Met Call of Duty 4: Modern Warfare gooit ontwikkelaar Infinity Ward het spelidee compleet over de boeg. Weg met die eeuwige Tweede Wereldoorlog: het hedendaagse strijdtoneel mag nu plaats gaan nemen.  Een verstandige keuze, zo blijkt.

Het kan gek lopen. Zo ben je een lid van dat ontwikkelteam van Medal of Honor: Allied Assault, het andere moment ben je bezig met Call of Duty, verreweg de beste van de twee wat mij betreft. Ditzelfde geldt ook voor beide opvolgers. Leg Call of Duty 2 maar eens naast een Medal of Honor: Pacific Assault (of zelfs Airborne) en je ziet gelijk wat ik bedoel. Eigenlijk ook niet zo vreemd dat de Call of Duty-reeks beter scoort, want zij hebben gegarandeerd één aspect te bieden welke er bij willekeurige MoH-titels nog wel eens willen aan ontbreken: de garantie voor één grote opwindende en adrenalineverhogende rit. Want jongens, wat hebben ze er weer een knalfeest van gemaakt in Call of Duty 4!

Verstop jij je achter die plant, dan ga ik wel schuilen achter deze auto!

Dit nieuwe deel uit de reeks gaat nu eens niet over de Tweede Wereldoorlog, maar biedt een geheel nieuw verhaal. Eentje die zo uit het brein van Tom Clancy had kunnen komen. Denk aan een broeierige situatie in het Midden-Oosten waar een of andere snuiter genaamd Khalid Al-Asad de macht over een land inneemt, een ultra-nationalistisch rebellenleger onder leiding van ene Zakhaev in Rusland die hem steunt en een aantal kernwapens als ultieme dreiging. Je ziet het: het is weer eens wat anders dan een stel Nazi's wegjagen richting hun plaats van geboorte.

De snelwegmarathon viel tegen

Natuurlijk - hoe kon het ook anders? – moeten de Amerikanen niets hebben van dat dubieuze figuur wat rotzooit in het Midden-Oosten, zeker niet als deze ook nog eens met kernwapens gaat klieren. Tijdens de singleplayer doorloop je de invasie van dat land, uiteraard met het doel om Al-Asad in handen te krijgen. Dood, of levend. Mocht je dit alles trouwens verdacht bekend voorkomen, dan kan dat best kloppen: veel van de levels als Amerikaans marinier doen sterk denken aan de Irak-invasie van 2003, waarin de Amerikanen op zoek waren naar Saddam Hoessein (o ja, en weapons of mass destruction, natuurlijk). Zoals je weet was dat in het echt gelukt (Het Saddam-gedeelte in ieder geval...), maar of men hun doelwit in Call of Duty 4 ook zal krijgen, tja... dat mag je zelf ontdekken. Er staat je in ieder geval een hoop te wachten.

Captain Price is altijd in zijn SAS

Naast dus een Amerikaanse invasie in stedelijk gebied, laat Call of Duty 4 ook het verhaal zien van een Britse SAS-soldaat. Als John MacTavish, bijnaam Soap (heeft hij teveel zeepjes laten vallen tijdens de opleiding?),  zul je een heel ander soort missies moeten spelen. Deze opdrachten bevatten veel stealth-elementen of geven je een andere blik op het spelen van Call of Duty 4. Een verademing, zo zou je het kunnen stellen, want waar de Amerikaanse campagne uiteindelijk te sterk doet denken aan willekeurige missies uit eerdere delen, doet de SAS-campagne geheel iets nieuws.

Met name de missie waar je in een AC130-vliegtuig de vriendelijke troepen vanuit de lucht moet beschermen (door gewoon wat bommen en ander kanonvuur op vijandelijke hoofdjes te gooien), gaat in de boeken als een akelig realistisch level waar nog maar eens goed onderstreept wordt hoe kwetsbaar je als soldaat eigenlijk bent en hoe veilig je zit als vliegtuigpiloot van een bommenwerper. Realistisch, maar bovenal ook erg vet, absoluut.

