Na F1 2011 gespeeld te hebben, snappen we waarom deze tak van de autosport wordt gezien als de koningsklasse. Ook de digitale variant is een behoorlijke pittige uitdaging geworden. Zeker als je er voor kiest om de game te spelen zoals je een Formule 1-game behoort te spelen. Oftewel met alle hulpmiddelen uitgeschakeld, de kunstmatige intelligentie op hoog en het eigenlijk nog een helm op achter je televisie. Hoewel F1 2011 niet bijzonder veel veranderd is ten opzichte van zijn voorganger, zullen zelfs de F1 2010-veteranen aangenaam verrast worden door de fijne afstelling die de serie heeft ondergaan.

Het is aan veel af te zien dat Codemasters het eerste deel als een soort van testcase zag. Even aftasten hoe het publiek reageerde op een nieuwe Formule 1-franchise met een soort van semi-realistische tot behoorlijk realistische aanpak. De kritieken waren echter duidelijk: de game mocht best wat uitdagender en hier en daar waren er nog wat schoonheidsfoutjes die het racegevoel een beetje in de weg zaten. Gelukkig voor al die fans heeft Codemasters geluisterd en veel kleine aanpassingen gedaan die ervoor zorgen dat je sinds lange tijd weer eens flink wordt getest op je racevaardigheden. En bovendien een race-ervaring voor je kiezen krijgt die je al lang niet meer hebt gehad.

Check 1, 2, 3

De eerste subtiele aanpassing die opvalt, is het uiterlijk. Niet alleen werd de framerate wat opgekrikt, ook de wagens zelfs zien er allemaal net even wat gelikter uit. Verwacht geen nieuwe, grafische engine, maar denk bijvoorbeeld aan betere weerspiegeling op de carrosserie van je bolide, zeer spectaculaire regen- en watereffecten (de regen wordt zelfs je vijand), verschillende stuurtjes voor ieder team en bijbehorende animaties. Het is jammer dat het schademodel ook dit keer nog niet alle details aankan en je soms visueel maar weinig ziet gebeuren na een crash. Dit terwijl het weggevoel wel rigoureus verandert na zelfs de kleinste crash. Nogmaals, het merendeel lijkt allemaal veel op zijn voorganger, maar wie aandachtig kijkt, ziet voldoende verbeteringen die het Formule 1-gevoel net even wat beter maken.

Naast het visuele gedeelte heeft ook de audio een opknapbeurt gehad en heeft het naast een esthetische nu ook een belangrijkere, ondersteunende functie. Zo hoorde je in het eerste deel vooral veel peptalk, nu wordt dat aangevuld met belangrijke informatie over je banden en afstanden tot je voor- en achterliggers. Naast deze hulpmiddelen biedt de game dit keer ook een handig infoscherm waarop je bijvoorbeeld direct kunt aflezen hoeveel rondes je nog kunt rijden op je banden of op de hoeveelheid resterende brandstof. Ook krijg je direct te zien op welke positie je weer terug de baan opkomt.

KERS & DRS

Wie nog even wat langer kijkt zal ook de twee nieuwe icoontjes zijn opgevallen: KERS en DRS. Twee nieuwe toevoegingen in de echte Formule 1 en dus ook van de partij in deze versie. KERS ( Kinetic Energy Recovery System) is eigenlijk niets meer dan een boost die jouw wagen voor heel even van extra snelheid kan voorzien. Superhandig na een langzame bocht om net even wat extra snelheid te creëren. Snelheid die je ook kan gebruiken tijdens een inhaalactie. Ga je inhalen, dan kun je echter ook gebruik maken van je DRS (Drag Reduction System), dat door middel van een verstelbare klep op je achtervleugel de weerstand van je wagen verlaagt en je topsnelheid verhoogt. Om het allemaal niet te eenvoudig te maken, zijn beide hulpmiddelen niet altijd te gebruiken. KERS kun je opladen door te remmen, DRS mag slechts gebruikt worden in kwalificaties en op specifieke stukken tijdens de race en daarbij pas als je een seconde achter je voorganger rijdt. Het is absoluut niet zo dat de toevoeging van deze twee extraatjes direct een podiumplaats oplevert, maar het geeft je wel de mogelijkheid om net wat strakkere rondetijden neer te zetten of ervoor te zorgen dat je niet te lang achter een tegenstander blijft hangen.

En zo zijn we eigenlijk aangekomen bij het belangrijkste onderdeel van F1 2011: het rijgedrag van de wagens. Laten we voorop stellen dat niet alle foutjes uit het eerste deel zijn weggewerkt. Zo is er nog te weinig verschil tussen de verschillende wagens en rijdt de kunstmatige intelligentie nog steeds te ‘clean’. De toevoeging van de safety car klonk bijzonder aantrekkelijk, maar als die wagen eigenlijk nooit de baan op hoeft, dan heb je er in onze ogen te weinig aan. Vooral in de laatste paar races op televisie hebben we een aantal spectaculaire crashes gezien, maar in F1 2011 valt dit aantal toch een beetje tegen. Dit gezegd hebbende: we willen de kunstmatige intelligentie absoluut niet te kort doen. Vooral op de hogere moeilijkheidsgraden zul je ze echt niet zien afremmen voor de wat eenvoudigere bochten en zijn ze ook tegenover jou behoorlijk agressief wanneer je ze wilt inhalen. 

