Nintendo’s hoogte- en dieptepunten zijn altijd toe te schrijven aan één en dezelfde strategie: innovatie. Toen iedereen en zijn fietsende buitenaardse wezen nog games kon uitbrengen op de Atari 2600/5200, was het Nintendo dat met de NES de ongecontroleerde stroom aan parels en strontknikkers eigenhandig een halt toeriep. De Nintendo Seal of Quality, tegenwoordig niet meer dan een leuke bumpersticker, zorgde er als eerste spelkeurmerk voor dat gamen weer begrijpelijk werd voor de doorsnee persoon. En boven alles: altijd garantstaand voor entertainment. De game-industrie had daar na de beruchte videogamecrash behoefte aan. Misschien nog wel belangrijker: de consument was er klaar voor, ook al waren speelgoedwinkels er juist klaar mee.

Revolution

Een kleine dertig jaar later is Entertainment uit de naam van Nintendo’s spelcomputers verdwenen, maar klinkt de boodschap nog altijd door in al zijn producten. De hardware- en softwarefabrikant wordt er vaak van beschuldigd dat het oude successen blijft herkauwen, maar ondertussen heeft het bedrijf continu geïnnoveerd. Het valt alleen niet altijd even goed op, omdat Nintendo pas vernieuwt als de techniek en zijn doelgroep daar klaar voor is. Niet altijd – de Virtual Boy faalde gigantisch – maar het duurde niet voor niets ruim vijftien jaar voordat het een nieuwe poging deed met de brilloze Nintendo 3DS.

De techniek achter Nintendo’s consoles en handhelds wordt ook gedreven door de wens om meer mensen aan het gamen te krijgen. De GameCube deed hier al een gooi naar, via zijn compacte en speelgoedachtige ontwerp, maar moest het toen afleggen tegen de dvd-speler bij uitstek: de PlayStation 2. De toen al gevestigde console van Sony werd een onmisbaar apparaat in de huiskamer, door gamen en films kijken te combineren in één apparaat. In de handheldmarkt trof Nintendo wel goud; lang voordat touchapparaten als tablets en smartphones gemeengoed werden, waren kinderen, ouders en grootouders al driftig met hun pennetje aan het tikken op de DS. De Wii bracht eenzelfde effect teweeg, door het gamen op tv terug te brengen tot simpele handbewegingen, in plaats van een steeds complexer wordende controller.

En daar stond Nintendo dan. Bewegingsgevoelige besturing zit via Kinect op de Xbox 360, dankzij Move op de PlayStation 3 en door gyroscoopfunctionaliteit ook op tablets en telefoons. Om over de touchscreenbesturing nog maar niet te spreken. De innovaties waardoor Nintendo zo populair is geworden bij non-gamers, zijn inmiddels breed overgenomen door concurrenten die dezelfde massa aanspreken. Met apparaten die ook nog kunnen bellen, films af kunnen spelen, muziek kunnen streamen en wat makkelijker in je broekzak passen. Of anders net zo goed in je huiskamer, voor een schappelijkere prijs.

Wederwedloop

Nintendo staat met de 3DS en Wii U voor de vrijwel onmogelijke taak om zijn eerder successen te reproduceren. Hoewel het bedrijf met bijna 100 miljoen verkochte Wii’s en meer dan 150 miljoen DS’en een enorme markt heeft aangeboord, heeft het nu moeite om diezelfde groep weer tot de aanschaf van een Nintendo-product over te halen. De 3DS verkocht zijn, tot nog toe, 22 miljoen exemplaren ietsje sneller dan de Nintendo DS, maar de vlucht van zijn voorganger heeft niet gezorgd voor een grotere lift. De nieuwe handheld lijkt enerzijds veel op de DS en ziet anderzijds de broekzakken van kind en ouder gevuld door hippe telefoons. De Wii U bevindt zich in net zo’n situatie: waarom zouden de ooit zo enthousiaste Wii-eigenaren, waarvan het merendeel misschien zelfs alleen WiiSports gespeeld heeft, het nieuwe apparaat voor minimaal 300 euro in huis halen? Voor de brede entertainmentwaarde? Een Xbox 360 met Kinect of PlayStation 3 met Move zijn goedkoper en hebben al een breed scala aan soorten games, services en apps.

