston gehuld was maakte dat vrijwel onmogelijk. En dus bestond de rest van de dag uit het te voet verkennen van de stad en te genieten van de gemoedelijke sfeer die in Boston hangt. Al met al een mooie eerste dag en alvast veelbelovend voor wat er zowel op het gebied van gaming als op qua cultuur en vermaak te doen valt in dit imposante land.

Gijs van Veen is naast redeacteur van Gamer.nl student Human Media Interaction aan de Universiteit Twente. Met een groep van 28 studenten bevindt hij zich momenteel in de Verenigde Staten om aldaar een twintigtal bedrijven en universiteiten te bezoeken. Meer weten? Ga naar www.pixel2010.nl of volg Gijs op Twitter via @Daeda88