Het heeft niets voor niets anderhalf jaar geduurd voor Demon’s Souls een Europese release kreeg. Dat het spel ook buiten Azië zijn weg zou vinden, was al helemaal uit den boze ten tijde van het ontwikkelingsproces. Het gebeurde uiteraard wel, en hard ook, maar dat was voornamelijk te danken aan de importgolf die Demon’s Souls teweegbracht. Pas driekwart jaar later kwam er ook daadwerkelijk een Amerikaanse versie en sloeg de titel officieel zijn vleugels uit. Het succesverhaal mogen we echter toeschrijven aan de spelers die Demon’s Souls al veel eerder in het vizier kregen.

Underground

Terugkijkend op de transformatie die Demon’s Souls heeft ondergaan, van nietszeggende game naar obscure publiekslieveling, kunnen we ons bijna niet meer voorstellen dat het ook anders had kunnen lopen. Wel blijft het opmerkelijk dat de kille actie-RPG uiteindelijk zoveel mensen heeft weten aan te spreken, iets wat ook Sony twee jaar terug niet voor mogelijk hield. Zelfs in Azië, waar Sony nota bene zelf als uitgever optrad, verliep de release haast stiekem en was er voor het spel in de winkels lag nog vrijwel niets over bekend.

Een enkele trailer en wat screenshots vormden de enige houvast voor spelers die er meer over wilden weten. Het Japanse publiek dat Demon’s Souls voorafgaand aan de release al mocht proberen, wist er bovendien geen raad mee. Zij dachten dat het om een vroege versie ging en dat de gameplay nog flink zou worden uitgebreid, terwijl de ontwikkeling van het spel op dat moment al bijna was afgerond. Met zo’n eerste indruk en een stilzwijgende lancering leek het daarom onwaarschijnlijk dat Demon’s Souls ooit zijn toch al specifieke doelgroep zou gaan bereiken. Maar toen….gebeurde het tegenovergestelde.


Demon's Souls

Misschien was het juist het obscure imago dat rond de game hing dat ervoor zorgde dat een aantal van zijn spelers het koste wat kost onder de aandacht wilde brengen. Zij schaarden zich achter de game als een productvertegenwoordiger en namen zo een rol op zich die Sony in de aanloop van de release verzuimd had te vervullen. Ook kwamen er een aantal lovende recensies online die Demon’s Souls prezen om zijn genadeloze maar net zo eerlijke moeilijkheidsgraad. Toen daarna aan het licht kwam dat de Aziatische versie gewoon Engelse schermteksten heeft, was het hek helemaal van de dam. De maanden daarna werden gekenmerkt door een voortdurende vraag naar de game bij webshops in Azië die ook naar Europa en Amerika verscheepten.

Genadeloos, zonder de ‘s

Inmiddels zijn we in 2011 aanbeland en hoef je slechts een winkel binnen te lopen om Demon’s Souls te zien liggen. Omdat het zo lang geduurd heeft, duurt het wachten nog maar enkele maanden tot zijn opvolger alweer verkrijgbaar is, deze keer ook voor de Xbox 360. Dark Souls mag dan vrij strikt vasthouden aan wat Demon’s Souls uniek maakte, de zaken staan er deze keer volledig anders voor. Waar zijn voorganger nog met de reikende hand van behulpzame spelers uit de vergetelheid moest worden getrokken, krijgt From Software’s nieuwste titel de volle aandacht.


Dark Souls

De eerste officiële beelden van Dark Souls stellen gelijk gerust, maar ergens ook wel teleur. De omgevingen lijken namelijk rechtstreeks uit Demon’s Souls te zijn overgewaaid en ook de verschillende bazen en vijanden lijken soms te veel op wat er in de vorige game rondliep. Met een vergelijkbare vorm van multiplayer en de ziel nog altijd als ruilmiddel lijkt het qua spelontwerp dan ook vooral een herhalingsoefening te zijn. Is dat erg? Nee, naar alle waarschijnlijkheid deert het geen moment. Spelers van Demon’s Souls zouden het spel niet talloze malen hebben doorlopen als het hen enkel om de nieuwigheid van gebieden en vijanden ging. Het is de diepgaande gameplay die enerzijds strak aanvoelt maar anderzijds volledige vrijheid in speelstijl biedt die je steeds weer terug de spelwereld inzuigt.

Dark Souls kan zich al meer dan genoeg onderscheiden door weer een flink aantal zenuwslopende momenten voor te schotelen. Staat een vijand links om de hoek of rechts bovenop een muurtje, het maakt een wereld van verschil als iedere verkeerde beweging je laatste kan zijn. En dan maakt het eigenlijk niet meer uit dat het qua sfeer erg veel op zijn voorganger lijkt. Een andere positionering van monsters, een afwijkende levelstructuur, het is al genoeg om je op het verkeerde been te zetten en alles wat je van Demon’s Souls geleerd hebt te doen vergeten. Dark Souls lijkt deze fouten weer minstens net zo hard af te straffen en wordt daarmee hopelijk ook net zo bevredigend.