Vorige week nog, stonden we aan de porten van Syracuse, een vestingsstad van die verwaande Grieken. De Senaat vond dat ze wel een lesje in nederigheid verdienden, nadat ze zo liepen op te scheppen over het feit dat ze de democratie hadden uitgevonden. Met als gevolg dat we daar dus op mochten draven in volle gevechtsuitrusting. De deadline voor de vijandelijke overname was echter zo kort dag, dat die knuppel die achter het toetsenbord zat bij lange na niet voor voldoende manschappen had gezorgd.

Nou lopen wij legionairs niet zo snel weg voor een gevecht, zelfs niet als de tegenstand met meer is, maar dit keer voelden we aan ons water dat dit geen zondagsgevechtje zou worden. En dat merkten we al in de deploymentfase. Meneertje gamenerd vond het namelijk wel een goed idee om de speerwerpers achteraan te zetten. Prima idee hoor, als de vijand tenminste niet op een muur van twintig meter hoog staat, maar laat dat nu net wél het geval zijn. En dat was nog niet eens het ergste, want hij vond het blijkbaar ook nodig een stormram mee te sturen terwijl de Grieken beschikten over vuurpijlen. Blijkbaar had iemand de memo niet gekregen dat stormrammen heel slecht tegen vuur kunnen.

Het zal je daarom vast niet verbazen dat de stormram, nog voordat 'ie bij de poort aankwam, al in lichterlaaie stond. Helaas bleef gamenerdje erg koppig en ging onverwoed door met het brandende vehikel naar voren sturen, waardoor we bijna een compleet cohort aan Hastati kwijtwaren. Nog voordat de strijd goed en wel begonnen was. En ook al zijn de Hastati bedoeld als veredeld kanonnenvoer, als je maar met een handvol soldaten bent, dan telt ieder zwaard en schild. Gelukkig was meneer wel zo slim om materiaal mee te nemen waarmee we een tunnel onder de muur konden graven, anders was het een zeer korte belegering geworden. Een minuutje of wat later stortte daarom dan toch eindelijk een deel van de metershoge muur in, waardoor we alsnog de stad konden binnentrekken. Maar of we daar nou ze blij mee moesten zijn, viel nog te bezien.

Blijkbaar had de man achter de knoppen een bekertje onoverwinnelijkheidsdrank genomen van een niet nader te noemen Gallisch dorpje, want zonder enige schroom stuurde hij één cohort van principes de vestegingsmuur op om daar maarliefst driehonderd zwaarbewapende Griekse soldaten ‘weg te vagen’. We kunnen je vertellen dat we maar al te blij waren om een legionair te zijn en vaak gespaard worden voor de echte aanval, want het cohort principes werd, nog voordat iemand veni vidi vici kon zeggen, terug over de muur gegooid.

Rare jongens die Romeinen

Het mag een geluk heten dat de kunstmatige intelligentie van Rome Total War niet je van het is en die driehonderd Griekse soldaten na hun slachtpartij apathisch op de muur bleven staan, want anders had meneertje gamenerd waarschijnlijk al na vijf minuten de woorden game over op scherm voorbij zien komen. Hoe het ook zij, nadat we de bloedspetters van onze kameraden van de helmen hadden geveegd, kregen we de opdracht om richting het centrum te trekken. Want net zoals in het echt neem je in Rome Total War een stad in als je tweeënhalve minuut jouw vlag op het centrale plein laat wapperen.

Onze vlag ophangen bleek jammer genoeg nog een behoorlijke opgave omdat ons briljante stratateegje het blijkbaar een goed idee vond om het enige groepje hoplites dat we bij hadden niet in een geordende phalanx-formatie op bodyguards van de vijandelijke generaal te sturen. Voor wie het misschien niet weten, de bodyguards van de generaal rijden altijd op paarden en zijn dodelijk als je ze niet met de speer in de aanslag benadert. Toen de splinters ons echter om de oren vlogen stonden we daar, met amper vierhonderd legionares, tegen een overmacht aan cavalerie en nog enkele stadswachten.

Met meer geluk dan wijsheid hebben we de vlag uiteindelijk wel gehesen, maar niet voordat onze eigen generaal gillend en ondersteboven hangend aan zijn paard de stad uitreed en we niet eens genoeg manschappen overhadden voor een partije Romeins voetballen in de zaal. Onze gamenerd mag blij zijn dat hij zo’n uitzonderlijke groep legionaires onder zijn bevel heeft staan, want anders was deze veldslag heel anders afgelopen. Blijkbaar was hij nog een beetje verwend door dat andere RTS-spelletje, Command & Conquer of zoiets, waar realisme en tactisch vernuft wat minder zwaar meetellen. Rome Total War is namelijk geen eitje, het is game die je bij de tactische ballen grijpt en niet meer loslaat tot je weet wat het kost om een leger aan te voeren. En wij legionares kunnen het weten, want wij moeten elke keer weer de gloeiend hete kastanjes uit het vuur halen.