Formeel gezien is de next gen periode al begonnen. De Wii kent namelijk al een opvolger in de vorm van de Wii U. Maar dat Nintendo eigenlijk niet meer in één adem genoemd wordt met PlayStation en Xbox heeft het vooral aan zichzelf te danken. De Wii profileerde zichzelf namelijk als een uniek apparaat, dat vooral bestemd was om nieuwe mensen te laten gamen. Het leverde uiteindelijk één van de meest succesvolle consoles aller tijden op, maar Nintendo verloor wel het aanzien van de hardcore gamer.

Innovatie als nieuw sleutelwoord

Het unieke en meest significante onderdeel van de Wii was de controller. De zogeheten Wii-remote (of in het Nederlands: Wii-afstandsbediening) kon bewegingen nauwkeurig registreren en functioneerde tevens als een soort pointer. De mogelijkheden daarvan werden meteen duidelijk na het spelen van een potje tennis in het standaard bijgevoegde Wii Sports. Maar ook launchgames als Red Steel, Twilight Princess en Excite Truck toonden hoe de Wii-remote de ervaring binnen bepaalde genres kon doen veranderen. De uitwerking was dan wel niet altijd perfect, het was in ieder geval innovatief.

Wii controller

Nintendo was ook genoodzaakt te innoveren, want op technisch gebied werd al snel duidelijk dat het niet gelijk stond aan de PlayStation 3 of de Xbox 360. Dat was ook nooit de bedoeling van Nintendo. Het gaf de Wii in eerste instantie een uniek karakter, maar zorgde wel voor een extra moeilijkheidsgraad voor derde partijen. Kort door de bocht gezegd is het externe partijen maar nauwelijks gelukt die moeilijkheidsgraad te overkomen. Ze konden vrijwel nooit tippen aan de kwaliteit die Nintendo zelf haalde en voegden in eerste instantie vaak een geforceerde Wii-achtige besturing toe aan multiplatformtitels. Na een aantal jaren lieten grote uitgevers als EA en Ubisoft het zelfs vrijwel volledig na om hun belangrijkste series uit te brengen op de Wii.

De kunde van Nintendo

Net als op de Gamecube en de Nintendo 64 kwam het dus voornamelijk aan op Nintendo om de kwalitatieve drempel hoog te houden. Mario, Metroid, Zelda en Donkey Kong gaven de Wii een krachtige boost, al was het te weinig om de hardcore gamer te bekoren. De Nintendo-fanaat werd daarnaast weliswaar verwend met een aantal pareltjes, maar niet altijd werd volledig aan de verwachtingen voldaan. Super Mario Galaxy en Skyward Sword staan sterk in het historische assortiment van Nintendo, terwijl Super Smash. Bros: Brawl en Metroid: Other M niet helemaal een kwalitatieve stap vooruit waren. Ook al waren het onder de streep altijd goede games.

Tijdens het opstellen van de 'tien beste games voor de Wii' kwamen we ondanks het algemene gebrek aan goede games toch nog op een aantal verdienstelijke games van derde partijen, met Xenoblade Chronicles als absoluut hoogtepunt. Sowieso kon Nintendo, net als met de Gamecube, nog steeds rekenen op de steun van een aantal prominente Japanse studio's. Denk daarbij bijvoorbeeld aan Sega's No More Heroes, maar ook aan Capcom's Zack & Wiki.

Achteraf blijft het echter de vraag hoeveel profijt hardcore games hebben gehad van de Wii-remote. Los van wat grappige innovatieve toevoegingen, zijn er namelijk bijna geen games geweest die de kracht van de controller wisten te benutten. Zelfs Nintendo week met zijn triple A titels nauwelijks af van traditionele spelmechanieken.

Een verrijking voor de hele familie

In zijn belangrijkste doel, het bereiken van nieuwe gamers, is Nintendo wel met vlagen geslaagd. De Wii bood een toegankelijkere manier van spelen, hetgeen de drempel verlaagde voor families om de console aan te schaffen: het was makkelijkkelijker dan ooit om met je ouders en je kleine zusje te gamen. Tevens was de Wii door games als Mario Party en Mario Kart wederom de ultieme gezelligheidsconsole. Dat is altijd een onmiskenbaar belangrijk kenmerk geweest van vrijwel elke Nintendo-apparaat.

Ook bracht Nintendo een aantal nuttige games en accessoires uit. Wii Fit zorgde met zijn perfect werkende Balance Board bijvoorbeeld voor verrassend leuke spelletjes die tevens een nobel doel hadden. Het zorgde er niet alleen voor dat games op een andere manier gespeeld werden, ook veel revalidatiecentra gingen gebruik maken van het balansbord.

Traditioneel of ouderwets?

Ondanks dat Nintendo er mee weg kwam dat de Wii hardwarematig een vrij ouderwetse console was, blijft het schrijnend hoe knullig ze met multiplayer omgingen. Geen enkele online service wist echt aan te slaan en Nintendo deed er met hun games nauwelijks wat aan om online gaming op de Wii te bevorderen. Tijdens de launch van de Wii was er zelfs geen enkele game met een online multiplayer.

Met Wiiware en de virtual console verrijkte Nintendo het game-aanbod van de Wii, al kreeg de digitale shop nooit dezelfde allure als die op de PlayStation 3 en de Xbox 360. Dat betekende echter niet dat er geen goede games in de shop verschenen. Met World of Goo, Lost Winds en de Bit.Trip-serie kwamer er zelf pareltjes uit die op een creatievere manier gebruik maakte van de Wii-remote dan menig full-priced game. Desondanks werd Wiiware openlijk bekritiseerd om de restrictie dat games niet groter mochten zijn dan 40MB. Onder andere Super Meat Boy verscheen om die reden nooit op de Wii.

Het omschrijft nogmaals perfect de haat-liefde-verhouding die Nintendo had met externe partijen. Degene die ermee om konden gaan waren in staat om creatieve games te maken, terwijl anderen de Wii simpelweg negeerden. Nintendo zal ongetwijfeld niet tevreden geweest zijn met deze vreemde verstandhouding, want voor de zoveelste keer moest Nintendo zijn console bijna volledig zelf voorzien van aansprekende games. De potentie om te innoveren is er weliswaar wel, het is de kunde of de wil van derde partijen die ontbreekt. Dat gold niet alleen voor de Wii, maar geldt nu ook voor de Wii U. De Wii zorgde echter nog voor een ongelooflijk groot financieel succes. De Wii U lijkt dat succes (nog) niet te kunnen bieden.