Racen voor gevorderden

Het racen zelf staat in ieder geval als een huis, mits je niet een te eenvoudige moeilijkheidsgraad kiest. De game zal je tot in de puntjes gaan testen op het gebied van lef, inzicht en stuurmanskunsten. F1 2010 kon zich al een beetje een realistische racer noemen, maar voelde bij vlagen nog wat te afgevlakt aan. In F1 2011 is de moeilijkheidsgraad an sich niet veel hoger geworden, maar het gedrag van de wagens maakt het toch net wat moeilijker. Door bijvoorbeeld het onderstuur wat gevoeliger te maken en de bandenkeuze dit keer nog zwaarder te laten meetellen, luistert het besturen van je wagen veel preciezer. Want wie net een curbstone meepakt of ook maar een dotje te veel gas geeft tijdens het uitkomen van de bocht, vliegt er onherroepelijk uit. Vettel of geen Vettel.

Enkel door de baan door en door te kennen en precies te weten waar je even het gas moet loslaten of juist bij moet geven, beland je op het hoogste podium. Zo merk je snel genoeg wanneer je wagen begint weg te trekken, maar alleen de beste coureurs weten ook op dit moment hoe ze de wagen nog net kunnen controleren om zo de bocht door te komen. Dat beetje onderstuur kun je namelijk gebruiken om al driftend de bocht door te komen (Er is zelfs een echte Dirt-achievement te verdienen). Het is even wennen om op deze manier een Formule 1-wagen te besturen, maar het geeft je zoveel meer extra snelheid dat het bijna een must wordt als je de snelste rondetijd wil klokken.

Juist deze manier van racen geeft F1 2011 zijn kracht mee. Constant het randje opzoeken en kijken waar je de bocht nog even wat sneller kunt nemen. Er is geen beter gevoel voor een coureur dan het gevoel van overwinning wanneer je een bocht op maximale snelheid durft te nemen en je er ook op heelhuids uitkomt. Er zijn maar weinig racegames die je dit gevoel geven en dat maakt ook meteen duidelijk waarom niet iedereen een Formule 1-wagen kan besturen.

Naast je kwaliteiten op de baan, word je ook afgerekend op je keuzes buiten de baan. Kies je bijvoorbeeld voor snelle of langzame verbranding van je brandstof en voor welke banden ga je. Het zal voor een groot deel bepalen hoe hoog je tempo tijdens de race ligt. Tijdens de kwalificaties telt dan weer het feit of je banden opgewarmd zijn (of niet) en het aantal rondes dat je er al mee gereden hebt. Zelfs het tijdstip waarop je de baan opgaat, kan het verschil bepalen tussen een goede of een slechte klassering. Een opluchting voor de fans is bovendien dat het straffen van afsnijden en gevaarlijk rijgedrag een stuk milder is geworden. In F1 2010 was een curbstone al voldoende voor een straf, dit keer mag je toch echt wel wat verder over het randje.

Het echte werk

Met betrekking tot de verschillende racemodi, kun je ook dit keer weer kiezen uit een Career-, Grand Prix-, Proving Grounds- en multiplayermodus. In de Grand Prix-modus kun je nog steeds doen waar je zin in hebt, zonder al teveel beperkingen en rompslomp. Proving Grounds gaat al een stapje verder en biedt de bekende time trials en time attacks. Waarbij de laatstgenoemde jou onder bepaalde omstandigheden een aanval laat doen op een paar hele strakke tijden. Uiteraard onder de druk van online leaderboards.

Online kun je dan weer kiezen voor een gewone race (met of zonder kwalificaties) met maximaal zestien spelers of voor coole coöpcampagne. De eerste optie zal je ongetwijfeld een paar keer spelen, maar met de juiste vrienden is vooral de coöp een erg leuke manier om F1 2011 te spelen. Samen voor de punten rijden en met de juiste tactiek elkaar de overwinning (of juist niet) gunnen. We hebben zelf nog niet het einde van de campagne gehaald, maar we kunnen onszelf de morele keuze voorstellen die je straks moet maken wanneer je met je maatje eerste en tweede staat op de laatste racedag. Hoe sterk is je band dan?

Het grootste plezier zul je echter, zelfs met zijn ontzettend mager uitgewerkt jasje, in de carrièremodus vinden. Als groentje begin je gewoon onderaan de ladder, in een wagen waarmee je normaal gesproken strijd om de laatste plekjes. Er zijn niet veel racegames waarbij je blij bent wanneer je als tiende over de streep komt, maar Codemasters komt er mee weg in deze game. Slechts zes seizoenen krijg je om de beste van de wereld te worden, maar in die zes seizoenen zul je flink aan de bak moeten om altijd maar te winnen of je doelstellingen te halen.

Het grote gemis blijft echter een dynamische carrière waarin je interviews en belangrijke beslissingen zich niet beperken tot het beantwoorden van een paar saaie vragen en wat mails lezen. Als je dan een carrièremodus belooft die je het ‘echte leven’ moet laten meemaken, biedt dan in ieder geval wat meer dan deze droge bedoeling. In vergelijking met het eerste deel is er weinig veranderd, terwijl juist hier het grootste gewin gehaald kon worden. Een gemiste kans, want met een wat beter uitgewerkte carrièremodus en nog een paar kleine aanpassingen kan deze franchise uitgroeien tot de ultieme Formule 1-ervaring.

F1 2011 is getest op de Xbox 360.