De singleplayer van Call of Duty 4 zit dus zeer gelikt in elkaar en weet zelfs met nieuwe dingen te komen. Toch zitten er nog steeds zaken in het spel die het geheel een kort, maar niet minder vies nasmaakje geven. Herinner je die oneindige reeks aan soldaten nog uit bijvoorbeeld deel 2? Wat je ook deed en hoeveel je er ook neerknalde, als je stil bleef staan, bleven ze maar komen. Ging je verder, dan kwamen de scripted events je tegemoet. Helaas is dit ook weer van toepassing in Call of Duty 4. Hadden ze hier nou niet iets aan kunnen doen, vraag ik me dan af. Ook is het nog steeds zo dat je teamgenoten niet op zullen rukken als jij niet voorop gaat. Toegegeven, in het eerste level doet de AI goed zijn ding en in latere levels doen ze ook wel meer dan voorheen, maar al met al trapt Call of Duty 4 toch in dezelfde valkuil waarin de oorlog nog steeds om jou draait. Loop je niet verder, dan gaat de rest ook niet zomaar mee. Suf hoor.

Daarnaast is het deels gebrek aan physics ook steeds opvallender. De makers beweerden eerder dat er voor Call of Duty geen plaats is voor physics, maar waarom kan een beeldscherm dan wel tien meter verder geknald worden terwijl een houten stoel gewoon blijft staan? Je zou het mierenneuken kunnen noemen, maar Call of Duty 4 is nou eenmaal een next-gen titel (kijk maar eens naar de graphics, dan weet je genoeg!) en dan verwacht je toch iets meer.

Let er alleen wel op dat de singleplayer op de hogere niveau's ouderwets moeilijk zijn. Zeker de Veteran-modus zijn bepaalde stukken praktisch niet te doen. Als je van een handgranaatfestijn houdt terwijl je van checkpoint naar checkpoint rent, dan ben je hier aan het goede adres. Het spel duurt overigens zo wel een stuk langer. Speel je op de lagere standen, dan moet je niet gek opkijken als je het spel binnen acht uur hebt uitgespeeld. Tja, sommige dingen veranderen nooit: ook in eerdere Call of Duty-delen kon je als je wil het spel in recordtijd uitspelen. Maar, en dat moet gezegd worden: de singleplayer van Call of Duty 4 mag dan kort zijn, het is zonder twijfel de beste uit de reeks.Gelukkig hoef je het spel daarna niet gelijk op te bergen in de kast, want met de vernieuwde multiplayer kun je jezelf makkelijk dagen, zoniet weken mee vermaken. Dit is met name te danken aan het uitstekende rangensysteem. Call of Duty 4 werkt namelijk met rangen. Speel je in het begin als beginnend soldaatje onderaan de militaire ladder nog met een standaard uitrusting, naarmate je meer doden op je geweten hebt, of voldoet aan bepaalde 'challenges', stijg je in rang en krijg je de beschikking over meer en meer toffere wapens.

Challenges kun je zien als bepaalde taken waaraan je moet voldoen, wil je een hoop ervaringspunten opdoen om verder te stijgen in rang. Deze uitdagingen beperken zich niet alleen tot de wapens, maar ook bijvoorbeeld dat je jezelf dood moet springen. Een beetje vreemd, maar wel lekker. Zo blijf je wel spelen, want iedereen wil uiteindelijk toch wel die vette sniper met superscope of dat wapen met die gave camokleurtjes, nietwaar? Verslaving alom, want je wil meer en meer. En uiteindelijk krijg je het!

Call of Duty 4 is bovendien erg snel in de multiplayer. Tijd om te rusten is er niet bij: je moet blijven schieten tot je een ons weegt. Letterlijk. Het is dan misschien wel een chaotisch tafereel bij vlagen, maar de adrenaline-opwekkende actie die de singleplayer zo kenmerkte, kom je dus ook lekker tegen in de multiplayer. Zo kun je bijvoorbeeld een helicopter oproepen wanneer je zeven kills achterelkaar hebt. Naast dat dit er ongelofelijk tof uitziet, heeft het ook nog een ander bijkomstig voordeel: die helikopter kan een heel team uitroeien. Het gevaar is dus niet alleen maar op de grond te vinden. Dat het er nog steeds even mooi uit ziet als in de singleplayer is ook een dik pluspunt.

Nog zo'n leuke nieuwigheid zijn de 'perks'. Deze speciale vaardigheden kunnen je bijvoorbeeld sterker maken, accurater laten schieten of een betere kogelinslag geven. Daarnaast zitten er ook wat vuilere perks bij. Die van de 'Last Man Standing' bijvoorbeeld, waar je wanneer je neergeschoten bent, nog even de kans krijgt om diegene die jou neerschoot een kogel door de kop te jagen. Misschien niet helemaal fair, maar goed, niemand zei dat oorlogje voeren een pretje was. Toch komt Infinity Ward verdomd dichtbij dit gegeven: Call of Duty 4: Modern Warfare is de leukste uit de serie tot nu toe en dat is best een applausje waard!