Met open armen onthaalden we vorig jaar een game die onze PC's liet smeken om genade. Crysis was één van de mooiste games verkrijgbaar en je PC moest het ontzien. Ook semi-opvolger Crysis Warhead laat de computer weer ronken, ploeteren en knetteren. Of dit het wederom waard is? Een volmondig ja, want hoewel de game aan de korte kant is, valt er allerminst te zeuren over hetgeen Crysis Warhead te bieden heeft. De combinatie van vrijheid, het Nanosuit, een goede AI en graphics waar je U tegen zegt, is ook nu weer de reden waarom je de game in één ruk doorspeelt.

Warhead is niet echt het vervolg op Crysis. In plaats van een geheel nieuw verhaal in een nieuwe setting, krijg je de gebeurtenissen uit het origineel vanuit een ander perspectief voorgeschoteld. Hoofdrolspeler Nomad maakt plaats voor Psycho, de kale Brit die ook in het origineel aanwezig was. Tijdens het spelen van de game krijg je van de bevelhebber meerdere malen te horen wat de status van Nomad is en herken je dan ook bepaalde momenten uit Crysis. Dit maakt de game meer één met Crysis dan met een losstaande verhaallijn van Psycho het geval zou zijn.

Maar goed, Crysis: wat was dat ook alweer? Een groep Amerikaanse supersoldaten raakt op een groot jungle-eiland in conflict met de Noord-Koreanen en wat volgt is een oorlog op leven en dood, waarbij je zwaar in de minderheid bent. Gelukkig is daar je Nanosuit, het geavanceerde pantser dat je niet alleen behoedt voor een snelle dood, maar ook tal van andere extra's oplevert. Zo kun je sneller voortbewegen, heb je meer kracht (om bijvoorbeeld hoger te springen of harder te slaan), kun je onzichtbaar worden en biedt het tevens een extra beschermingslaagje om de menselijke huid heen. De vier verschillende modi van het Nanosuit zijn niet in combinatie met elkaar en niet onbeperkt te gebruiken. Door je scrolwieltje in te drukken en een richting te kiezen (iedere modus is in een hoek ingedeeld) kun je iedere seconde van modus wisselen. Het wisselen tussen de modi is cruciaal om te overleven en tevens de grote kracht achter de game.

Warhead is qua speleigenschappen niet anders dan het origineel. Op een aantal nieuwe wapens en voertuigen na, krijg je hetzelfde scala aan destructieve mogelijkheden in de open speelwereld en maak je de game nog steeds zelf zo leuk als je wilt. Pas wanneer je echt lekker gaat combineren met de verschillende Nanosuit-opties komt Warhead namelijk tot leven. Een verbetering ten opzichte van Crysis is dat de levels een stuk meer spektakel bieden en het ritme waarmee je speelt evenwichtiger is. Momenten van intense actie worden op het juiste moment afgewisseld met rustigere sequenties en dit komt het algehele speelgevoel ten goede.

Daarbij kent Crysis Warhead ook een paar extreem toffe stukken, zoals een ritje met een hovercraft door de bevroren jungle en een treinrit dwars door het hele eiland heen. Hoewel het beide geen nieuwigheden zijn in het shooter-genre is de manier waarop het uitgewerkt is bewonderenswaardig. De muziek zweept aan, vijand na vijand keert zich tegen je en je behoudt nog steeds dat ultieme gevoel van vrijheid dat Crysis kenmerkt.

Aanwezig in Crysis en tevens weer van de partij in Warhead is het buitenaardse gespuis. Waar het in Crysis de game echt in tweeën brak, eerst vocht je tegen de Noord-Koreanen, daarna tegen de aliens, worden de Matrix-achtige vijanden in Warhead een stuk eerder geïntroduceerd. Daarnaast zeg je ook niet gelijk gedag tegen de menselijke tegenstanders en wordt de oorlog meer uitgebreid naar een gevecht tussen drie facties. De aliens zijn intellectueel ook naar een ietwat hoger niveau gesleept, waardoor ze net als de Noord-Koreanen nu goed gebruik maken van de omgeving om je aan te vallen. Het blijft een kwestie van smaak of je de aliens een verrijking vindt, maar de balans is in ieder geval beter.

Tot nu toe niets meer dan lof voor Crysis Warhead. Helaas kent de game toch ook enkele minpuntjes, waarbij de speeltijd nummer één is. Voor de dertig euro die Crysis Warhead kost krijg je zo'n vijf á zes uur gameplay geserveerd in de singleplayer-campagne. Kortom: je bent er in een scheet doorheen. Natuurlijk, het is een veredelde uitbreiding, maar de eind-credits rollen voor je gevoel nu wel heel snel over je scherm. Ook het eindgevecht is niet zo groots als in Crysis, waardoor het eind gevoelsmatig wat onwennig overkomt.

Een ander minpunt blijft dat de game je systeem tot het uiterste drijft. Begrijp me niet verkeerd: Warhead is prachtig, fenomenaal en laat met alle toeters en bellen aan het slijm nog steeds uit je mondhoeken druipen. Maar als dit betekent dat je tijdens intense gevechten waarbij de vijanden je van alle hoeken bestoken, ook zonder de maximale instellingen soms een diashow bekijkt, baal je toch. Crytek heeft echter z'n best gedaan de game voor iedereen speelbaar te maken en de instellingen kunnen in Warhead goed aangepast worden. Wederom geldt dat je wel een tijdje bezig bent voordat je alle instellingen zo ingesteld hebt dat je de game goed kunt spelen met het maximale aan grafische opties dat je computer trekt.

Crysis-spelers weten het eigenlijk al lang, en dat is dat je als fan van de game deze uitbreiding gewoon zo snel mogelijk in huis moet halen. Crysis smaakte naar meer en dat is eigenlijk precies wat Warhead biedt. De gameplay is wat gebalanceerder dan in Crysis, Psycho is een interessant personage, het gevoel van vrijheid is weer even groot en het geheel speel je in één sessie uit. Dat die sessie dan maar zo'n zes uur duurt, moeten we maar op de koop toenemen. Gelukkig is er nog de multiplayer-modus, waar de veelgevraagde Team Deathmatch-speelmodus aan toegevoegd is, en die ons hopelijk zoet houdt tot het echte vervolg. Laat maar doorkomen die handel.