Rare jongens, die Japanners! De best verkochte PS3-game tot nu toe in het land van de sushi is niet de nieuwe Ratchet of Uncharted, noch is het Resistance of Ninja Gaiden Sigma. Nee, die eer is voor Dynasty Warriors: Gundam, in Japan bekend onder de naam Gundam: Musou. Deze game brengt de bekende Dynasty Warriors-gameplay van Koei samen met de Gundam-franchise van Namco Bandai. Japanners zijn nu eenmaal helemaal geil voor alles wat met Gundam te maken heeft en dus is het niet vreemd te noemen dat de game het daar zo enorm goed deed. Nu is de game hier ook uit en kunnen de Europeanen ook aan den lijve ondervinden of Dynasty Warriors: Gundam een match made in heaven is. De Dynasty Warriors-games zijn van twijfelachtige soort; het is vaak echt een kwestie of je er van houdt of niet. De games draaien vaak om het neerhakken van eindeloze stromen aan vijanden, het liefst zo snel en stijlvol mogelijk. De spellen zijn over het algemene gesitueerd in het feodale Oosten en deze Gundam-variatie brengt voor de eerste keer het concept naar hogere sferen. De game is eigenlijk in essentie niets veranderd: ook dit keer hak en schiet je hordes aan kwaad tuig aan diggelen, alleen dan omhuld door een enorme vechtmachine die een Gundam wordt genoemd.

Het Gundam-universum is enorm, met tientallen anime-series die al enkele decennia nerds over de hele wereld doen kirren van plezier en aanverwante merchandise die tot op de dag van vandaag miljoenen dollars, yens en euro's op de rekening van Namco Bandai bijschrijven. De fans van de franchise kunnen helemaal hun lol op met deze game, gezien het brede scala aan metalen vechtmonsters en diens piloten uit verschillende Gundam-iteraties die het slagveld betreden. De game is ook eigenlijk alleen voor de échte fan, aangezien de makers er vanuit zijn gegaan dat de speler in kwestie al helemaal op de hoogte is van alle ingewikkelde verhaallijnen vol politieke intriges die de Gundam-saga's rijk zijn. Mocht je dus niet weten wie Zechs Marquise en Domon Kasshu zijn en krijg je niet spontaan een natte boxer bij het zien van de Gundam MK-II die je kunt bemannen, dan weet je dat deze game hoogstwaarschijnlijk niet aan jou besteed is. Je kunt vanaf het begin kiezen voor twee verschillende modes: de Official en Original Mode. In de eerste beleef je enkele bekende Gundam-verhalen met vertrouwde personages en in de tweede volg je een volledig nieuw verhaal dat speciaal voor deze game in elkaar is gedraaid. Echter, eigenlijk verschillende de modes maar bar weinig van elkaar en zoals eerder gezegd moet je echt goed op de hoogte zijn van bepaalde zaken, wil je het maximale uit de missies kunnen halen. De missies verschillen niet in originaliteit; elke keer komt het er op neer dat je zo snel mogelijk de tegenstanders aan stukken moet scheuren, met uiteindelijk een baas die je moet verslaan.

De meeste missies vinden plaats in kale, inspiratieloze omgevingen en de enkele missies in de ruimte doen helemaal de moed in de schoenen zinken, aangezien je hier nog steeds op een denkbeeldig vlak zweeft en niets de indruk wekt dat je je daadwerkelijk in de ruimte begeeft. Gaandeweg de game kun je je vechtmachine uitbreiden met allerhande wapentuig en andere kwalitatieve eigenschappen, en de echte volhardende fans kunnen hun gepimpte robots op een tweede run door het spel nemen, met de aanpassingen uit de eerste keer intact. Het is alleen echt de vraag of je je nog een tweede wilt laten vervelen door de uiterst saaie en repetitieve inhoud van het spel. Het vechten met je Gundam is fris en leuk voor ongeveer vijf minuten en dan begint de verveling al zijn irritante werk te doen. De Gundams beschikken over twee verschillende aanvallen en je kunt zowel met dikke guns als grote beamswords aan de gang. Het schietgerei zal je echter al snel links laten liggen vanwege het totale gebrek aan vuurkracht en je zoekt je toevlucht al snel tot het hakmateriaal, wat er voor zorgt dat je je elke keer weer een weg hakt door de vijanden. Missie, na missie, na missie, na missie. Het lijkt erop dat Koei helemaal geen moeite heeft gedaan om de gedoodverfde gameplay van de Dynasty-games wat op te frissen en simpelweg het verroeste systeem in een nieuwe game heeft gezet.

Daar komt ook nog eens bij dat de game verschrikkelijk makkelijk is. Als je eenmaal het systeem onder de knie hebt (wat ongeveer twee minuten zou moeten duren, mits je niet het IQ van een lantaarnpaal hebt), sla je je een weg door de game en echte tegenstand is het volledige spel door ver te zoeken. Het enige echte obstakel wordt gevormd door de enorm irritante camera, die een geheel eigen leven leidt en je nooit echt een goed beeld van de actie geeft. Neem de repetitieve gameplay, voeg daar het gebrek aan uitdaging aan toe en je zult het met me eens moeten zijn dat Dynasty Warriors: Gundam een diepgang heeft van een plasje regenwater.

Op het vlak van de presentatie is het helaas eveneens huilen met de pet op. De Gundams kunnen in het heetst van de strijd nog wel eens wat toffe effecten laten zien, maar de robots zelf zien er maar saai uit. De tegenstanders en de omgevingen zijn opgebouwd uit texturen van erbarmelijke kwaliteit en nergens geeft het spel je de indruk dat je daadwerkelijk met een bakbeest als de PlayStation 3 speelt. De stemmen zijn ook van een hachelijk niveau, maar gelukkig kun je in deze game wel de originele Japanse audio inschakelen, wat het geheel een klein beetje draagbaar maakt. Dynasty Warriors: Gundam is dan misschien voer voor de doorgewinterde fan, de gamer die op zoek is naar een lekker actiespel in een futuristische setting kan maar beter verder gaan kijken.