Eén van de launchgames van de Nintendo DS is Super Mario 64 DS. Net als het origineel op de Nintendo 64, is dit misschien wel de grootste titel die bij release verschenen is. Heeft de game de tand des tijds goed doorstaan en weet het zoveel jaar later nog steeds te boeien? 

Het verhaal van Super Mario 64 DS is eigenlijk heel simpel van opzet. Princess Peach is weer eens gekidnapt door Bowser, en aan Mario en kornuiten de taak om haar te redden. Ook zij raken echter gevangen en het is vervolgens aan Yoshi om ze allemaal te bevrijden en met hun gebundelde vaardigheden de prinses weer in veiligheid te brengen en Bowser te verslaan. Dit is meteen een nieuw aspect aan de gameplay van het origineel, je kunt nu in totaal met vier verschillende karakters spelen die elk zo hun eigen voor- en nadelen hebben. Nadat je één van de figuren bevrijd hebt, kun je deze kiezen via een aparte ruimte in het kasteel van Princess Peach.

Alle figuren verschillen qua loopsnelheid, wendbaarheid en sprongkracht. Verder hebben ze ieder eigen bewegingen die soms noodzakelijk zijn om op bepaalde plekken te kunnen komen. Dit versterkt het verkennende element dat in de oorspronkelijke game al in grote mate aanwezig was. Met een zogenaamde Power Flower geef je elk figuur ook een eigen specifieke kracht mee. Zo kan Mario vliegen en krijgt Wario de beschikking over een metalen pantser. In principe speelt het spel met elk karakter anders en dat maakt het, samen met de vele verschillende levels, erg afwisselend.

Net als in het origineel draait het ook nu weer om het verzamelen van sterren in de vele verschillende werelden. De totale hoeveelheid sterren die je kunt verzamelen is met dertig stuks verhoogd naar 150. Dit betekent dat het kasteel zelf een hoop nieuwe sterren heeft gekregen, maar daarnaast zijn er ook enkele nieuwe werelden toegevoegd om sterren in te huisvesten. Hoewel deze nieuwe levels qua design niet zo goed in elkaar steken als de oorspronkelijke werelden, zorgen ze toch voor de nodige verfrissing en afwisseling.

Het tweede scherm van de DS wordt gebruikt voor een real-time kaart. Hoewel dit niet erg bijzonder klinkt, is het toch een vrij handige tool omdat je constant kunt checken waar je jezelf bevindt en waar je heen moet voor bijvoorbeeld de ster. De touchscreen feature wordt gebruikt om de camera te bedienen, of om analoog rond te lopen. Deze analoge besturing wordt op het scherm gesimuleerd door een cirkel te projecteren op de plek waar je een vinger plaatst. Door met je vinger over het scherm te bewegen, loop je heen en weer. Ondertussen blijft de cirkel constant onder je vinger, zodat je geen controle verliest. Hoewel het enige gewenning vergt, werkt deze manier van besturing erg goed. Het is qua nauwkeurigheid zeker niet hetzelfde als een echte analoge stick, maar het komt wel redelijk in de buurt.

Grafisch is de game op bepaalde punten beter, en op andere punten minder dan de N64-versie. De framerate is een stuk beter op de DS, evenals de scherpte van het beeld en de karaktermodellen, die veel meer detail hebben. Aan de andere kant zijn de textures niet van filtering voorzien, waardoor de pixels compleet blootgelegd worden. Gelukkig zie je dit meestal niet zo snel, door de grootte van het scherm, zodat het algehele beeld toch duidelijk beter is dan de oorspronkelijke game. Het geluid is praktisch hetzelfde als op de N64, hoewel de uitstekende afscheiding tussen beide stereokanalen en de virtuele dolby surround er wel positief uitspringen.