Er was eens een oorlog, lang geleden, om een wonderschone vrouw, Helena genaamd. Ze woonde in de Griekse stad Sparta maar was niet erg gelukkig. Toen kwam er een mooie prins naar Sparta, uit de verre stadstaat Troje. Zijn naam was Paris en hij was de jongste zoon van de koning van Troje, die Priamus heette. Paris en Helena werden op slag verliefd, waarna Helena samen met Paris en zijn oudere broer Hector, terugging naar Troje. De koning van Sparta, Menelaus, vond dit natuurlijk niet leuk en wilde dan ook wraak. Samen met zijn broer en een enorm Grieks leger ging naar Troje om zijn vrouw terug te halen. Deze oorlog duurde tien jaar, en uiteindelijk wonnen de Grieken door een list van de slimme Odysseus. Dit is in het kort de Ilias van de bekendste dichter ooit, Homerus. Toen Troje in brand stond, konden een aantal mensen ontsnappen aan de Grieken. Eén van hen was Aeneas, een simpele Trojaanse burger. Hij wist te ontsnappen samen met zijn vader, Anchises en zoon, Ascanius. Na jaren van omzwervingen, langs onder andere Carthago, kwam Aeneas samen met zijn zoon aan in het huidige Italïe.

Een paar eeuwen later waren er twee broers, die in een mandje in een rivier achtergelaten werden. Een wolvin vond de tweeling en bracht ze groot. De tweeling, Romulus en Remus, zouden op 21 april in 753 voor Christus een stad hebben gesticht. Deze stad werd gesticht op zeven heuvels, vlakbij de rivier Tiber. Romulus vermoordde zijn broer echter tijdens een ruzie en zo werd hij de baas van de pas gestichte stad. Romulus en Remus zouden allebei afstammelingen zijn van Aeneas, die een paar eeuwen ervoor naar Italië was gekomen. De stichting van Rome zou dus indirect terug te voeren zijn naar de Trojaanse oorlog.

Romulus en Remus met hun 'moeder'

Rome werd in het begin geleid door een koning. De allereerst koning was Romulus, de afstammeling van Aeneas. Na Romulus zouden er nog zes koningen zijn geweest. In 510 voor Christus had de Romeinse bevolking genoeg van de koningen. De Romeinen besloten de koningen te verjagen en in plaats daarvan zou er een Republiek moeten komen. Aldus geschiedde en de koningen werden opgevolgd door magistraten. Dit waren, gedurende een jaar, de leiders van Rome en ze werden gekozen door de burgers zelf. Bijna vijf eeuwen lang zouden de magistraten, die later consules werden genoemd, de macht hebben over het Romeinse rijk.

Hannibal Barkas

In de vijfde eeuw voor Christus kon het echter nog niet een Rijk genoemd worden. Rome was Rome, met wat gronden om de stad heen voor de landbouw. Vanaf de vierde eeuw voor Christus beginnen de Romeinen echter geleidelijk Italië in te nemen. Deze oorlogen duurden tot 266 voor Christus. Twee jaar later begonnen de Punische oorlogen, waarin Hannibal en zijn olifanten een belangrijke rol speelden. Het lukte Hannibal tot voor de poorten van Rome te komen, alwaar hij zich bedacht en omdraaide. Dit was voor hem de kans om met de Romeinen af te rekenen, wat hij echter naliet. Later werden de Romeinen echter sterker en brandden ze Carthago, de thuisstad van Hannibal, tot de grond af. Ook veroverden ze gebieden als Sicilië, Sardinië, Spanje en Noord-Afrika. In deze tijd worden ook gebieden als Macedonië, Klein-Azië, Zuid-Gallië en Griekenland veroverd. Al deze gebieden worden Romeinse provincies.