Het zou de ideale plek kunnen zijn voor een swingende beach party, ware het niet dat er noch verfrissende cocktails, noch inheemse dames in rieten rokjes, noch een woeste branding aanwezig is. Er ligt alleen zand. Zand, zand en nog eens zand, voor zover als het oog kan zien. Hier en daar sjokt een kameel door de duinen heen en op sommige plekken zijn graftombes te vinden, uiteraard omringd en bedolven onder honderden, zoniet duizenden kubieke meters (je hebt het vast al geraden) zand.

Naast zand en kamelen heeft Egypte natuurlijk nog veel meer te bieden. Wat dacht je van de markten van Cairo, de langste rivier ter wereld en een flinke verzameling aan eeuwenoude tempels. Oh ja, en ook nog een sfinx zonder neus, die samen met de piramiden van Gizeh het meest kenmerkende boegbeeld vormt van het Afrikaanse land. De eerste piramide werd zo'n 4500 jaar geleden uit de grond gestampt als grafmonument voor een overleden farao, waarna de volgende heersende generaties hem vrolijk nadeden. Het bouwen van een piramide was voor de koningen van Egypte namelijk de perfecte manier om na hun dood plaats te nemen tussen de sterren en als het ware een eeuwig hemellichaam te worden.

De imposante sfinx van Gizeh, met daarachter een van de piramides.

Ambitieus bouwplan

De opdrachten voor deze enorme geometrische bouwwerken zijn waarschijnlijk gegeven door drie farao's uit de Vierde Dynastie: Cheops, Khafra en Menkaura. Volgens een overlevering van de Griekse wijsgeer Herodotus duurde het bouwen van de Grote Piramide (van Cheops) een slordige 20 jaar. Als je bedenkt dat er voor het construeren van dit 230 meter brede en 146 meter hoge gevaarte rond de 2,3 miljoen stenen en tienduizenden mensen nodig waren, en dit alles plaatsvond in een tijd dat er nog geen moderne hijskranen waren, is dit een prestatie die met het nodige eerbied en ontzag mag worden behandeld.

Helaas heeft niet iedereen even nobele gedachten. De meeste schatten zijn door de eeuwen heen uit de piramiden en tempels weggehaald; gestolen door grafrovers of geplunderd tijdens oorlogen, hun hebzucht aangewakkerd door verhalen over geheime kamers vol kostbaarheden en rijkdommen. Kalief Al-Mamoen maakte in 820 bijvoorbeeld een gat in de piramide van Cheops omdat hij ervan overtuigd was dat er verborgen kennis te vinden was. De excentrieke Britse kolonel, antropoloog en egyptoloog Richard William Howard Vyse (1784-1872) vond het een goed idee om de grafkamer van de piramide van Menkaure open te stellen voor het grote publiek. Op zich een mooi streven, ware het niet dat hij dit met een flinke lading dynamiet wilde bewerkstellingen. Vandaag de dag zijn er nog circa 80 piramiden bewaard gebleven, gebouwd over een tijdsbestek van ongeveer 1000 jaar.

Een neusje, mijn beste

De sfinx van Gizeh bleef in al die jaren ook niet onaangetast. Hoewel lange tijd werd gedacht dat de vermiste neus van het immense beeldhouwwerk het resultaat was van Napoleon's kanonnenvuur, verwijten historische schrijfsels uit de 15e eeuw een vandalistische actie van de fanatieke Sufi Muhammad Sa'im al-Dahr. Toen hij in 1378 enkele boeren offers zag brengen aan de sfinx in de hoop dat hierdoor hun oogst gunstiger zou verlopen, verloor hij zijn zelfbeheersing en botvierde hij zijn woede op de neus van het 'afgodsbeeld.' Ondanks de ruwe behandelingen zijn zowel de piramiden als de sfinx blijven bestaan en trekken ze jaarlijks duizenden reizigers van over de hele wereld naar zich toe.

De sfinx van Khamoon. Zonder piramide, maar wel met een lelievijver!