We grijpen weer even terug naar de modus operandi van Nintendo: innoveren wanneer techniek en consument er klaar voor zijn. Met name de Amerikaanse markt (maar ook de Nederlandse) wordt momenteel geteisterd door allerlei diensten en bijbehorende kastjes, bedoeld om entertainment direct naar de huiskamer te brengen. Totdat er één overheersende speler komt bovendrijven, is er voor Nintendo nog wel wat winst te boeken. De Wii U laat mensen gamen, terwijl hun metgezellen, huisgenoten of ouders vrolijk tv kunnen blijven kijken. De Wii U GamePad dient ter gemak ook nog als een soort universele afstandsbediening, die het omslachtige terugbrengt tot simpele handbewegingen. Net als de Wii dat deed, maar deze keer op een touchscreen, zoals op de DS.

One service to rule them all

Het moment komt dat er een partij opstaat die de huiskamer verovert, zoals Apple dat deed met de telefoonmarkt. Een partij die entertainment biedt op een begrijpelijke manier en daarmee de volgende stap zet in de integratie van multimedia. De consument is daar klaar voor, al zijn de versplinterde services dat nog niet. We durven wel al te zeggen dat Nintendo het niet gaat worden. Waarschijnlijk Apple, anders Google. Of wellicht Microsoft, en heel misschien Sony.

"De Wii U en 3DS dreigen tussen wal en schip te vallen"

Nintendo heeft met de Wii U een heel slim apparaat gemaakt, dat zowel kinderen als ouders aan de buis gekluisterd houdt, zij het op twee verschillende schermen. Toch mist de uitgever de connecties om alle entertainmentservices naar zich toe te trekken. Dat is niet in de laatste plaats omdat het anders dan Sony en Microsoft als spellenfabrikant groot is geworden. Die twee kwamen vanuit een veel ruimer speelveld op games uit en zijn daardoor automatisch breder georiënteerd, iets waar Nintendo zichtbaar moeite mee heeft. Het bedrijf probeert met de Wii U wel meer aan te haken, via zijn afstandsbediening en diensten als Netflix, maar heeft veel minder langlopende contacten met zulke partners. Aan de andere kant van het spectrum, op smartphones, heeft het bedrijf wel onlangs zijn eerste app gelanceerd: de Pokédex.

We’re about making games!

Het breder uitzetten van een vlaggenschip als Pokémon, is een logische zet. Nintendo is namelijk ondanks alle hardware-innovatie een softwarebedrijf. De mogelijke toepassingen die het bedrijf bedenkt voor games als Mario, Zelda en Nintendo Land, stuwen de techniek in zijn spelcomputers voort. Kijk maar naar het ontwerp van de Nintendo 64-controller en Mario’s eerste stappen in 3D. Of denk terug aan de manier waarop Miyamoto tijdens de E3 van 2006 de Wii-remote tevoorschijn toverde, alsof hem Links Master Sword zojuist was aangereikt.

De Mario’s en Zelda’s zijn ook gelijk de systemsellers van Nintendo’s spelcomputers. Andere uitgevers schuiven met liefde aan wanneer het bedrijf een nieuwe markt aanboort, maar zij bereiken nooit de aantallen die zulke games halen. Wanneer de gewenste afzetmarkt dan ook nog eens niet de kritieke massa behaalt zoals bij de 3DS, zie je dat het aantal titels dat niet van Nintendo komt direct afneemt. Sony of Microsoft zijn bovendien veel meer gericht op het inschakelen van third party-games om hun systemen aantrekkelijk te maken, waardoor zij minder de verkopen van hun partners kannibaliseren.

