De wereldberoemde primaat Donkey Kong wordt nu al enkele jaren exclusief gebruikt in games met experimentele gameplayconcepten. Op de GameCube mochten we bijvoorbeeld met de Bongo-controller aan de slag. Op de GBA verscheen een paar jaar terug King of Swing. Een game die volledig bestuurd werd met de schouderknoppen. Jungle Climber is diens opvolger voor de DS en probeert de solide basis van het origineel verder uit te diepen.

De besturing van Jungle Climber is zeker even wennen, en voordat je de game volledig onder de knie hebt, ben je al gauw een uurtje verder. Je laat Donkey Kong naar links en rechts lopen met de schouderknoppen en door beide tegelijk in te drukken en vervolgens los te laten, laat je de gorilla een sprongetje maken. Doorgaans kun je DK dan aan een hangend platform van houten pinnen vast laten klampen door nogmaals één van de schouderknoppen in te drukken. De L-knop voor de linkerhand en de R-knop voor de rechterhand.

Donkey Kong zal niet stil blijven zitten wanneer hij zich aan een pin vastgeklampt heeft. Hij zal constant om zijn as draaien, totdat je ook met zijn andere hand een nabij gelegen pin vastgrijpt. Laat je vervolgens de schouderknop van de ene hand los, dan zal ie om de as van zijn andere arm gaan draaien. Door constant snel tussen de schouderknoppen te wisselen, laat je DK langs de pinnen klimmen. Wil je een andere richting uit sturen, dan laat je één van de schouderknoppen wat langer los, zodat DK iets langer doordraait, waarna je weer een andere pin vastpakt.

Hoewel dit dus enige gewenning vergt, is het in principe een erg simpele en toegankelijke besturingsmethode. Aan slechts twee knoppen op de DS heb je immers genoeg om door de spelwereld te navigeren. Je zult tijdens je klimtochten echter ook vijanden tegen het lijf lopen. Deze val je aan door DK met een krachtige sprong af te laten zetten. Dit doe je door de A-knop ingedrukt te houden. Aanvankelijk is het nog behoorlijk lastig om vijanden goed te raken, omdat je DK steeds eerst in een hoek moet laten draaien waaronder je een vijand kunt raken. Hoe verder je speelt, hoe natuurlijker dit echter wordt.

De levels waar je met DK doorheen klimt worden steeds complexer en interessanter qua opbouw. Al snel is het geen simpele zaak meer van over platformen klimmen, maar zul je ook steeds meer gewaagde sprongen moeten maken, vijanden op slimme wijze moeten aanvallen of ontwijken en krijg je te maken met allerlei interactieve objecten; zoals tonnen die je ergens naartoe schieten, of grote bloemen die je een bepaalde richting uit slingeren.

Je zult ook al snel tegen je maatje Diddy Kong aan lopen. Hij zal achterop DK's rug klimmen en dient niet alleen als extra leven, maar ook als een aanvalsprojectiel. Bovendien kan hij als enige een enorme hamer hanteren waarmee je alle vijanden en obstakels om je heen uit de weg slaat. Al met al weet de game lang interessant te blijven en zijn de ontwikkelaars er behoorlijk in geslaagd de in essentie simpele gameplay leuk te houden.Naast het simpelweg doorlopen van de game, kun je in ieder level een bootlading aan voorwerpen verzamelen. Dit is een typisch overblijfsel van Rare, die daar vooral in de N64 periode gek op was. Je moet er maar net van houden om ieder level weer bezig te zijn met het vinden van speciale munten, olievaten en andere ongein. Het haalt een beetje het algehele tempo uit de game en voelt soms als teveel van het goede. Toch kunnen de DK munten en olievaten interessante dingen opleveren, zoals gameplaybeinvloende extraatjes en geheime werelden.

Tussen de bedrijven door onderhoud je contact met DK's familieleden, bevecht je eindbazen en is er een simpel doch effectief verhaaltje door het geheel verweven. Ben je flauw van de behoorlijk aangeklede Adventure Mode, dan kun je nog enkele minigames spelen, welke eigenlijk grotendeels te simpel en niet de moeite waard zijn. Ook is de game voorzien van een multiplayer-mode waarin vier spelers het in klimuitdagingen tegen elkaar op kunnen nemen. Doordat dit met één cartridge kan werken, is het nooit verkeerd om dit er eens een keer bij te pakken.

De presentationele kwaliteiten van de game zijn niet al te hoog. Men is teruggestapt naar de artstyle van Rare, wat voor velen waarschijnlijk wat herkenbaarder is. Of dit de game qua uiterlijk er beter op maakt blijft vooral een kwestie van persoonlijke smaak. Dat de graphics niet al te speciaal zijn, mag echter duidelijk zijn. Voor een 2D game op de DS weet de game eigenlijk geen speciale indruk achter te laten.

Ook de soundtrack is niet heel bijzonder, en bestaat grotendeels uit bestaande DK deuntjes, maar dan vaak wat versimpeld. Eigenlijk kun je alleen aan de over twee schermen verdeelde levels en de met touchscreen aangeroepen onoverwinnelijkheidsmodus zien dat het hier om een DS-titel gaat. En die specifieke features voegen eigenlijk niet eens iets wezenlijks toe aan de gameplay.

DK Jungle Climber gaat voorbij een typische experimentele game. Het is niet echt een hoogvlieger, maar de gameplay is uniek en behoorlijk goed uitgewerkt om je als speler bezig te houden. De game is een geslaagde uitdieping van het origineel op de GBA en dient z'n rol als verderde verbreding van de DS lineup prima. De meeste DS-bezitters zullen dit najaar ongetwijfeld voor Zelda gaan, maar eigenlijk zou DK Jungle Climber daarbij niet compleet over het hoofd gezien moeten worden. Een game als dit is behoorlijk uniek.