Door het oog van de Naald

Maar Lara is niet naar Egypte afgereisd om een toeristische trekpleister te bezoeken. En waarom zou ze? De stad Khamoon heeft immers ook een sfinx, een piramide en zelfs een obelisk. Mocht je geen idee hebben wat een obelisk is, maar ooit nog eens voet zetten in Parijs, Londen of New York, kijk dan maar eens goed om je heen. In deze wereldsteden staan namelijk de zogenaamde Naalden van Cleopatra, enorme granieten zuilen die ironisch genoeg niet werden gemaakt door de legendarische koningin. Ze werden oorspronkelijk rond 1450 voor Christus opgericht in de Egyptische stad Heliopolis, onder toeziend oog van Thoetmoses III.

Zo kwam een van Cleopatra's Naalden in Londen aan.

Zo'n 200 jaar later werden er door Ramses II inscripties in aangebracht als aandenken van zijn militaire overwinningen. In het jaar 12 voor Christus werden de obelisken door de Romeinen naar Alexandrië verhuisd waar ze in het Caesarium werden geplaatst, een tempel die door Cleopatra ter ere van Marcus Antonius werd gebouwd. Later werden ze opnieuw getransporteerd; één ging naar Londen als dank voor Lord Nelson's overwinning op de Fransen bij de Slag op de Nijl, de tweede ging naar Parijs in ruil voor een kleine klokkentoren die kapot bleek te zijn en de laatste werd naar New York verscheept in de hoop de handelscontacten tussen Egypte en Amerika te verbeteren.

Parijs, Londen en New York hebben er drie, hier staan er vier!

Maar er is meer in Khamoon dan suffe oude bouwsels; het wemelt er ook van de mummies. Je weet wel, van die gebalsemde en opgedroogde mensenlijken, ingezwachteld met antieke rollen toiletpapier. Alleen zijn deze iets agressiever dan de gemiddelde dode. Maar wat verwacht je ook van wezens die het laatste stuk van de Atlantische Scion moeten bewaken?

Een dal vol dode koningen

Het enige vervelende is dat Khamoon door de eeuwen op zijn zachtst gezegd is veranderd in een enorme zandbak. De verloren stad zou zich ergens in een verborgen kloof in het Dal der Koningen moeten bevinden. Deze vallei, die zich op de westoever van de Nijl, pal tegenover Luxor en Karnak bevindt, is van de 16e tot de 11e eeuw voor Christus omgetoverd van een zanderige woestenij tot een heuse necropolis. Talloze koningen en adellijken werden hier begraven in tombes en mastaba's, de bekendste hiervan is ongetwijfeld die van Toetanchamon.

Het gouden dodenmasker van Toetanchamon.

De beroemdheid van de jonge farao is echter niet te danken aan zijn tijd als heerser, maar aan het zeldzame feit dat zijn tombe nog vrijwel helemaal intact was toen deze in 1922 door archeoloog Howard Carter werd ontdekt. Nadat de mummie van Toetanchamon was onderzocht werd deze op verzoek van Carter teruggelegd in zijn eigen graf. De schatten die hem vergezelden in de tombe, waaronder het wereldberoemde gouden dodenmasker, werden echter ondergebracht in het Egyptische Museum in Cairo.

Feest met de farao's

Overigens werd er in het graf van Toetanchamon nog een aparte ontdekking gedaan, namelijk die van de twee oudste trompetten ter wereld. De muziekinstrumenten, waarvan de een van zilver en de ander van brons was gemaakt, werden verpakt in riet gevonden en zijn versierd met afbeeldingen van Ptah, Amon en Horus. De trompetten hebben geen ventielen, maar door te wisselen van mondposities kunnen de noten C, E en G worden gespeeld. De BBC heeft dit in 1939 uitgeprobeerd, waarbij een modern mondstuk werd gebruikt, maar de zilveren trompet viel tijdens de uitzending uit elkaar en kon met veel pijn en moeite weer worden gerestaureerd.

Hoe dan ook, het lijkt erop dat de farao's van het oude Egypte wel hielden van een muziekaal feestje. Vandaar dat we er Lara stiekum van te verdenken naar Khamoon te zijn gegaan om een swingende party op poten te zetten. Wij zijn benieuwd hoe de mummies het doen op de karaokemachine, maar we hebben maar beperkte tijd om van het schouwspel te genieten. Atlantis wacht immers, en daarmee ook het hoogtepunt van Lara's verjaardag!

"Als ik zeg dat je gaat zingen, dan zing je! Begrepen?"