Onlangs opende de Evangelische Omroep een brievenbus in Second Life, de gehypte online wereld van Linden Labs. Deze brievenbus kan gebruikt worden om brieven aan God te sturen, in de lijn van het televisieprogramma Brief aan God. De Evangelische Omroep is hiermee de zoveelste organisatie die zich in de virtuele wereld waagt, na bedrijven als ABN Amro en Randstad en gemeentes als Den Haag en Enschede. Maar voor een organisatie met een dergelijke religieuze inslag als de Evangelische Omroep, is de stap naar Second Life des te opvallender. Een wereld maken als die in Second Life zou je kunnen zien als de nieuwste vorm van creationisme, of kortweg: voor God spelen. En dat is iets wat in Christelijke kringen niet zo op prijs wordt gesteld. Levens beëindigen voordat God zélf de stekker eruit trekt, wordt steevast afgekeurd. Net als het morrelen aan bestaand leven overigens, zoals klonen en genetische modificatie. Maar virtueel is blijkbaar toch iets anders dan de werkelijkheid, ondanks dat veel toekomstscenario’s suggereren dat het virtuele de werkelijkheid wel eens kan gaan vervangen. Maar met dat doemscenario nog ver van ons verwijderd, zien de Christenen iets als Second Life misschien eerder als een bevestiging dat creationisme wel degelijk mogelijk is. En dus staan ook de religieuzen te popelen om een plekje binnen Second Life te veroveren. De Evangelische Omroep is daarin niet de enige. Diverse instanties, met name Amerikaanse kerken, hebben al een vestiging in Second Life geopend waar op vaste tijdstippen in de week diensten worden gehouden. Waar het normaal de regel is dat in een fictieve wereld alles binnen die wereld of het gecreëerde universum zelf plaats vindt, overschrijden de kerken in Second Life die regel. De kerken in Second Life aanbidden immers geen virtuele God die alleen in de wereld van Second Life bestaat, ze richten zich tot de God van de échte wereld. Wie Second Life geschapen heeft is namelijk zo klaar als een klontje. En waar we zekerheid over hebben, daar hebben we geen God voor nodig De kerken in Second Life overstijgen dus de virtuele wereld en zijn daardoor niet meer dan een ontmoetingsplaats voor gelijkgezinden uit de echte wereld. Ze zijn op dat moment niet aanwezig als hun Second Life alter ego maar zijn eigenlijk weer zichzelf binnen een virtuele omgeving. Het alter ego zelf, dat louter woonachtig is in de virtuele wereld, heeft geen baat bij een God van een wereld waar hij geen weet van heeft. De veelgehoorde stelling dat verslaafde Second Life-spelers op den duur in een virtuele wereld gaan leven en de echte wereld niet meer nodig hebben, behalve voor eten, drinken en slapen, gaat in dit geval niet op. De behoefte aan religie in Second Life van sommige spelers komt juist voort uit het feit dat die mensen veel tijd in Second Life vertoeven. Religie maakt voor de spelers een belangrijk onderdeel uit van hun identiteit en ze willen dit graag in Second Life voortzetten. Maar daarmee stappen ze eigenlijk uit hun alter ego en leven ze weer even in de realiteit. Een virtuele wereld mag dan veel te bieden hebben, voor het spirituele is er eigenlijk geen plaats. En misschien zal dat wel één van de redenen zijn waarom we ons voorlopig nog niet permanent in virtuele werelden zullen huisvesten. Want een virtuele wereld moet in al onze behoeftes kunnen voldoen en dus ook de religieuze. Pas wanneer we geen weet meer hebben van hoe de wereld tot stand is gekomen en er weer genoeg is om niet te begrijpen, zal er in de virtuele wereld plaats zijn voor religie. Net als dat er in The Matrix religie is, omdat de mensen simpelweg niet weten dat ze in The Matrix zitten. Nog even en we bezoeken virtuele werelden met een virtual reality-bril, sturen onze avatar aan met ons brein en krijgen ons voedsel via een sonde. Ondanks dat alles blijven we echter gewoon de aardse persoon die zich af blijft vragen hoe de aarde is ontstaan en niet de virtuele wereld waarin je verblijft.