Het is zeker niet zo dat The Crew ineens het racegenre opnieuw op de kaart gaat zetten met unieke gameplayelementen en nog nooit eerder vertoonde grafische beelden. Maar wat The Crew wel doet, is al bestaande concepten iets beter uitwerken en daar net even wat anders mee te doen. De hoofdrol in The Crew is dit keer ook niet voorbehouden aan het wagenpark, maar ook zeker weggelegd voor de indrukwekkende open wereld waarin je straks uren en uren rond kan tuffen.

The Crew

De game biedt je letterlijk een mini-Verenigde Staten aan waarbij je, wanneer de game helemaal af is, in één keer door kan rijden van Los Angeles naar New York. Helaas mochten we in de beta alleen rondrijden in de Mid West en een stukje East Coast, maar zelfs in dit ‘kleine’ stukje werden we getrakteerd op een alsmaar wisselende omgeving en een groot gevoel van vrijheid. Uitgever Ubisoft heeft wat dat betref al een prima staat van dienst met een reeks aan openwereldgames, maar laat in The Crew zien dat het waarschijnlijk nog veel groter kan.

Zoals gezegd mochten we in de beta slechts ruiken aan deze American Dream op wielen, maar zelfs met een ritje van Detroit naar St. Louis ben je al gauw tien minuten zoet. Via de drukke binnenstad en de grauwe achterbuurten, rijd je ineens door de groene binnenlanden van de Mid West. Het was ook fijn om te zien dat de wegen goed gevuld waren (al zagen de textures van de andere wegliggers er nog wel wat flets uit), want het gaf ons veel meer het gevoel daadwerkelijk ergens te rijden in een van de vijftig staten.

Ergens was het daarom een beetje een teleurstelling dat de beta ons maar weinig vrij liet rondrijden in deze open wereld. Al vanaf de eerste minuut stak het verhaal de kop op, dat je van missie naar missie laat rijden. Missies die zelf nog best gevarieerd aanvoelden met een mix van escort-, race- en time trial-opdrachten, maar stiekem toch wat dwangmatig overkwamen door een zwak verhaal dat en passant bijna iedere open deur intrapte die er maar in te trappen viel.

The Crew

Een mmorpg zonder de mmo

Toch kan het ook tussen die missies door best interessant worden dankzij de vele challenges die je onderweg tegenkomt. Challenges die variëren van het uitvoeren van sprongen tot het nemen van een slalom parkoers of een snelheidswedstrijd tegen een ghost. Het fijne van deze challenges is dat je ze niet hoeft te activeren door een bepaalde knop in te drukken. Je doet gewoon wat je toch al aan het doen was: racen. De challenge start en stopt automatisch op een bepaald punt waardoor je ondertussen lekker door kunt rijden naar de start van je volgende opdracht. Hierdoor blijft de snelheid in het spel hoog en het gevoel van vrijheid gehandhaafd. Wie geen zin in die challenges heeft, kan uiteraard de fast travel-functie gebruiken, maar mist dan wel een groot gedeelte van wat The Crew zo prettig om te spelen maakt.

De missies en de challenges zitten er niet alleen in om een verhaal te vertellen of om je maar een beetje bezig te houden. Al tijdens de beta merkten we op dat de game hoog inzet op het levellen van je wagen. Voor iedere voltooide missie of challenge krijg je, naar gelang de prestatie die je geleverd hebt, ervaringspunten, geld én betere upgrades. Met geld kun je nieuwe wagens en speciale kits kopen, met ervaringspunten stijgt je personage in rang en met betere upgrades verbeter je direct de wagen waarin je op dat moment rijdt. De game verlangt ook van je dat je regelmatig upgrades doorvoert, want wij hadden na een paar uur al een moment waarop onze wagen gewoonweg niet snel genoeg was om een missie te halen. Op zo’n moment lijkt de game zijn stempel van een openwereldracer met mmo/rpg-elementen zeker waar te maken, want er zit dan namelijk niets anders op dan te grinden tot je wagen snel genoeg is om te winnen.

The Crew

In de beta wilde het nog niet vlotten met het hele online gebeuren rond de Crews die je kan oprichten. We konden geen enkele keer een coöpmissie starten met een andere speler en de momenten dat er daadwerkelijk genoeg mensen rondreden om daadwerkelijk een Crew te starten, waren op een hand te tellen. Nu gaan we de game abslouut nog niet afrekenen op dit onderdeel, maar we hadden best wat gezelschap gewild tijdens die lange ritten door de Verenigde Staten.

Waar we ons wel een klein beetje zorgen om maken, is de ietwat ‘zweverige’ besturing van de wagens. Ze voelen allemaal wat onhandig aan. We hadden nooit echt het gevoel dat de wagen precies deed wat je zou verwachten. En dan met name tijdens het precieze bochtenwerk of wanneer je per ongeluk een vangrail of een andere wagen aantikt. Wie op zoek is naar een uitdagende racer met realistische physics, hoeft sowieso niet bij The Crew aan te kloppen. Daarvoor neigt het racegevoel teveel naar de arcadekant. Gewoon lekker gas geven, beetje beuken en op tijd wat tegenliggers ontwijken. En die drie dingen lijken in The Crew meer dan voldoende aanwezig.