De Wii U en 3DS dreigen wat dat betreft tussen wal en schip te vallen. Ontwikkelaars die een paar jaar terug nog voor de DS hadden gekozen, zoeken nu massaal hun heil in de mobiele markt, omdat hun potentiële klantenkring daar veel groter is. Ook zijn zij niet langer veroordeeld tot retailkanalen om het gros van hen aan te spreken. Dit kan nu digitaal en via andere betaalmodellen, zoals freemium. De studio’s die nog vol gaan voor AAA-titels, komen dankzij de focus op technologische voortuitgang al gauw op Microsofts en Sony’s nieuwe spelcomputer uit. Specifiek voor Wii U ontwikkelen wordt dan wederom een kwestie van genoeg afzet, waarvoor het apparaat toch minimaal een paar miljoen meer verkochte exemplaren nodig heeft. Voor de Xbox 720 en PlayStation 4 geldt hetzelfde probleem, maar die worden naar verwachting qua prestaties vergelijkbaar en vormen zo samen een blok.

De uier droogt op

Goed kans dus dat Nintendo het weer grotendeels van zijn eigen games zal moeten hebben. Er is alleen één probleem: het bedrijf moet momenteel twee karren trekken, een handheld en een console, en deze om de zoveel jaar weer vervangen door nieuwere modellen. Aan de line-up van de 3DS en Wii U valt direct af te zien dat Nintendo hiermee worstelt: op het moment dat de software van de ene een opleving krijgt, wordt er bij de ander een tandje teruggeschakeld, en andersom. Dat hoeft geen probleem te zijn, maar wordt het wel zodra er geen third-party line-up is om het gat te vullen. Sowieso is in het huidige gameklimaat de ontwikkeling na release nog niet klaar. Er moet geüpdatet worden en wellicht ook aan DLC worden gewerkt. Als gevolg vindt er voor beide systemen geen constante aanwas van nieuwe Nintendo-klappers plaats. En dat is precies wat het bedrijf nodig heeft, wil het de koning van de software blijven en ondertussen ook nog een markt voor zijn hardware behouden.

Tunnelvisie

Er is gelukkig hoop; het gerucht gaat dat Nintendo zijn interne ontwikkelstudio’s flink uit aan het breiden is, en ze op een centrale plek wil vestigen. Ook zou Miyamoto een stap terug doen om ruimte te geven aan een aantal nieuwe creatieve drijfveren, iets waar hij zelf al geruime tijd indirect op aanstuurt. Zelf zou hij zich weer meer op het maken van (wellicht wat kleinere) games gaan richten. Het zou Nintendo de middelen geven om zijn softwareproductie op te voeren, opdat er geen grote gaten meer vallen in de line-up. Want dat is waar het dertig jaar nog steeds om draait bij het bedrijf: altijd garantstaand voor entertainment, games om precies te zijn. En misschien is Nintendo dan wel de lachende derde, terwijl Microsoft en Sony door Apple of Google weggeconcurreerd zijn in hun strijd om alle multimedia naar zich toe te trekken.

Sowieso, waar hebben we het over? Nintendo staat er van de drie waarschijnlijk nog het beste voor, met Sony dat op vrijwel alle divisies terrein (en geld) verliest en Microsoft dat valt of staat met de ontvangst van Windows 8. Dat we zo ver met onze voorspellingen gaan, is juist omdat er nu nog geen reden tot paniek is. De uitgever trekt al sinds de DS zijn eigen plan en is daarmee de tegenvallende GameCube meer dan te boven gekomen. Ondertussen verkocht Mario Kart Wii meer dan heel Black Ops bij elkaar, harkte het bedrijf miljoenen binnen met DLC voor Fire Emblem: Awakening voor de 3DS (terwijl de game alleen nog maar uit is in Japan) en worden mensen nog steeds laaiend enthousiast van Pokémon. En we weten allemaal dat kinderen de echte zeggenschap hebben over de huiskamer. En over de portemonnee van hun ouders.