“I-stapps is een stuk gaming-hardware dat bewegend leren motiveert,” legt Robin van Kampen, industrial design-student aan de TU Eindhoven en mede-ontwikkelaar van de i-stapps ons uit. “Beweging stimuleert leren. Tijdens het spelen van spelletjes met onze i-stapps gebruiken kinderen hun zintuigen en motoriek om een bepaald probleem op te lossen. Kinderen leren zo bijvoorbeeld te rekenen op net zo’n manier als dat ze leren te fietsen. De kinderen vinden dat leuker en het is nog gezonder ook!“

Stampen op de vloer

De i-stapps is eigenlijk een controller, maar dan liggen de knoppen verspreid over de vloer. Kleine, gekleurde matjes zijn gekoppeld aan een tablet en door op een matje te drukken (of zoals we de kinderen zien doen; te springen), druk je een bepaalde knop in. De combinatie met de tablet maakt allerlei verschillende soorten spelletjes mogelijk. Zo zien we een spel waarbij heel snel achter elkaar op twee matjes gestampt moet worden, terwijl een derde knop dient als een spring knop. Veel leren de kinderen daar niet van, maar de lach op hun gezichten verraadt dat het een leuke afwisseling is op de sommen en taalproblemen.

In de spelletjes waar wel iets geleerd of geoefend wordt, worden creatieve concepten overtuigend samengevoegd met de leermodule. We zien veel traditionele leergames vaak in de fout gaan door hun spelmechanieken te gebruiken als een externe motivator. Denk aan het simpelweg digitaal maken van reeksen een sommetjes met als beloning een grappige animatie. Door dat soort spelletjes snappen we waarom scholen nog niet overrompeld zijn door games. I-stapps heeft echter goed door dat spel- en leermechanieken tegelijk moeten plaatsvinden en elkaar moeten versterken. “Kinderen moeten intrinsiek gemotiveerd worden om te leren,” voegt Robin van Kampen eraan toe.

Zo zien we een spelletje dat draait om splitsen, een rekenmodule die de kinderen uit groep 3 net geleerd hebben. De tablet toont een getal en twee taarten. Op de ene taart staat een nummer, op de andere staat niks. Het is aan de kinderen om het missende getal te vinden waardoor de splitsing klopt. Daarvoor moeten ze op het matje drukken om kaarsjes te laten verschijnen, waarna ze op de tablet de kaarsjes moeten verdelen. “Kinderen kennen vaak wel de getallen, maar weten niet zo goed wat elk getal nou precies inhoudt. Door dit spelletje krijgen ze inzicht in wat ze nou eigenlijk doen als je 7 splitst in 4 en 3,” aldus van Kampen. De kinderen lijken er goed op te reageren. Zo zien we hoe een jongetje zichzelf aanleert hoe je 12 splits, terwijl ze in de klas nog niet hoger dan 10 gegaan zijn.

De andere spelletjes combineren op eenzelfde manier de combinatie tussen i-stapps en de tablet. In één spel moeten kinderen letters in de juiste volgorde plaatsen en in een ander moeten ze appels vinden door middel van augmented reality. Zo moet een meisje matjes op zo’n manier bij elkaar brengen dat er 19 appels bij elkaar liggen.

Kinderen blij, iedereen blij?

“I-stapps is geen poging om de boeken te vervangen. We zien het als een leuk hulpmiddel. Een leraar kan een bepaald kind er bijvoorbeeld mee laten spelen als hij iets niet snapt of een ander kind juist al wat uitdagendere sommen laten oefenen,” vertelt Robin van Kampen enthousiast. De unieke kracht van games kan de zwaktes van traditioneel leren prima invullen. Zo krijgen kinderen gelijk feedback op hun acties, worden fouten niet afgestraft en worden kinderen intrinsiek gemotiveerd om actief bezig te zijn met school. Ook zien leraren aan de statistieken gelijk hoe een kind er individueel voor staat. Dat maakt het een ideaal leermiddel voor zowel thuis als op de basisschool.

Waarom staan scholen en leraren niet massaal in de rij om dergelijke technieken in hun klas te gebruiken? “Dat ligt aan meerdere dingen. Ten eerste aan geld. Er wordt natuurlijk flink bezuinigd op onderwijs en klassikale lessen zijn al jaren gewoon effectief. Ten tweede wil een leraar controle houden en ten derde moet een leraar voldoen aan bepaalde eisen. Zo moet een leermethode wel passen in een bepaald programma en moeten kinderen gewoon hun toetsen halen,” omschrijft Robin van Kampen de huidige onderwijssfeer. Het is vreemd dat de integratie van nieuwe technieken zo langzaam verloopt, terwijl kinderen wel degelijk baat hebben bij spelend leren. Aan de andere kant moeten we ook niet al te slecht over het huidig onderwijs denken. We zijn zelf ook helemaal niet verkeerd terecht gekomen.

Al met al is de i-stapps een leuk en innovatief product dat op een verantwoorde manier probeert om kinderen bij te staan. Robin van Kampen zit weliswaar nog midden in het onderzoeken van de effectiviteit van de spellen, maar aan de kinderen zal het niet liggen. Achteraf vertellen ze de spelletjes allemaal ‘heel leuk’ te vinden. Hij snapt echter ook dat kinderen niet zomaar iets volledig afkraken: ”Als kinderen iets anders mogen doen dan wat ze normaal in de klas doen, dan zijn ze natuurlijk al snel blij. De lach op hun gezicht tijdens het springen op de matjes en de blijdschap als ze een probleem hebben opgelost vertelt veel meer.”

Bekijk en steun i-stapps op Kickstarter.