Aan het begin van dit millennium - toen James Bond nog een gladde jongen was en zijn clichés uiterst serieus nam - zaten we na het succes van 007: Goldeneye in een bijna onophoudelijke stroom aan Bond-games. Sommige best aardig (The World is Not Enough, Agent Under Fire), maar een enkele ook niet zo goed (Tomorrow Never Dies). Geen van de games kwam echter bij Goldeneye in de buurt. Tot NightFire dan, het spel dat mij weer middagen en avonden in verhitte multiplayergevechten wist te krijgen.

Drie vrouwen, vijf missies

Het is oudjaarsnacht in Parijs, vuurwerk en lichtshows behangen de donkere hemel en Bond overlegt met Q terwijl hij in een helikopter klaar zit om met een scherpschuttersgeweer de auto’s die Franse undercoveragent Dominique achtervolgen uit te schakelen. Wat volgt is een last-minute reddingsactie via een met guns volgestopte van afstand bestuurde auto waarin je vanuit de eerder genoemde helikopter gedropt wordt, en daarna natuurlijk de bekende woorden: ‘The name is Bond, James Bond’. En dan hebben we het nog niet eens gehad over het glas champagne dat de oude charmeur vervolgens met de net geredde Dominique op het nieuwe jaar proost. NightFire is vanaf de eerste minuut puur Bond, James Bond.

De game heeft geen verhaal dat gebaseerd is op de films, maar dat heeft de makers er niet van weerhouden om alle denkbare clichés uit de kast te halen. Dubbelzinnige opmerkingen, mooie auto’s en een megalomane bad guy die je aan het eind van het spel in de ruimte moet verslaan, zetten de Bond-sfeer perfect neer. En tegen de tijd dat je missie vijf bereikt hebt, heeft Bond al minstens drie vrouwen om zijn vinger gewikkeld. Overigens moet gezegd worden dat James Bond er in de game ook zeer patent uitziet, met een gezicht dat bijzonder goed lijkt op dat van Pierce Brosnan.

Net als in de film

En nu we het toch over de beelden hebben. Ook nu, na een decennium lang compleet murwe geschoten te zijn door het geweld van games als Call of Duty, Gears of War en Halo, oogt NightFire nog behoorlijk fris. Natuurlijk is alles niet zo gedetailleerd en voelen actiescènes soms wat koddig aan; zeker in vergelijking met bijvoorbeeld een Killzone: Shadow Fall. Maar net als de oude Bond-films louter op sfeer de kijker weten mee te trekken in het verhaal, weet ook NightFire aan de hand van plot, leveldesign en aankleding spelers onmiddellijk een goed gevoel te geven. Dit heeft ongetwijfeld ook te maken met de klassieke Bond-muziek die door de speakers wordt gepompt.

BOTS-ing

En hoewel de singleplayer garant staat voor veel plezier, is deze modus wel vrij kort. Niet erg hoor, want ik stak mijn tijd vroeger al vrijwel altijd in de multiplayer. Samen met vrienden en zeker ook met een aantal bots. Want hoe knullig ze soms ook reageerden, de bots van NightFire zorgden altijd voor leven in de brouwerij. En zeker op een hogere moeilijkheidsgraad werd het vaak een waar schietfeest. Dat onze kunstmatige vrienden echter niet de slimste zijn, blijkt wel uit het feit dat ze niet in te zetten zijn in de map Ravine; naar verluid liepen ze anders toch alleen het ravijn maar in. Geen nood, mijn favoriete map was en is Skyrail.

In het fijne sneeuwlevel is het nog steeds constant vluchten voor het vliegende gevaar van Sentinels, samen met een vriend het huisje bewaken alsof het je eigen Zwitserse chaletje is, of als Bond himself sneaky langs de rotsen sluipen om zo het gevecht op te zoeken. En met het gouden aantal van zes spelers (inclusief bots), zijn de gevechten in Skyrail nog steeds een van mijn beste multiplayer-ervaringen ooit.

Voor mij is 007: NightFire dan ook de enige echte opvolger van Goldeneye en staat de game nog steeds fier overeind als console-shooter. Of het nu komt door de arcade-achtige gameplay, de maps die in hun simpelheid verschrikkelijk doeltreffend zijn of door de vele instelbare opties; ik vind het nu nog steeds moeilijk aan te geven. Feit is dat James Bond op de een of andere manier het geheim van de eeuwige jeugd heeft gevonden, wants zelfs na twaalf jaar is NightFire nog steeds een heerlijke game.