Festival of Games doet al een aantal jaren dienst als het Nederlandse alternatief voor de Game Developers Conference, zoals we die kennen uit Keulen of San Francisco. Zo ziet Seth van der Meer het ook. “De achterliggende gedachte voor de start van Festival of Games begon eigenlijk met het idee van een GDC voor Nederland.” In 2005 werd de eerste editie georganiseerd, na de constatering dat er vrij veel animo was voor een dergelijk evenement in Nederland.

“We hebben destijds een middag georganiseerd waarop ontwikkelaars de mogelijkheid hadden hun ervaringen te delen. We hadden toen tevens de allereerste demo van Killzone 2 en Microsoft organiseerde een feest om de release van hun tweede spelconsole te vieren,” aldus van der Meer. Sinds het eerste jaar ziet het evenement een constante groei. Het inspireerde een aantal Nederlandse partijen om samen een bedrijvencentrum op te zetten, de zogeheten Dutch Game Garden. Hierin nemen onder meer de NLGD, ontwikkelaars zoals Ronimo Games en het tijdschrift Control plaats.

De volgende stap was volgens van der Meer de uitbreiding naar een internationaal evenement. “In het buitenland ontstond er zo rond het jaar 2007 ook interesse voor Nederland. Dat was namelijk één van de eerste jaren dat er een Nederlandse game aan de International Games Festival-awards meedeed. Toen zijn we begonnen met het kijken naar de mogelijkheden van internationaliseren, ook omdat we dachten dat het goed zou zijn als er samenwerking zou ontstaan tussen ons en landen als België en Duitsland.”

Een ander geluid

Tegenwoordig richt het festival zich op heel Europa en probeert het “een ander geluid” te laten horen dan wat we kennen van het GDC. “Nederland en omliggende landen zijn erg sterk in mobiele en casual games, wat wel heel anders is dan de grotere landen, die zich nog vooral op de consolemarkt richten [tijdens bijvoorbeeld een GDC],” legt van der Meer uit. “Er zijn meerdere wegen die naar Rome leiden en geld verdienen kan nu ook op andere manieren dan het op de markt zetten van een risicovolle miljoenenproductie. Zeker vijf/zes jaar geleden was dat de gebruikelijke gang van zaken.”

Van der Meer stelt dat Nederland de trend van casual games als eerste aan zag komen. Mede hierdoor is de keuze voor het thema van dit jaar gekozen, ‘gaming everywhere’ om precies te zijn. “De invloed van games en wat hun huidige plek is in de wereld heeft geleid tot deze keuze. Alles wordt tegenwoordig namelijk ontworpen als een spel, van Foursquare tot het dashboard van de nieuwe Toyota Prius.”

Kwaliteit boven kwantiteit

Dat “andere geluid” klonk eerdere bezoekers als muziek in de oren. In de eerste jaren van het festival werd er veel aandacht besteed aan het strikken van zoveel mogelijk sprekers. Tegenwoordig streeft NLGD juist naar kwaliteit bij zijn sprekers, iets wat volgens van der Meer ook de terugkerende bezoekers niet is ontgaan. “Dat men merkt dat het echt anders is dan GDC en dat we erg zorgvuldig zijn in het zoeken en selecteren van de sprekers, daar hechten wij erg veel waarde aan. Terugkerende bezoekers merken op dat de kwaliteit op telkens weer toeneemt.”

Het vinden van geschikte sprekers is geen makkelijke taak, zo laat Van Der Meer weten. Trends komen en gaan en schikken zich natuurlijk niet aan de planning voor het Festival of Games. “Drie kwart jaar van tevoren moeten we gaan bedenken wat over drie kwart jaar interessant is. Dat betekent dat we binnen een hele korte tijd sprekers moeten vinden, die over een half jaar nog steeds een verhaal kunnen vertellen dat ons publiek interessant vindt.”

Niet alleen voor de kennisjager

Gelukkig is het publiek erg divers. Elke aanwezige kan namelijk een andere dag beleven op het Festival of Games. Zo heb je de kennisjager, die zijn tijd besteedt op het congres en van keynote naar keynote sprint om zoveel mogelijk mee te krijgen. Sprekers dit jaar zijn onder andere Dan Winters van Activision, Jurian van der Meer van Endemol Games en Patrick Liu van ontwikkelaar EA DICE. Vertegenwoordig je een bedrijf dat een product wil promoten, of ben je een beginnende ontwikkelaar die op zoek is naar een baan, dan kun je je geluk beproeven op de Expo en Career Fair. Dan is er ook nog Pitch & Match, een ruimte met 35 ‘meeting spaces’ waarin vergaderingen ingepland worden, tussen partijen die willen investeren en personen of bedrijven die wat aan te bieden hebben.

Iedereen kan zijn gezicht dus laten zien op het Festival of Games. De Expo en Career Fair zijn gratis voor bezoekers die zich van tevoren registreren via de website. Bedrijven, aan de andere kant, moeten een paar extra duiten neertellen om zich daar te kunnen vertegenwoordigen. Aan het congres hangt voor de kennisjager dan weer een prijskaartje, al hoeft hij of zij niet zoveel neer te tellen als voor de Game Developers Conference. Heb je de financiële middelen niet om zelf een kaartje te kopen, doe dan mee aan onze prijsvraag, om kans te maken op zo’n felbegeerde congrespas. Wij zijn er in ieder geval bij op 28 en 29 april, en wie weet zien we dan ook jou daar terug.