Voor Battlefield 3-veteranen is er op het eerste gezicht niet veel nieuws onder de zon. Er zijn nog altijd vier klassen: assault, support, recon en engineer. Je strijdt nog altijd met twee teams van 32 man op gigantische maps tegen elkaar. En je neemt in de conquestmodus nog altijd de verschillende punten in. Een bewezen concept verander je niet, dat verbeter je.

Een moeilijke naam voor een simpel idee

Dat doet DICE op een aantal manieren. Allereerst is er levolution. Een moeilijke naam voor een simpel idee: er kan nu nog meer kapot. In de map die wij speelden – Downtown Shanghai – was dit de wolkenkrabber in het midden van de map. Het torenhoge gebouw is van groot tactisch belang; als je het punt bovenop de wolkenkrabber weet te bemachtigen, kan jouw team daar vandaan parachuteren naar de omliggende punten.

Als de tegenstander het punt bezit en zich met hand en tand verzet, dan is het een slimmer idee om gewoon het hele gebouw naar beneden te halen. Door de fundamenten van bouwwerk flink onder vuur te nemen stort het uiteindelijk ter aarde. Het is niet alleen een grafisch spektakel, maar ook verandert het de opzet van de map. In de speelsessie gooide de vernietiging van de wolkenkrabber flink roet in het eten van ons team. Het ene moment hadden we alles onder controle en domineerden we de meeste punten, maar toen het gevaarte eenmaal in puin op de grond lag kreeg de vijand al snel de overhand. Opeens is het middelste punt niet meer zo belangrijk en is het handiger om de hogere gebouwen rondom de andere vlaggen te bezetten.

Maar levolution komt ook nog in een kleinschaligere variant terug. Zo zagen we al tijdens de Electronic Arts-persconferentie dat het wegdek onder een tank verdween door de steunpilaren in het metrostation eronder weg te knallen. Hoeveel meer van dit soort levolution-elementen er in de map zitten viel moeilijk in te schatten in de tijd die we met de game kregen.

Het was wel heel duidelijk dat Battlefield 4 net als zijn voorganger grafisch zijn spierballen toont. Vooral het vele as zorgt ervoor dat je je daadwerkelijk in een afbrokkelend Shanghai waant. Aan het eind van het multiplayerpotje is de ooit zo moderne metropool tot puin gereduceerd. De lucht is van kleur veranderd door al het rondvliegende stof, gebouwen zijn in elkaar gezakt en op meerdere plekken zijn kleine brandjes uitgebroken. Dit is oorlog.

Aye Aye Commander

De tweede grote nieuwe feature is de commandermodus, een modus die eerder al in Battlefield 2 voorkwam – en dus stiekem niet zo nieuw is, maar daardoor niet minder interessant. De commander ziet het speelveld van bovenaf als ware Battlefield 4 een real-time strategiegame. Vanuit dit scherm geeft hij opdrachten mee aan de verschillende squad leaders en zet hij verschillende hulpmiddelen in om zijn troepen uit de brand te helpen. Zo kan hij een UAV of een Tomahawk oproepen om zo de overwinning veilig te stellen. Opdrachten van de commander uitvoeren leveren zowel de commander als de squads extra punten op.

Dat de feature niet altijd even goed uitpakt, blijkt echter tijdens de speelsessie. Zoveel wildvreemde mensen bij elkaar in een team plaatsen, waarvan ook de helft maar wat aankloot is geen goede combinatie voor een succesvol, tactisch potje. Maar als je wel in een team speelt dat de opdrachten van de commander gericht uitvoert, dan kan een goede strateeg het verschil tussen winst en verlies betekenen.

Je kunt ook als commander aan de slag als je niet achter je pc of console zit. Via je tablet kun je een potje joinen om daar als meester-strateeg de lijnen uit te zetten. In hoeverre dit echt goed werkt op een tablet is nog maar de vraag, maar je kunt je tactische kennis ook gewoon tonen op de pc of consoles. En zelfs zonder deze feature is Battlefield 4 een ijzersterke game. Het voert geen wereldschokkende veranderingen door, maar het fundament van de multiplayer is betrouwbaarder dan dat van al die gebouwen in Shanghai.

Dit artikel is geschreven door Ferdi Nelemans.

Al het nieuws live vanuit Los Angeles: Gamer.nl/E3