De stijl van Ori and the Blind Forest is veelbesproken – en wordt omschreven als betoverend, magisch en wonderbaarlijk. Terecht, maar het betreft niet zomaar een audiovisuele laag die over de gameplay geplaatst is. In Ori and the Blind Forest komen vorm en inhoud namelijk samen in een naadloze zintuiglijke ervaring.

Metroidvania
Ori and the Blind Forest is een game in de Metroidvania-traditie. Dat betekent dat tweedimensionale platformactie gepaard gaat met het verkennen van een eeuwenoud bos en het vrijspelen van vaardigheden en spelmechanieken. Verschillende vormen van uitdaging zijn daarin elementair. Het platformen luistert bijvoorbeeld net zo nauw als in Super Meat Boy. De kleinste misstap of –sprong is fataal. Daar ben je uiteraard zelf debet aan, maar je bent eveneens verantwoordelijk voor je eigen checkpoints.

De game opslaan gebeurt het gros van de tijd handmatig en is bovendien een resource. Het loont zich daardoor om je van tevoren te bedenken of het wel nodig is om een savepunt aan te maken – soms is het namelijk verstandiger dit na een bepaalde platformsequentie te doen. Stel je het opslaan uit, dan loop je het risico een bepaald (en vaak moeilijk) gedeelte opnieuw te moeten spelen als je onverhoopt afgaat.

Deze continue spanning draagt bij aan de mate van uitdaging die Ori and the Blind Forest kenmerkt en sluit ook aan op de vormgeving van de spelwereld. Aan alles valt namelijk te merken dat het op leeftijd zijnde bos dor, aangetast en zwak is. Het gebruikte kleurenpalet is diep en ernstig, de muziek bedrukkend en de nog levende fauna naargeestig. Van een bos dat een thuisfront vormt voor al wat leeft is geen sprake, maar je ziet, voelt en hoort wel dat het dit ooit geweest is.

Toon
Oftewel, de toon is gewichtig (maar niet pompeus) en maakt duidelijk waarom Ori and the Blind Forest zo moeilijk is: het bos is vijandig. Dat wil zeggen, het bos belemmert het leven als zodanig. Ori, het lichtgevende wezentje dat de hoofdrol op zich neemt, vertegenwoordigt hoop: hoop op leven. Dat het bos Ori afstoot, is daarom nauwelijks verrassend – Ori hoort eigenlijk niet langer thuis in deze vervallen, sinistere wereld die de dood van boezemvriend Naru op z’n geweten heeft.

Het is door deze context en stijl dat Ori and the Blind Forest zo goed rendeert als Metroidvania-game. Het bos verkennen is geen gemakkelijke opgave; je vaardigheden en doorzettingsvermogen worden tot het uiterste getest, maar ook emotioneel daagt de game je uit. Hoewel zonder dialoog en weinig concreet, ervaar je de pijnlijke geschiedenis van het bos en al wat daar heeft geleefd. Elke keer dat je een artefact vindt dat een gedeelte van het bos herstelt of juist vrijspeelt, voel je dat je acties er daadwerkelijk toe doen.

Vorm en inhoud zijn in die zin complementair en maken van Ori and the Blind Forest een zintuiglijke ervaring die z’n gelijke niet kent. Het ritme van de game draagt daar tot op zekere hoogte aan bij; platformsequenties zijn relatief kort en zorgen voor een hoog tempo. De gevechten en puzzels dwingen je langzamer door de wereld te bewegen. Die dynamiek werkt goed, maar het vechtsysteem is ietwat beperkt en oppervlakkig. Het komt er in feite op neer dat je kwaadaardige wezens onophoudelijk belaagt met lichtbollen, afkomstig van Ori’s metgezel Sein. Of in andere woorden: je ramt lukraak op de aanvalsknop tot de vijand het loodje legt. Dit staat in schril contrast met het precisiewerk dat het platformen van je vraagt. Het onderstreept daarentegen ook het algehele niveau van Ori and the Blind Forest. De gevechten zijn immers wel degelijk vermakelijk, maar kennen niet de finesse en bijzondere uitwerking die de rest van de game kenmerkt.

 

De lengte Ori and the Blind Forest is tenslotte noemenswaardig: wanneer je ongeveer vierhonderd keer afgaat (en dat is naar het schijnt niet eens heel vaak), kost het je ongeveer negen uur om het einde te bereiken. Geen moment daarvan is overbodig of langdradig, en het is eveneens een lengte die een tweede poging, maar ook toekomstige speedruns aanmoedigt.

Ori and the Blind Forest is verkrijgbaar voor Xbox One en pc voor 19,99 euro. Voor deze review is de Xbox One-versie getest.